De zwartrijder


“Zeg, wat moet dat daar?

Zou je even willen inchecken, net als iedereen, zwartrijder?

En zet je mondkapje op, wil je?”

“Doe even normaal ja, waarmee zou ik in moeten checken, en een mondkapje hoeft niet want ik ben buiten!”

“je hebt me de hele weg afgeleid, en nu ook nog een grote mond? Laat me je op zijn minst fatsoenlijk op de foto zetten!”

“Ja, over die weg moeten we het even hebben: kan het wat rustiger de volgende keer? Eerst klap ik met een rotklap op die ruit, vervolgens moet ik me uit alle macht vasthouden, om er niet af te vliegen. Dan sta je ineens stil, en net als ik mijn voelsprieten op orde heb vlieg ik weer bijna van die ruit!”

“Oké, ik geef toe: ik heb er bewondering voor dat je de hele weg bent blijven kleven. Geen idee hoe je dat voor elkaar kreeg, je hebt je zelfs een paar keer omgedraaid. Maar je zat wel irritant in mijn blikveld steeds…. Wie ben je eigenljk?”

“Ik ben een soldaatje, ik moest op expeditie, maar ik vond met jou meerijden makkelijker. Waar zijn we nu eigenlijk?”

“In Amsterdam. Maar mag ik nu een mooie foto van je proberen te maken?”

“Nee, ik ben op geheime missie! Doei!!”

En weg was het soldaatje, of weekschildkever, die zo’n 18 kilometer meereed op mijn voorruit.

Met dank aan Nature freak voor de naam van het beestje!


fantasieverhaaltje
fantasieverhaaltje
fantasieverhaaltje