×

Yoors


Inloggen
Registreren
×

Yoors










Een eindeloze reis naar ergens - Stap 74

Een eindeloze reis naar ergens - Stap 74


Het einde van de wereld is nabij lezer. Nog één stap verder en u bent van de kaart. Hoe vaak bent u zo dichtbij het einde van uw wereld geweest? Hoe zou u het einde van de wereld zien? De wereld, zoals u die kent, is niks meer dan een atoom in een universum dat alles omvattend is. Bekijk uwzelf en uw wereld eens vanuit dat oogpunt en zie hoe nietig onze aarde, hoe nietig U als mens bent.

(Vanaf nu bevat het intro van elke stap een link in blauw naar een toepasselijk nummer. Een soort mini soundtrack)

Dit groene glooiende landschap streelt het oog en al zorgt het klimmen en dalen voor een wat lager tempo het is de moeite waard. Als we de grootste heuvel in de weide omtrek beklommen hebben is het uitzicht fantastisch. Aan de voet aan de andere zijde licht een groot meer omringd door vele groene heuvels, waarvan de begroeiing, die uit allerlei tinten groen en bruin bestaat,  een enorme beer lijkt weer te geven.

Dit is het einde van mijn kaart denk ik, niemand die ik ooit gesproken heb is verder geweest dan hier. De beer aan het meer. De mannen, die hier geweest waren zijn verder gereisd dan wie dan ook, omdat ze vanaf hier geen dorp of nederzetting zagen besloten ze terug te gaan. Ze besloten via een omtrekkende route naar het zuiden te reizen in de hoop daar nieuwe gemeenschappen te ontdekken. Gemeenschappen die mogelijk kennis bezaten waarmee wij weer geholpen waren. Hierdoor was dit voor ons de rand van de wereld geworden.

"Heren we zijn aan het einde van de wereld," zei ik plechtig. Ze keken me aan alsof ik niet goed bij mijn hoofd was, maar ik doe alsof mijn neus bloed en haal de kaart uit mijn draag zak. Ik ontvouw hem en toon hun de rand in het noorden van de tekening die ik heb gemaakt. De rand waar een meer met een beer en groene heuvels zichtbaar zijn.

" Zien jullie wel hierna houdt het op."

"Dus verder dan hier is nog nooit iemand van onze stam geweest," zegt Numico trots. "Als iemand er geweest is, is hij er nooit van teruggekeerd," zeg ik. Numico's ogen worden groot en met snelle passen daalt hij de heuvel af. Kennelijk wil hij de eerste zijn die deze nieuwe wereld binnen treed.

We bewandelde een pad dat dwars door het bos dat leek op een beer liep. De natuur was hier toch minder vriendelijk dan de omgeving eerder deze dag. Mijn gedachten waren bij het dorp, nog enkele dagen en we zouden in de buurt moeten zitten. Als we het zouden vinden zou dat de eerste confrontatie zijn met mijn nachtmerrieachtige visioenen.

Waarom zocht ik dit dorp dat waarschijnlijk niet meer bestaat. Wat zou ik er nu nog aan sporen kunnen vinden, wat kan het mij vertellen. Twijfels rezen, omdat ik niet meer wist wat mij er toe dreef dit dorp te zoeken. Het was weliswaar het enige aanknopingspunt dat ik had, maar dan nog leek de kans groot dat het geen nieuw licht op de situatie zou schijnen.

Een ijselijk gegil snijdt door mijn botten, ik draai me om, om te zien of er niks met Numico aan de hand is. Hij zou de enige kunnen zijn die zo hoog kan schreeuwen, maar ook hij kijkt verbaasd op en speurt de omgeving af naar de origine van dit geluid. De stammen beperken het zicht, de bladeren en struiken doen hun best om het geheel onmogelijk te maken in de verte te kunnen zien.

Vragend kijkt de jongeman mij aan. Ik haal mijn schouders op en geef aan dat ik door wil lopen: "Waarschijnlijk de doodskreet van een konijn of iets dergelijks," het laatste woord was nog niet uitgesproken of het geluid klinkt weer. "Misschien moeten we toch gaan kijken. Je weet maar nooit," zegt Retsj. Ik knik, we lopen even door over het pad om na enkele meters een smal spoor het westelijk deel van het woud in te zien lopen.

“Hier moet het vandaan komen,” zeg ik en als bewijs klinkt nogmaals de ijzige schreeuw nu dichterbij. We spoedde ons over het smalle pad. Het pad wordt steeds nauwer en lijkt op te gaan houden. Dan verschijnt er vanachter een aantal dikke stammen een houten hut. Het stelt niet veel voor, een simpele blokhut met aan de linkerzijde een houten omheining, die dient om de dieren binnen te houden, een koe en een geit, wat kippen en een lastdier.

“Dat zal je leren stom wicht," buldert een mannenstem gevolgd door een zwiepend geluid dat uiteenspringt in een 'pets.´

"Nee, hou op het was een ongelukje." Klinkt een vrouwen stem. "Jij bent een ongeluk" en weer dat zwiepende geluid, maar dit maal geen pets.

Wat er wel volgt is een knal waarmee de deur van de blokhut open slaat en een jonge vrouw in lompen naar buiten rent. Ze kijkt naar de grond en heeft ons daardoor nog niet gezien. Vervolgens verschijnt er een grote grof gebouwde man in de deuropening.  Hij heeft een lange dunne stok in zijn rechterhand en verstijft wanneer hij ons daar ziet staan.

De vrouw rent zonder te kijken, Retsj steekt zijn armen naar voren om haar op te vangen. Ze zou anders zichzelf tegen de reus ondersteboven gelopen hebben. De jonge vrouw schrikt van de armen en gilt opnieuw, dan kijkt ze omhoog, langs de enorme borstkas, in het ene oog van Retsj.

Ga naar deel 75 van dit dagelijkse feuilleton. Het verhaal is gebasseerd op regressietherapie, fantasie en levensvragen. Voor het volgende deel klik hier. Voor een overzicht van alle delen tot nu toe klik hier.

help


Beloon de maker en jezelf

Word Yoors lid




expand_less

Meest gestemde posts



expand_less

Recente posts



expand_less

Volgers



expand_less

Collecties