Bij het woord croissant denken we gelijk aan Frankrijk, toch komt deze typische lekkernij die wij als de Franse croissant kennen helemaal niet uit Frankrijk. In de dertiende eeuw werd er in Oostenrijk al melding gemaakt van een vergelijkbaar broodje genaamd Kipferl. Het was een broodje in de vorm van een wassende maan dat gemaakt werd van een opgerold lapje brooddeeg.

Toen de zakenman August Zang in Parijs rond 1839 de Boulangerie Viennoise (Weense bakkerij) opende verkocht hij er vooral Viennoiserie (luxebroodjes voor bij het ontbijt of de koffie) waar dus ook de kipferl deel van uitmaakte. Later ging hij het brooddeeg van dit broodje vervangen door een soort gerezen bladerdeeg en de Croissant (Frans voor wassende maan) werd geboren.


Croissant
Croissant

Meneer Zang en zijn Weense Bakkerij te Parijs.

Tegenwoordig vinden we croissants ook gewoon in de supermarkt, maar wist je dat een heerlijke ambachtelijke roomboter croissant maken enorm veel tijd in beslag neemt? Er zijn maar liefst drie dagen nodig om het deeg te maken, te laten rijzen, te bewerken, te vormen, te snijden, te rollen, te bakken en te laten afkoelen. Geen wonder dat de meeste bakkers hun croissantjes of toch zeker hun croissantdeeg dus ook gewoon in de fabriek halen.

Croissant
Loading full article...