Een flesje vol waanzin


De kruiwagen zag er belabberd uit. Een onderstel wat zijn beste tijd gehad had en overliep in roestige handgrepen, een wiel wat amper in staat was om te draaien en lelijke lasnaden in de bak zelf. Wat had mij bezield om dit gedrocht mee te slepen tijdens mijn ontsnappingsvlucht. Of zou de inhoud van wat ik vast hield ervoor kunnen zorgen dat het een glimmend nieuw exemplaar werd? Ik opende mijn hand en keek ernaar.

Het was maar een klein flesje. Heel voorzichtig draaide ik het dopje eraf en liet ik één druppeltje op het oppervlak vallen. Meteen kneep ik mijn ogen dicht, opperste concentratie gecombineerd met waanzin.

-Blij ei, blij ei en veel rijkdom voor mij-

Hele visioenen van gouden kruiwagenwielen trokken aan mijn ogen voorbij. Voorzichtig gluurde ik tussen mijn wimpers door. Had het al effect gehad? Dacht ik wel krachtig genoeg of hadden mijn gedachten aan kracht verloren tijdens mijn jarenlange opsluiting? Het grijze wiel nam niet een ovale vorm aan van een ei, wat moest ik daar ook mee, maar ook niet een gouden kleur die ik stiekem wenste. Ik grinnikte even. Alsof dat me welvarend zou maken. Ovale gouden wielen. Nou ja, wanneer je dat met één druppel zou kunnen bewerkstelligen, zou het wellicht wel wat opleveren als je maar genoeg kruiwagens had.

De gedachte was natuurlijk niet belonend genoeg voor de wereld. De inhoud van het flesje mocht niet op dergelijke manieren misbruikt worden. Mijn eigen krankzinnigheid moest ik naar de achtergrond schuiven. Het nieuwe tijdperkmiddeltje was niet bedoeld voor egoïstische doeleinden. Ik zou mijn horizon moeten verruimen en het inzetten voor zoiets als het klimaat. Maar wat had ik daar nou aan. Wellicht dat de beloning op langere tijd zichtbaar zou worden. Wat zouden druppeltjes van het goedje voor effect hebben als je ze lukraak liet vallen op windmolens, zonnepanelen en biomassacentrales, luchtig denkend aan een schone atmosfeer en beseffen dat een uitgebloeid bloemetje heel natuurlijk is. Dat op diezelfde plaats gerust wat anders welig kan tieren; dat met het uitsterven der dinosauriërs en dodo's de wereld niet is vergaan; dieren en planten nemen andere vormen aan, de natuur evolueert met de tijd mee.

-Klimaatakkoord, klimaatakkoord, gooi het maar rustig overboord- Wanneer je dan de ogen opent zie je de wereld totaal anders. Misschien dat de inhoud van het flesje voor zowel opruiming van alle schadelijke stoffen als verruiming van inzichten van de politiek en de vervuilende mensheid zou kunnen zorgen. Stompzinnige maatregelen zouden overbodig worden. Geen oeverloze discussies tussen zogenaamde betweters. Iedereen zou weer meetellen. Geen klassenverschil, geen discriminatie, geen allesvernietigende virussen, geen oorlog. Een hemel op aarde, een tweede paradijs, zonder listige slangen en verboden vruchten.

Al mijmerend zakte ik even totaal in een utopie. In de verte hoorde ik een hevig geblaf. Ze zochten me. Ze hadden speurhonden ingezet en het hele bos werd uitgekamd. Ik was het helemaal vergeten dat ik een ontsnapte gek was. Wanneer ik niet weer opgesloten wilde worden moest ik op de vlucht slaan. Mijn vrijheid was mijn grootste rijkdom. De kruiwagen kon ik net zo goed laten staan.

Een laatste blik wierp ik erop. Wow, wat was dat? Zag ik dat nou goed? Leed ik niet aan hallucinaties? Een fluorescerende gloed kleurde het wiel klatergoudgeel. Mijn hart nam een sprongetje, optimistisch bloed stroomde door mijn aderen. Yes. Het was misschien niet helemaal gelukt, maar toch op zijn minst een klein beetje. Oefening zou kunst baren. Hoop gloorde. Een klein vreugdedansje kon er nog wel af ware het niet dat ik zo stram en stijf was geworden dat zelfs een huppeltje nog niet teveel was. Het zou onzinnig zijn ook, wat had ik immers aan goud in het gesticht? Vluchten zonder wezenlijke voorsprong was gedoemd om te mislukken. Ze zouden mij binnen de kortste keren inhalen. Mijn lichaamsomvang zou me alleen al enorm vertragen.

In uiterste wanhoop goot ik het flesje leeg in de kruiwagen. Weg was mijn opportunistische voornemen om de wereld van de ondergang te redden. Puur zelfbehoud was het enige dat nog telde. De kruiwagen kraakte, toen ik me er in vleide.

-Geen patat, geen patat, slank zijn wil ik, als een lat-

De eerste speurhond sprong blaffend tegen de kruiwagen op.

'Ha, we zijn haar op het spoor, haar jas hebben we al.'


In exact 712 woorden geschreven

schrijfuitdaging