En toen was ik stil...


Onze wereld verbergt vele bijzondere plekken. Plekken die je aandacht grijpen en je even aan niks anders doen denken. Deze zijn overal te vinden, in verre landen of gewoon in ons eigen land. Eén van mijn meest bijzondere ervaringen met een dergelijke plek is al van flink wat jaren terug, maar ik weet het nog als de dag van gisteren. Het gebeurde tijdens mijn reis door Indonesië.

Na al een aantal weken rondgetrokken te hebben over het eiland Sumatra en Java, was ik inmiddels aardig overloaded met bijzondere ervaringen. Machtige natuur, die je adem doet stokken, prachtige cultuur zonder gelijke, en gastvrije mensen, waar wij nog iets van kunnen leren. (Niets hebben en toch alles delen) Maar wat ik niet wist, was dat de meest bijzondere plek nog moest komen.

Een excursie

We verbleven in een simpel maar net hotel in Jogjakarta, de leukste stad van Java. En wie hier geweest is, weet dat een bezoek aan deze stad altijd gepaard gaat met een bezoek aan de Borobudur, een van de meest indrukwekkende tempels van Indonesië. Het verhaal en de foto’s in de reisgids beloofden een hoop, dus op zoek naar een excursie.

Vanuit ons hotel waren er een aantal opties om de Borobudur te bezoeken, maar degene die mij het meest aansprak was de excursie die ’s ochtends heel vroeg ging. Hopend dat niet veel mensen zich hiervoor zouden inschrijven en we de tempel in alle rust zouden kunnen bekijken. Mooie plekken hebben voor mij altijd een extra lading als er niet te veel toeristen zijn. Geen Japanners die schoonheid alleen ervaren door de lens van hun camera, geen Amerikanen die zich afvragen waarom die oude troep er nog ligt en geen jengelende kinderen, die liever ergens anders zouden zijn (mijn excuses voor het generaliseren, maar je snapt vast wat ik bedoel).

Heel vroeg

We werden om 5 uur gewekt, dat is vroeg, heel vroeg. Al mopperend dat die tempel maar beter de moeite waard moest zijn, stonden we op. Snel ontbijten en hup het busje in, samen met nog 4 andere mensen. In het donker rijdend op de chaotische wegen rond Jogjakarta, was ik al snel mijn gevoel voor richting kwijt. En omdat de nacht wel heel kort was, viel ik in slaap tegen het raam van het busje.

Ik werd gewekt door het getoeter van een vrachtwagen. We waren de stad al uit en het was nog steeds donker. Om me heen zag ik door de ochtendmist de schimmen van het prachtige platteland van Java. Maar met zo weinig licht en zoveel mist was daar helaas weinig van te zien. Na een tijdje begon de lucht in het westen lichter te kleuren, de dag kondigde zich aan.

In dat vroege licht doemde rechts van ons het silhouet van één van de meest actieve vulkanen van het eiland op: de machtige Merapi. Als een alleenheerser torende hij boven de vallei uit, waar ons busje nu met hoge snelheid door heen reed. “We have to hurry”, mompelde de gids toen één van mijn medereizigers vroeg of het zo snel moest allemaal.

De tempel

Opeens sloegen we linksaf en daar in de verte, heel vaag te zien in het vroege licht, zagen we de Borobudur. We racete het parkeerterrein op, waar de gids ons maande snel uit te stappen en hem te volgen. Als een bezetene joeg hij ons over het plein, waar de lokale bevolking bezig was kraampjes op te bouwen om spullen te verkopen aan de honderden toeristen die nog zouden komen. “Hurry, hurry”, riep hij. Aangekomen bij de tempel renden we de trap op. Door de haast en het donker en de mist kreeg ik weinig mee van het gebouw. Waarom moest dit allemaal zo snel?

Maar boven aangekomen werd alles mij duidelijk. Terwijl we nog na stonden te hijgen van de trap, kwam precies de zon op en straalde zijn eerste licht over de met mist bedekte vallei. En daar, in de rode stralen van de ochtendzon, zagen we de stoepa’s van de duizenden jaren oude tempel, de Borobudur. Van ontzag en verbazing vielen mijn medereizigers en ik stil, terwijl onze gids met een tevreden glimlach achter ons stond. Dit was niet de eerste keer dat hij mensen dit moment had laten meemaken. Geen woord werd gezegd, geen foto werd gemaakt. Hoe lang we daar hebben gestaan, weet ik niet, maar de zon was een stuk hoger toen we weer naar beneden liepen om koffie te halen.

Daarna hebben we zeker nog een halve dag de tempel bekeken, gefotografeerd en uiteraard de befaamde Boedha aangeraakt voor good luck. Maar het mooiste was natuurlijk dat ene moment. Dus iedereen die ooit de Borobudur gaat bezoeken, ga zo vroeg mogelijk. Maar vertel dit niet tegen te veel mensen, want anders staat straks iedereen daar voor de zonsopkomst.