×

Yoors


Inloggen
Registreren
×

Yoors










Het buitenbeenbuurvrouwtje, deel 3

Het buitenbeenbuurvrouwtje, deel 3


Facevase noemt zij zichzelf. En in haar profiel omschrijft ze zichzelf als volgt 

 Ik voel me vaak zo eenzaam, het lijkt alsof mijn leven een aaneenschakeling van zwart en wit is, de zwartheid zit in mijn gedachten, het wit is het gapende gat, de blanke leegte tussen mij en degene tegenover mij, wij kijken alle twee naar een ogenschijnlijk mooie witte vaas, maar in werkelijkheid ben ik slechts één van de twee zwarte gezichten, die dat andere gezicht aan staat te staren

Het is een vriendin die ik al enige tijd uit het oog verloren was, ik ken haar alleen maar virtueel. In het begin stoorde ik me wel wat aan haar profielfoto, maar begrijp ook wel dat iedereen er niet van gediend is foto’s van zichzelf te laten zien. Alhoewel een pasfotootje mijns inziens geen kwaad kan, heb ik er bij haar nooit moeilijk over gedaan. Ze kwam altijd zo open en eerlijk over. Dat doet me meer dan uiterlijk vertoon. Het karakter spreekt niet uit een plaatje. 

Haar status geschiedenis is helemaal verwijderd, daar stonden vaak persoonlijke dingen in, blogs schreef ze meer over haar manier van leven, niet over haar dagelijkse bezigheden. Alleen haar laatste berichtje staat er nog. Heel kort, dit maal. 

Hetgaat lang niet goed met me, ik zit veel te veel achter de pc… ben even een paar weekjes van smoelenboek verdwenen… moet afkicken… doei…

Ik moet even wat wegslikken. Met een glas water erbij ga ik als een gestoorde maffeling haar hele profielpagina nakijken en uitpluizen. Alle blogs die ze geschreven heeft lees ik opnieuw. Ze heeft veel en vaak blogs geschreven over huisdieren. De warmte die ze je konden geven, de liefde die je aan dieren kwijt kon, het rustgevende van spinnende snorrende poezen, het kwispelstaarten en de immense trouw van honden.  Hoe ze zelf verlangde naar zo’n kameraadje te hebben, hoe ze verlangde naar de zachtheid en knuffelbaarheid, hoe ze verlangde naar de vriendschap en de wens had om voor zo’n beestje een baasje te kunnen zijn. Dat juist zij, iemand die zo intens verlangt naar dierenliefde, allergisch moest zijn.

Ook al deel ik haar gevoel niet, wel heb ik erg met haar te doen. Als baby en peuter zijnde was ze altijd ziek geweest en de talloze onderzoeken hadden uiteindelijk uitgewezen dat ze een huisdierallergie had. Dat heeft haar moeder uiteindelijk doen besluiten om de dieren weg te doen. Zienderogen was ze toen heel snel beter geworden en sindsdien eigenlijk nooit meer ziek, zwak of misselijk meer geweest. 

Waar en hoe ze precies woont kan ik uit niets opmaken, maar begin langzaamaan te denken dat dit wel eens mijn buurvrouw zou kunnen zijn. Vooral nu ik dat laatste blog van haar voor het eerst vanmiddag lees, over de bijkomende voordelen die het hebben van huisdieren met zich mee kon brengen. 

Had ik een hond, kon ik hem uitlaten, kwam ik misschien andere hondenuitlaters tegen waar ik een praatje mee kon maken, gewoon over de honden. Had ik een poes, kon ik de buurvrouw met vakantie vragen voor mijn poes te zorgen en bracht ik haar bij thuiskomst een bos bloemen als bedankje, konden we gezellig een bakkie doen. Mis dat zo, die contacten met mensen. Heb het zo niet in me zitten om uit mezelf op iemand af te stappen en contact te maken…

Dit is teveel toeval, de afwezigheid op Facebook en de gelijkenis van de prent en de profielfoto, en dan ook nog eens dat verhaal over die huisdieren. Even blijf ik bedroefd zitten, de eerdere gedachten over de buurvrouw, waren onjuist. Dat rare mens, die naar iedereen dacht, met niemand wat te maken wou hebben, is eigenlijk gewoon eenzaam, zit om een praatje verlegen, is contact aan het zoeken, maar weet zich hier geen raad mee, weet niet goed hoe het aan te pakken. Ik schaam me ervoor dat ik me zo had laten meeslepen door de meute. 

