De erepoort (kerstverhaal)


Na onlangs een bijdrage over 'Eenzaamheid en Kerst' te hebben geplaatst, is het vandaag tijd voor een heus #kerstverhaal . Een verhaal, geschreven n.a.v. mijn periode in een psychotherapeutische gemeenschap. Persoonlijk getint, met daarbij toch ook een heleboel fictie.

Kerstmis op mijn manier

Het is op een koude decemberavond dat ik in de trein naar Haarlem stap. Ik heb mijn wollen sjaal voor mijn mond. Mijn handen zijn verkleumd en ik denk aan de kou die ik vroeger thuis zo vaak voelde. De kerstkaart die ik vanmiddag van mijn ouders kreeg was ontroerend. Ik voel nog de warmte van binnen, maar nog veel meer voel ik de enorme pijn van wat ik al die jaren heb gemist.

Ik heb mijzelf dit jaar voor het eerst getrakteerd op een Kerst die anders is dan anders. Ik doe nu alleen maar waar ik zelf zin in heb. 

Ik heb er het afgelopen jaar hard naar toe gewerkt. Het is een hel geweest, waar ik doorheen moest om hier te komen.

Hebt u een dubbeltje voor de erepoort?

In gedachten ga ik het hele jaar nog maar weer een keer door. Het begon allemaal vorig jaar rond deze tijd in Amsterdam. Ik meende de man met het gebarsten masker in hem te herkennen. Ik weet het nog als de dag van gisteren. Op de Dam hield een oude, morsige man met een klein grijs sikje mij staande en vroeg: “Meneer, mag ik misschien een dubbeltje voor de erepoort?” Ik gaf hem € 0,20, omdat ik niet kleiner had.

Toen ik verder liep, bedacht ik dat ik hiermee mijn ziel probeerde vrij te kopen. Ik had er spijt van dat ik geen aandacht voor deze man had gehad. Juist in de Kersttijd had ik toch beter moeten weten?! 

Ik keek zoekend om me heen, maar de oude man was nergens te vinden.

Ik voelde dat hij mijn masker had gebroken. Mijn leven viel helemaal in gruzelementen. Haast tot zelfmoord aan toe. Haast, want ik vond de veerkracht om op zoek te gaan naar mijzelf. En nu, een jaar later, heb ik mezelf gevonden. Ik weet dat ik meer waard ben dan een afstandelijke gever. Ik luister nu naar wat anderen mij te vertellen hebben en nog meer naar wat zij mij vragen.

Toch weer in mijzelf gekeerd

Ineens hoor ik mijn buurman tegen mij praten. Hij vraagt of ik naar mijn familie ga. Zelf heeft hij geen familie meer, maar hij verveelt zich niet. Hij gaat naar zijn beste vrienden.


Ik kijk door het raam naar buiten en zie in elk huis waar we langsrijden de kerstboom verlicht. De sfeer daarbuiten is zo fijn, denk ik bij mezelf. 

In gedachten neurie ik de liedjes die we in deze weken met het koor zo vaak hebben gezongen. Ze voeren mij in gedachten naar een feest in de hemel. Ik voel de pijn van het gemis nu ik dus juist niet naar mijn familie ga. Het is mijn eigen keuze, maar toch doet het pijn in mijn hart.

Bij het volgende station stapt mijn buurman uit. Ik schrik, vooral van mijzelf. Wat had deze man mij willen vertellen? Ik was weer net zo afwezig en in mezelf gekeerd als vroeger. Zou het dan allemaal voor niets zijn geweest? Dat kan toch niet…?!

Ik raak bijna in paniek, totdat ik ineens in een tijdschrift een foto van een masker zie. Het is een lachende clown, die mij zegt: “Vrees niet, want ik verkondig jou grote blijdschap. Jij bent vandaag opnieuw geboren.” Eerst weet ik absoluut niet wat hij bedoelt.

Dan hoor ik de conducteur omroepen dat het volgende station Zwolle is. Ik zit in de verkeerde trein, maar ineens voel ik dat al mijn gevoelens binnenin mij loskomen en besef ik dat ik nu definitief door de hel heen ben. Wat zullen ze opkijken, als ik zo de deur binnenstap!

De erepoort

Als ik uit de trein stap, zie ik hem op het perron staan. Ik ga naar hem toe en hij vraagt: “Meneer, mag ik misschien een dubbeltje voor de erepoort?”

Ik vraag hem wat hij daar nu eigenlijk mee bedoelt en hij antwoordt: “Meneer, met Kerstmis maak ik altijd een erepoort bij mijn huis. Daarmee nodig ik de armen en de eenzamen uit om binnen te komen. Zo kan iedereen zijn verhaal bij een ander kwijt. En weet u wat mij dan opvalt? Er zijn zoveel mensen die altijd een masker dragen. Pas als je echt goed op iemand let, kun je door het masker heen kijken. Dan zie je de ware mens, die steun en vriendschap nodig heeft. Met mijn erepoort hoop ik een stukje van die vriendschap te kunnen geven. Als u wilt, meneer, dan mag u vanavond ook komen.”

Een tijdje sta ik in dubio, maar dan besluit ik deze uitnodiging aan te nemen. Deze man heeft het afgelopen jaar immers zoveel voor mij betekend. Dan ga ik morgen wel naar huis.

Samen met de oude man koop ik in een doe-het-zelf zaak het hout voor de erepoort.

 ‘s Avonds als de gasten komen, ontvangen we hen samen. Ik luister naar de verhalen van al die eenzame mensen en voel de pijn van al die jaren die ik zelf in eenzaamheid heb geleefd. Ik vertel uitgebreid over mijn eigen leven en over het afgelopen jaar.

Aan het einde van de avond zeggen velen, dat ze blij zijn met mij gesproken te hebben. Ik wens hen toe, dat zij zich volgend jaar – net als ik nu – gelukkig zullen voelen.

Thuis met Kerst

Ik blijf bij de oude man slapen en ga de volgende ochtend naar huis. Ik voel de rillingen door mijn lijf lopen, als ik de achterdeur open. De zenuwen gieren door mijn keel, als ik de huiskamer binnenga.


Mijn ouders zien mij en springen overeind. De tranen staan in hun ogen en ook in de mijne. Ik omhels hen en we delen ons geluk. “We zullen nooit meer zover uit elkaar zijn als het afgelopen jaar”, zeg ik.

En mijn moeder voegt eraan toe: “Dit is pas echt een vrolijk Kerstfeest. Welkom thuis!”

Meer rondom Kerst

Andere verhalen van Flying Eagle

Wil je ook meeschrijven, maar ben je nog geen lid van Yoors?

Meld je dan hier aan…

Beloon de maker en jezelf

Word gratis lid.