Wat hebben steekwoorden met steaks te maken?


Inleiding

Als opdracht voor september moesten we een verhaal maken van 10 steekwoorden.
Na eerst bekeken te hebben wat een steekwoord precies is, houdt een vriendengroep een barbecue.
Lees hun belevenissen hieronder.

Wat is eigenlijk een steekwoord?

Zijn dat woorden die steken? Laten we eens kijken.

Ik ontving een envelop. Maakte die open en zag er allerlei dingetjes in en een begeleidend briefje van Vlindertje73: ‘Beste Ed, in deze envelop zitten tien steekwoorden, de opdracht voor september 2016 is om daar een verhaaltje mee te maken. Veel plezier.’

Leuk! Ik stak mijn hand erin en trok hem verschrikt terug, ik bloedde. Zou ik een infectie hebben opgelopen? Het was nog vroeg, dus ik belde de huisarts. Kon gelijk langskomen. De dokter keek en vroeg: ‘Hoe is dit gekomen?’ ‘Ik ben gestoken door een steekwoord.’ Hij: ‘Door een steekwoord? Dat kan niet, woorden steken niet.’ Ik: ‘Oh nee, als u dat denkt bent u een lul.’ Zo, dat woord stak hem duidelijk. Ik: ‘Ziet u nu wel, nu bent u ook gestoken door een woord.’ Het is omdat artsen het leven moeten beschermen, maar anders… zijn blik was dodelijk. Ik kon gelijk een andere huisarts regelen.

Maar nee, hoewel woorden kunnen steken, steken steekwoorden niet. (Zeg dit maar eens 10x achter elkaar!)

Ik wist dat een steekwoord een lemma genoemd werd, maar voor de zekerheid toch het woordenboek maar even geraadpleegd. Een steekwoord is een trefwoord, een lemma, een algemeen karakteriserend woord, bijvoorbeeld een titelwoord in een woordenboek of encyclopedie.

Maar het kan ook een lettergreep onder aan de pagina zijn, namelijk de eerste lettergreep van het eerste woord op de volgende pagina. Wordt vaak in officiële akten gebruikt en heet ook wel een bladwachter of custos of custode. (Een custos/custode is een koster of een conciërge. Dat zijn huisbewaarders.) Een steekwoord is als het ware de bewaarder van de volgende pagina, vandaar bladwachter.  In deze opdracht zijn de steekwoorden geen bladwachters, maar trefwoorden.

De tien steekwoorden zijn alfabetisch: aansteker, fiets, handdoek, horloge, kruispunt , mobiel, paraplu, sleutel, theezakje, zonnebril. De vriendengroep zag geen oplossing en zei: 'Ze kunnen me de bout hachelen.' Bout deed ze aan barbecue denken en plotseling hadden ze de oplossing, ze gingen een barbecue houden.

De vriendengroep

Als vriendengroep noemen we elkaar bij de bijnaam.  De groep bestaat uit traantje, knappie, lollie, dramaatje, pyro, knokkie, dementje en mobiel3. Mijn eigen bijnaam is geheim.

Begonnen als een mannengroep zijn er twee vrouwen bijgekomen. De eerste vrouw in het gezelschap is Trudy, die we traantje noemen, omdat ze altijd moet janken. Zij  is de vriendin van lollie en wil absoluut nooit kinderen. De tweede vrouw is Kaarina, die we knappie noemen. Een heel knappe verschijning, de vriendin van dramaatje.



Loek noemen we lollie omdat hij de lolbroek van het gezelschap is. Martin is een echt maatje, je kunt altijd op hem rekenen maar hij heeft veel gevoel voor drama, daarom noemen we hem dramaatje. Piet heeft als bijnaam pyro want hij wil altijd van alles aansteken. Zelfs als hij ziek is steekt hij ons nog aan. Koos, onze bokser heeft  de bijnaam knokkie.  Is goed met z’n vuisten, maar als het om woorden gaat gooit hij al snel de handdoek in de ring.

Onze demente vriend, waarvan we wegens privacy de naam niet noemen, noemen we dementje. Die heeft geen mobiel want vergeet steeds het wachtwoord, maar wel een fiets en een horloge, waarvan hij soms ook vergeet waar die voor dienen.