Wat moet ik hier nu mee doen? Wat kan ik hier nu mee? Vanaf nu denk ik heel anders over mijn buurvrouw en ik ga wederom als een maffeling tekeer. Ditmaal niet achter de pc om zoveel mogelijk info over haar te vinden, nee, deze keer vanuit mezelf, denkend hoe ik die stap voor haar makkelijker kan maken. Ik wil haar laten zien dat ik haar dankbaar ben dat ze mij nog op tijd de ogen geopend heeft. 

In mijn nopjes dat ik de sleutel nog net op tijd bij me had gestoken en niet achtergelaten had op de tafel, vertrek ik (op klaarlichte dag!)  naar het huis van de buren. Ik pak een foldertje van de buurtsuper van de mat en begroet dit keer de poes grinnikend terwijl hij in mijn gedachten mij bij binnenkomst langs mijn benen loopt te wrijven en me kopjes aan het geven is. Voel me vrolijk worden. Vriendelijk spreek ik tegen het denkbeeldige beestje.

'Je bent me er ook eentje hoor Moppie, geen wonder dat ik je vannacht niet kon vinden, had je me niet even in kunnen fluisteren dat je maar verzonnen was? Dat had mij een hoop nachtelijke onrust kunnen besparen.'  

Ik leg de folder op de tafel en kijk even naar het profiel van de buurvrouw. Een glimlach kan ik niet onderdrukken. Nu weet  ik  wie het is, wie het voor moet stellen en dat geeft me een rustig gevoel. 

Licht moet hier binnen komen, dus trek ik de gordijnen uiteen en zet het raam wijd open, om de bedompte sfeer die hier in huis hing de kans te geven te ontsnappen. Vrolijk neuriënd loop ik naar de bijkeuken, waar ik vannacht het nodige schoonmaakgerei had zien liggen, rommel in keukenkastjes om sopjes te kunnen maken en ga zo aan de slag.

Dit was pas een nuttige tijdsbesteding voor mijn vakantie. De bedomptheid  wegpoetsen, nieuw leven de doodse kamer inblazen. Deze huiskamer omtoveren in een sfeervol geheel. Er staan genoeg dingen in mijn huis die toch niet gebruikt worden en nu ik weet wie mijn buurvrouw is, denk ik te weten dat dit ook haar smaak moet zijn. Ik had het zelf nooit kunnen vermoeden dat ik nog iets moois van het huis van het vrouwtje uit het jaar nul zou willen maken. Het vrouwtje, dat zo vaak schuchter over het paadje achter onze huizen langs schuifelde. Toch besluit ik voor de zekerheid maar even te wachten met de ‘herinrichting’ tot ze terugkomt van vakantie. Het is misschien gezelliger om dat samen te doen. Ze keert in ieder geval terug in een lekker fris ruikend huis. 

Tevreden kijk ik naar het resultaat, snel de ramen nog afsluiten en naar huis om eten klaar te maken. Toen ik de deur uitliep zag ik de buurvrouw van de overkant verbaasd naar me kijken. Even voel ik de neiging om mijn aanwezigheid te verklaren, maar besluit om het toch maar zo te laten, draai mij nog even om en roep luid genoeg dat het mens het zou kunnen horen: 'Tot morgen moppie, was gezellig' Ik trek de deur achter me dicht in het slot en glimlach nog even naar het nieuwsgierige Aagje die mij  met  uitpuilende ogen staat te bekijken. Zo, die heb ik even een rolberoerte bezorgd. 

 Thuisgekomen  zie ik de kapotte vaas nog in de hoek liggen, ik was het incident van afgelopen nacht glad vergeten. Een kort moment denk ik aan de poes die ik op een haar na gemist had. Weet het aan bizar toeval, poezen en vazen. Fluitend ruim ik de scherven op. Niets kan mijn goede humeur en mijn voornemen verpesten.

wordt vervolgd




expand_less

Meest gestemde posts



expand_less

Recente posts



expand_less

Volgers



expand_less

Collecties