×

Yoors


Inloggen
×

Yoors












#

0 volgers
notifications_noneadd
Perial: Gevangene van een Duivels Dilemma - Deel 10

Perial: Gevangene van een Duivels Dilemma - Deel 10


(Een goed plan kost jaren, een plan als dit eeuwen. Niet dat tijd voor types als ik gelijk is aan het menselijke begrip tijd, toch begin ik ongeduldig te worden. Wie weet wat ´Hij´ weet, laat staan dat Mundi de gehoornde een idee heeft van wat zijn protegé van plan is.  Op aarde hebben mijn kinderen hun posities zo goed als ingenomen. Het zal snel tijd zijn voor het laatste oordeel.)

Beginnen bij deel één klik hier

December 275 mens jaren later.

Allen hebben ze geleefd in de plek waar ik een eeuwen geleden ´gedanst´ heb met een oude en verbeten vrouw. Velen tegelijk zonder elkaar ook maar te kunnen zien verdeeld over dimensies. Zij groeide, diep in mij gloeiden hun ziel sterk en weerbaar gevuld met wijsheid, die elke angst doet buigen. Ten tijden van het sterven gaat hun ziel een verbintenis aan met een levende versie van mijn geest en bloed. Zo versnelt elke dood de ontwikkeling van elk volgend leven. Om mijn leger zo snel mogelijk op een onmenselijke sterkte te hebben.

Voor mij verschijnt de oude jonge vrouw, het teken dat haar rol vervuld is. In de verste uithoek van kosmos openen de oude ogen mijn ogen. Haar rol is ten einde, dit is het laatste teken. De kennisgeving van mijn aanwezigheid zal vannacht geschieden. De tijd is daar, vannacht zullen ze mijn naam kennen, de strijd zal kort zijn. De wereld zo goed als in handen van mijn kroost, wiens gedachten en genetica al decennia onbewust voorbereid is op de nieuwe overtuiging. De kinderen zullen opstaan en het volk zal haar meesters volgen. Het verlies van hun geloof moet voldoende zijn  om ‘Hem’ te verzwakken. Waarna mijn nazaten mij steunen in een strijd die nimmer meer zal worden gestreden.

Te midden van melkwegen ontstaat een witte kolkende massa. Het vormt zich langzaam tot een herkenbare, beschrijfbare vorm. Enorme stralende kristallen deuren, verblindend voor hen die ogen bezitten. Goddelijke manifestatie van energie in vaste vorm. Het eerste teken dat Hij nog immer is. Ik betreed zijn domein, nu pas zichtbaar nu mijn kracht op haar hoogtepunt komt. Tegelijk zal hij verzwakken. 

Zonder moeite openen de portalen, ongewild voelt het alsof ik een heilige plek betreed, terwijl dit toch mijn strijdtoneel is. Nog steeds voel ik m’n krachten zwellen. Elk gebed, elke daad gepleegd in mijn naam versterkt mijn positie. Terwijl hij enkel kan verzwakken door zijn groeiend gebrek aan groupies. Omgeven  door kristal in onmogelijke kleuren wit, verlicht door alles wat hij voorstaat besef ik pas waarom  ze hem dienen. Hij houdt ons allen te samen. Geeft en neemt om de verbinding constant te houden. Hij schept de illusie van liefde en warmte  enkel om de mens liefde te leren kennen. Dan neemt Hij of laat hij nemen door lieden zoals ik, opdat het ´Hem niet verweten wordt.  

Alles ter zijner glorie dat hebben ze geschapen. Ze schiepen een wezen dat enkel nog gelooft dat Hij goed is. De gelijke, naar wie ze geschapen waren, werd verheven tot een onwerkelijk voorbeeld. Waardoor het menselijk zijn, dat geen goed en kwaad zou moeten onderscheiden, verziekt werd.

Wat moet het simpel geweest zijn, wetende dat elk verbod het verlangen tot het uiterste drijft. Een appel, veel originelers was er toen niet nodig de mensheid voorgoed aan zich te binden. Hij greep de macht met de appel, die hij niet  eens zelf gaf. Nee, want hem treft geen blaam, maar die slang had ´Hij´ in zijn alwetendheid vast niet voorzien.

Het kwam ook niet goed uit de mens te verjagen uit de enige plek waar hij thuis hoort. Maar Zijn knapste staaltje is  toch wel de mens vervuld houden van de wens terug te keren naar deze sereenheid. Zodat zij vertrouwen blijven houden in diegene die hen de kans te leven in Eden heeft ontnomen.

Te midden van de massief kristallen zuilen ligt het grote boek, niet zoals het boek der engelen gelijkend aardse werken. Het boek bestaat uit een helder blauw verlichte bol, de bol bevindt zich zwevend boven een kristallen pilaar te midden van dit domein. De ruimte lijkt nergens op te houden.

Ik neem de omvang van dit kristallen spiegelpaleis in me op. De kracht die de zielen op aarde ten toon zullen spreiden zal mij doen groeien tot even magnifieke grote. Nochtans is het enkel de weerspiegeling van mijn reflectie die de ruimte vult, noch---thans.

De blauwe bol begint te groeien, een scala aan kleuren trekt door de ruimte en omsluiert de  bol. De kleuren raken verwikkeld in een wervelwind, met de bol nog steeds als stralend middelpunt, het oog van de orkaan.

Op aarde reizen handen ten hemel. Midden op de dag kleurt de zon rood, de maan is zichtbaar. Een scherpe sikkel, die de zon naar het leven staat. Massaal volgen ze. Mijn kinderen, allen openen ze hun hart voor de verlosser. Hij die wel moest komen, hij die al zolang in stilte gepredikt is. Hij wiens kroning al eeuwen geleden begonnen is.

De mens is de onmogelijke god voorbijgestreefd, herkent zich niet meer in zijn goedheid. Zijn ondoorzichtig mystiek beleid, zijn teruggetrokken houding ten aanzien van zijn kinderen. Hoe kun je in zo’n onmenselijk ideologie geloven. Hoe moet je je  meten met zijn, door zogenaamde wijzen, opgelegde goedheid en barmhartigheid.  Nee in den beginnen was hij niet goed, of barmhartig het was een machtswellusteling, een doortrapt genie.

Hij wist alle andere goden te overbluffen. Hij hield zich niet aan het verbond der goden. Een verbond dat ruimte liet voor het aanbidden van meerdere goden. Door dwang en overredingskracht maakte hij zijn gelovige duidelijk dat hij de enige ware god was. Dat de mensheid door middel van  bloedvergieten hiervan doordrongen moest raken was bijzaak.

Zijn queeste was gebaseerd op de vernietiging van de rest van de ‘goden’. Het bloed van zijn zogenaamde zoon mocht vloeien in het verzekeren van die positie.

Nadeel van dit idee was dat zijn volgelingen, in hun overtuiging zoveel mogelijk zielen te winnen voor hun heer, voorbij gingen aan zijn mindere kanten en enkel schoonheid predikte. Dit had tot gevolg dat Hij zichzelf niet meer was, maar moest zijn wat van hem verwacht werd.

Al eeuwen draagt hij de vloek van zijn eigen verovering. In al zijn goedheid moest hij uiteindelijk zelfs heidenen en andere goden rondom hem dulden. Dat was de druppel die hem zijn creatie de rug toe deed keren.

Next Step  >>

<< Previous Step

<< Begin vanaf deel 1