Mark noemen we  mobiel3. Hij had een fiets en was dus mobiel. Maar al fietsend zat hij altijd met zijn mobiele telefoon te klooien en omdat hij van wiskunde hield was dit dus 'mobiel  in het kwadraat', mobiel2.  Daarom noemden we hem eerst mobiel2. Maar het werd nog erger, want hij had een date met een oudere vrouw, waarop we direct zeiden: op een oude fiets moet je het leren. Hé, weer een fiets! Dat maakte mobiel-tot-de-derde, korweg mobiel3.

Voordat de gasten komen moet de barbecue aan

Pyro is in z’n hum want hij begint direct de barbecue aan te steken. Het is geen barbecue op houtskool, maar gewoon van takken. Knokkie hakt ze met zijn knuisten in kleine stukjes. Aansteker Pyro steekt het aan met een aansteker en gooit wat olie op het vuur, dat vindt hij leuk.

De gasten arriveren en het feest begint

Al snel komt mobiel3 aangefietst met dementje achterop en blijft zelfs in z’n mobiel kletsen terwijl hij iedereen gedag zegt. Tegen mij zegt ie: ‘Ik zag dementje een paar straten terug. Hij was je adres vergeten, dus ik heb hem maar achterop genomen.’

Hoewel we elkaar al jaren kennen stelde dementje zich aan iedereen voor en wilde van iedereen diens naam weten.

Ah daar heb je lollie en traantje ook. Mooi, iedereen is er,  alleen dramaatje en knappie nog niet.

Even later zag Knokkie hem het eerst en zei: ‘Joh, die kerel met die paraplu, is dat dramaatje niet?’

Verroest, ja, wat moest dat betekenen?

‘Hé dramaatje, de zon schijnt fel, wat moet je nou met een paraplu? Je lijkt de bank wel, die brengt een paraplu als de zon schijnt en komt hem weer halen als het gaat regenen. En waar is knappie?’ ‘Nou,’ zegt dramaatje ‘ het regent bij mij al de hele dag. Knappie is er vandoor en heeft zelfs haar sleutel teruggegeven!’ Daar schrokken we allemaal van. Zijn relatie zat dus in het slop. Hij stond op een kruispunt in zijn leven. En om nu met je paraplu op een kruispunt te gaan staan… We moesten hem dus wat opkikkeren. Dat was de taak van lollie, onze lolbroek. Die kwam aanlopen met een handdoek en zei: ‘Kom dramaatje, je bent zeiknat! En met een handdoek begon hij dramaatje stevig af te drogen en zei: ‘Zo, zet nou je zonnebril op en zeg drie keer aju paraplu.’ Lollie sprak dat zo komisch uit dat we allemaal in de lach schoten. Knokkie deed zowaar ook nog een duit in het zakje en zei: ‘Ik heb laatst ook nog een vent afgedroogd, maar dat ging zonder handdoek.’ Nu moest dramaatje toch ook lachen.

 Maar traantje kon niet lachen en vond het verschrikkelijk voor dramaatje maar natuurlijk ook omdat ze haar vriendin knappie moest missen. Ze deed haar bijnaam eer aan en zat stilletjes te huilen. We zagen haar het theezakje keer op keer door het hete water halen.

Lollie wilde zijn vriendin natuurlijk ook wat opbeuren en zei: ‘Hé traan, ik dacht dat je geen kinderen wilde, maar als je dat zakje zo vaak heen en weer haalt wordt ie wel erg warm…’

Maar ze reageerde niet en bleef verdrietig met het zakje spelen.

Hier werden we allemaal verdrietig van en om ons verdriet te verdrinken rukten we maar wat flesjes open met het bekende medicijn van arts Heineken. Dat hielp. De heerlijke steaks deden de rest. De stemming verbeterde en de barbecue werd nog heel gezellig. Veel geanimeerde gesprekjes waar knokkie overigens nauwelijks aan deelnam, die genoot altijd zonder woorden. Tegen het eind van de avond vroeg mobiel3 aan dementje of ie zijn eigen huis nog wel wist te vinden. Dementje schrok wakker, keek op z’n fiets hoe laat het was, zei half lallend: ‘Oei, ik moet naar huis’ en sprong op z’n horloge… Nu moesten zelfs traantje en dramaatje hard lachen.

Heerlijk! Een barbecue met tien steekwoorden, maar zonder woorden die staken.

Ed Eggink