De kou van het wezen (vervolgverhaal fles)


Het verhaal gaat nu verder in de diamantmijn in Afrika, daar speelt zich een waar fantasy/horrorverhaal af. Aan deze invulling zal ik een aantal episodes werken. Mogelijk dat daarna weer een ander schrijf genre een plek krijgt.

Wil je graag lezen vanaf het begin, klik dan hier.

Wat gebeurde er gisteren?

https://yoo.rs/b58ef789d4f9dade72f25bb14b4f37d2/blog/taal-een-leger-vervolgverhaal-fles-1584939623.html?Ysid=122391 

#taal#schrijven , #mijn ,#Vervolgverhaal , #mine ,#fles , #zoektocht ,#kooi , #gevaar#overleg , #afrika , #Wezen

 

Terwijl dit allemaal buiten mijn weten om gebeurt zit ik in de mijn en weet ik niet of er een hulpactie op gang komt.

Bas is zich intussen zeer bewust van de risico’s die hij neemt. Zijn diamanten heeft hij verzameld in de bus die ik had gekocht en daar zit ook voldoende materiaal in om in een periode van gevaar lange tijd ondergedoken te blijven. Het is duidelijk, dat Bas straks met zijn mannen en een bus vol waarde een tijd van de aarde wil verdwijnen.

In de mijn zelf wordt het eigenlijk alleen maar drukker. De lift wordt gewoon weer bemand en Bas, maar ook zijn mannen gaan gewoon naar beneden om nog meer diamanten te gaan halen. Een warmtekanon wordt meegenomen om zo de ijzige koude te overwinnen. Alleen Teun en Pieter zijn genezen. Van de goudkoorts dan, hun brandwonden zijn er helaas nog.

Bas heeft mij ook gevraagd mee naar beneden te gaan. Ik denk dat hij in de gaten heeft dan ik verwoede pogingen doe om  buiten te komen, of in ieder geval de buitenwereld te bereiken.

Ik kan er niet onderuit. Met een thermisch pak en daaronder nog verschillende lagen kleding daal ik af in de mijn.

Het is een flinke afdaling, die gangen zijn diep! We lopen nu in de diepe regionen en het is hier inderdaad koud, maar niet in mijn pak. Ik merk dat de warmte door de verschillende lagen mij teveel is. Voor mij zie ik al mannen van Bas met hun jassen open lopen. Ik krijg de neiging dat ook te doen. Links en rechts wordt ik inmiddels al uitgelachen om mijn kleding en andere voorzorgsmaartegelen. (ik heb zelfs een soort plexiglas schild meegenomen omdat ik begreep dat het om een koudestroom ging).

Bijna geef ik mij over aan die neiging en dan voel ik hoe de kou mij grijpt. Ook in mijn pak. De mannen van Bas hebben hun pak inmiddels weer dichtgeritst en rennen links en recht langs mij. Ik heb die snelheid niet. De warmtekanonnen worden op de grond geplaatst en gericht op de koude stroom. Het helpt niet. De kanonnen staan op vol vermogen, maar de koude neemt toe. We zien gewoon de hitte verdampen in de blauw achtige lucht die nu versneld op ons af komt.

Dan dat geluid! “Grrrrrruuhhnnnzãrggggghhhh”

Diep brommend maar toch redelijk duidelijk in verschillende tonen komt het op ons af. De laatste letter harder, dichterbij dan de eerste. Met de kanonnen op vol vermogen staan we als aan de grond genageld te kijken naar wat direct de hoek om zal komen. Een paar mannen weet zich los te rukken uit deze totale verlamming en ze rennen richting de lift. Ik weet dat die zo omhoog zal gaan maar ben niet in staat mijn benen te verplaatsen.

Een dinosaurusachtige verschijning komt de gang in. Zijn adem is kou, ijzige kou. De grond trilt onder mijn voeten bij zijn herhaalde uitspraak: “Grrrrrruuhhnnnzãrggggghhhh”.

Verborgen achter mijn schild kijk ik toe, ik zie hoe zijn indringende ogen strak naar mij kijken Naast mij staat een van de mannen van Bas, de enige nog, de rest heeft zich uit de voeten gemaakt. Ook hij kijkt als versteend naar het wezen.

Als versteend? Nu dringt het pas tot mij door, hij is over zijn gehele lichaam volledig bevroren!

Het wezen kijkt naar onze warmtestralers hij lijkt de warme lucht op te slokken, groeit op zijn ingeademde warmte. Groter, steeds groter wordt hij. De ruimte is gevuld met zijn gestalte.

De adem stokt mij in de keel bij het geluid naast mij. Kan dit gebeuren? Naast mij valt de man van Bas in splinters uiteen.

Het wezen lijkt te schrikken van wat er gebeurt. Weglopen kan niet meer, ik zal hetzelfde lot ondergaan als mijn verstarde lotgenoot.

De adem komt. Ik maak mij zo mogelijk nog kleiner, krimp ineen achter de plexiglas plaat. Dan is de luchtstroom over.


Lees hier verder