MyLife: Oma in Velp


Mijn oma was een vreemde vrouw. Als kind ging ik wel bij haar logeren. Zij stond 's morgens heel vroeg op om cake te bakken. In een enkel geval appeltaart. Alles werd precies afgewogen. Ze bakte cake met ganzeneieren. De lekkerste cake die ik ooit heb gegeten. Zelf at zij er niet van. 


Meestal zat zij op haar troon, ongenaakbaar, te #breien. Met name voor anderen. Ik heb haar nooit iets zelfgebreids zien dragen. 


Het was de oma die je levertraan gaf, je voor 1 half melkwit gesneden naar de miniscuul kleine warme bakker stuurde en direct kocht waarvan je zei "goh dat is leuk". 

Zij luisterde naar "een #schouderklopje-van-Barend" op de radio en las alle rouwadvertenties door. 

Altijd was zij ziek al vanaf haar 18e. Dat uitte zei vooral door continue te hoesten om vervolgens te gaan zitten kokhalzen. 

Zodra zij hiermee begon staakte elk gesprek en vlogen de aanwezigen alle kanten op om haar te voorzien van een glas water en een aspirientje. Die aspirines haalde zij bij de apotheek in potten van een halve of hele liter. 


Behalve #aspirines at mijn oma ook veel drop. Het liefst kleine harde katjes drop. Er stond altijd een pot op achterkamer tafel.

's Avonds na het tandenpoetsen, als ik in bed lag, kwam zij (daarvoor was het bidden op de knieën voor het bed) nog even langs in licht roze doorschijnend nachtgewaad. 

Haar gebit had zij al uit en lag in een glas. Dan had zij de kleine dropjespot (die op haar nachtkastje stond) bij zich. Hierin zaten kokintjes. Zij kwam dan welterusten zeggen met een #dropje.


Mijn oma kon aardig koken. 

Mijn opa vond haar rijstebrij een ware tractatie. 

Haar kookkunsten gingen beduidend achteruit toen zij zoutloos moest eten. Hoe zij zoveel zout binnen kreeg was haar een raadsel. Zij at nauwelijks en snoepte niet en at ook zeker geen chips ed. Toen ik opmerkte dat ze wel drop at keek zij mij aan alsof ik niet goed wijs was. 


De huisgodsdienst was gereformeerd. Zij woonde zo'n beetje tegenover de kerk. Of ze nu echt naar de kerk ging, troost vond in het geloof? Ik vermoed van niet. Na de warme maaltijd werd er een stuk voorgelezen uit de bijbel maar zelf las zij er niet in of voor.

Zij bekeek de kerkgangers op zondagmorgen vanuit de serre. Waaronder haar broer de oplichter die later tegenover "de bedriegertjes" woonde, aldus oma. 

Dat ik wel naar de kerk moest stond buiten kijf. Toen ik eens weigerde en vroeg waarom zij niet ging was haar antwoord: ik ga niet omdat ik moet hoesten. 

Hierop reageerde ik met: een goed christen vindt het beslist niet erg als een mede christen hoest in de kerk. 


Mijn oma had een hulp in de huishouding die vermoedelijk net zo oud was als zij. Het was een lieve oude dame, een stuk kleiner, die zich uit de naad werkte.

Met "de werklui" had mijn oma weinig op. Zij keek op hun neer en als ik mij omkleedde dan moesten de luiken dicht zodat "de werklui" mij niet zagen. 


Soms gingen wij naar de stad. Dan mocht ik kiezen of we met de bus of trolleybus gingen. Het werd steevast de trolleybus. 

Mijn oma droeg bontmantels en zelfs toen zij ze niet meer droeg hingen deze nog steeds in de kast. Met vreemde geplette vosjes rond de kraag. 


Omdat mijn oma van mening was dat iedereen haar kende, moest de goede naam van de familie en het aanzien kostte wat kost hoog gehouden worden. 

Echte vrienden had zij volgens mij niet. 

Tot haar dood aan toe heeft zij in dingen geloofd en zaken verkondigd die beslist niet waar waren. 

Zo beweerde zij o.a. dat een ieder met blauwe ogen homofiel is, zij een miskraam kreeg omdat zij niet in de bus mocht zitten, haar man botkanker gekregen had omdat hij naar Israël ging en ontkende zij elke vorm van mishandeling waarbij zij zelf getuige was. 


Ik heb mijn oma nooit een vriendelijk woord horen zeggen, nooit een compliment horen maken, iemand zien omarmen, troosten of een knuffel of kus zien geven. 

Zij was met name een verbitterde vrouw, die zeker niet dag en nacht zat te klagen, maar haar mondhoeken stonden wel altijd omlaag. 

In de loop der jaren liet zij zich terloops uit over haar teleurstellingen. 

Zij wilde nooit trouwen met een oude man, ze kreeg nooit de zoon die haar man volgens haar had gewild, zij wilde geen kinderen, kon best wel leren maar moest van school , haar moeder belandde in een inrichting, de broer die haar en haar man oplichtte, haar nichtje Judith die bij de Bagwan ging en al het geld van de erfenis daar aan gaf, de scheiding van haar oudste dochter en de eeuwige schande die alles bracht. 


Mijn oma was geboren op 18 januari 1913 in Ede. Zij was de dochter van Gerard en Trijntje.

Zij is op  21 oktober 1937 in Amersfoort getrouwd.


Op deze blog heb ik leuke reacties gekregen van (verre) familieleden die hiermee de stamboom completer konden maken. Meer info is gewoon openbaar op internet te vinden. Net als de grafstenen en info uit GBA gewoon voor iedereen via internet te zien is.

Over oliebollen en appelbeignets

De lekkerste waren van mijn oma zij bakten teilen vol

Soeppan

Oma zocht tante Nel soms op