Een eindeloze reis naar ergens - Stap 36


U bent ver weg van uw vertrouwde omgeving. Dan verlaat de kracht uw lichaam. Zonder energie bevind u zich nu midden in ergens. Geen steun, geen troost. Overgeleverd aan het onbekende. Op dat moment geeft uw lichaam het op. Het enige waar u van op aan moest kunnen weigert. Het laat u hier zitten, te midden van niets, volledig teruggeworpen op de essentie van uzelf.

Het blijft stil en als ik mijn ogen open staar ik naar een donkere hemel gevuld met sterren. De bewolking is verdwenen en ik baad in het zweet. Ik hap naar adem en voel de benauwdheid langzaamaan uit me verdwijnen. Even moet ik lachen, deels van de zenuwen, deels van het besef dat het een droom was. 

'Het was Numico,‘ zeg ik hardop, terwijl ik opsta om nieuwe takken op de smeulende resten van het vuur te gooien. Als het vuur weer brand ga ik erbij zitten en haal diep adem. Nog steeds ben ik beduusd van de snelheid waarmee ik me door de lucht begaf en de klap, die ik schijnbaar nooit zou maken.

Mijn lichaam is nog moe en voelt slap, in mijn herinnering is het lang geleden dat ik me zo gevoeld heb. Ergens in mijn kindertijd had ik weleens van dit soort momenten, ziek heette dat. Het was iets dat eigenlijk alleen bij jonge kinderen voorkwam. Soms had een volwassene het ook, maar dat kwam bijna nooit voor. Dit was toch geen moment om ziek te worden, daarvoor stond er te veel op het spel.

De vlammen deden het hout knetteren. Om te voorkomen dat de ziek door zou zetten focuste ik mij op de dansende vlammen, om zo in meditatie mijn kern te bereiken. Daar zou ik mezelf sterken, zodat de ziek niet meer invloed op mij kreeg. Koude rillingen trekken door mijn lichaam, om na enige tijd uit te breken in een aanval van koud zweet. Al mijn poriën laten het vocht lopen, als een niet te stoppen stroom verlaat het mijn lichaam. 

Dan trekt het bloed uit mijn gezicht weg, ik voel dat ik het bewustzijn ga verliezen. Ben ik vergiftigd? Door wie of door wat dan? Zou Numico het toch verteld hebben? Zouden ze om mij te straffen de resten van de voorraden vergiftigd hebben? Zouden ze dat...

Mijn ogen gingen maar moeilijk open. Toen ze open waren werden ze direct verblind door een fel licht. Algehele desoriëntatie maakte zich van mij meester. Ik kon me niet herinneren waar ik me bevond en hoe ik er in vredesnaam gekomen was. Met veel inspanning hief ik mijn hoofd op, om de omgeving te verkennen.

Voordat ik goed en wel mijn hoofd opgetild had zakte het weer terug op de harde grond. Mijn hoofd voelde alsof mijn hersens onder de blauwe plekken zaten. Alsof ze bij elke beweging tegen mijn schedel aangeramd werden. Ik sloot mijn ogen en bleef geruime tijd zo liggen, totdat de pijn enigszins was weggeëbd en ik de moed verzameld had om het nogmaals te proberen.

Deze keer ging het iets beter, mede doordat ik deze maal voorbereid was op de pijn. Nadat ik mijn nek opgetild had, kwam ik steunend op mijn armen overeind en keek rond in de dorre woestenij die mij omgaf. De zon stond al hoog aan de hemel, het zou tegen het middaguur moeten zijn.

Gestaag komen de herinneringen aan de vorige dag en met name de vorige nacht weer terug. Ik besef me dat ik een behoorlijke tijd bewusteloos geweest moet zijn. Iets moet mij vergiftigd hebben. Ik ga alles na wat ik gegeten heb, maar niks was nieuw of onbekend. Alles was standaard kost, waar ik me al jaren mee voedde. Toch moet iets mij deze ziek hebben gegeven, alle symptomen wijzen in die richting. Maar met de beste wil van de wereld lukt het me niet mijn vinger op de zieke plek te leggen.

Het leek me zeer onwaarschijnlijk dat de voorraden van ons dorp vergiftigd waren. Dus het was niet het eten.  Een logisch gevolg was dan dat het in het drinken moest zitten, maar het water was meegenomen uit ons deel van de rivier. Dat had, voor zover de verhalen terug gaan, nog nooit iemand meer last bezorgd dan een beetje buikloop. Nou, wat ik dan ook mocht hebben, het was geen buikloop.

Het was vreemd, heel vreemd. Waar vond deze ziek haar oorsprong? 

Terwijl ik wat water verwarmde om het thè ritueel mee te vervangen bedacht ik me dat de enige mogelijkheid moest zijn dat er iets in de lucht zat waar ik niet tegen kon. Maar waarom had ik er nu minder last van dan vannacht. Was de stof eerder deze reis in via mijn luchtwegen in mijn bloedbaan gekomen of was ik langzaam aan resistent aan het worden.

Ga naar deel 37 dit is een dagelijks feuilleton, het verhaal is gebaseerd op regressietherapie, fantasie en levensvragen. Voor het volgende deel klik op hier . Voor een overzicht van alle delen tot nu toe klik hier.

Klik hieronder voor uw mijlpalen:



Beloon de maker en jezelf

Word Yoors lid