Hobo op zolder


Mijn grootmoeder was een sterke vrouw, nauwelijks vatbaar voor verkoudheden, griep of ander veelvoorkomend ongemak. Een dergelijk tranendal werd haar elk jaar opnieuw bespaard. Het hele gezin mocht dan hoestend en proestend, koortsig  en met enge bloedwaardes in bed liggen te dromen, zij beredderde op onnavolgbare wijze het huishouden en nam de zorg voor alle zieken er op haar gemakje bij.

Mijn grootmoeder had een voorliefde voor lavendel. Niet alleen de tuin stond er vol mee, ook binnenhuis waren overal gedroogde lavendelbloemetjes te vinden. 'Dat geeft zo'n heerlijke sfeer,' zei ze altijd, 'en bovendien blijf ik er gezond bij.' We konden er niets tegenin brengen.

Toch heeft ook zij het in haar leven niet altijd gemakkelijk gehad. In het kleine dorpje waar ze woonde ontbraken veel noodzakelijke winkels en dus stapte ze wekelijks een aantal keer op haar fiets voor een expeditie naar de dichtstbijzijnde stad. Toch elke keer een trap van zo'n tien kilometer, en ook weer terug natuurlijk. Een regen- en windscherm moest de meest nare weersinvloeden temperen, maar ze kwam dan toch vaak drijfnat weer thuis. 

Het was geweldig om haar aan het werk te zien in de keuken. Een vijfsterrenrestaurant zou haar beslist in dienst genomen willen hebben willen, als ze maar van haar bestaan geweten hadden. Met bloem, kruiden en natuurlijk een klontje diamant toverde ze de heerlijkste gerechten op tafel. De keuken zelf was niet groot, maar wel hoog. Dat betekende dat oma regelmatig op een keukentrapje klom om bijvoorbeeld een blikje anijs of zoiets uit de al even hoge kasten te plukken. We konden waarschuwen wat we wilden, heel veilig zag dat trapje er niet uit, ze draaide daar haar hand niet voor om.

Mijn grootvader, hoewel hij dol op haar was, had nogal eens de neiging om haar opdrachten te geven, als de koffie niet snel genoeg kwam.  Haar antwoord was altijd helder: 'Ik ben je hondje niet, apporteren doe ik niet. Haal het zelf maar!' En jawel, uiteindelijk was het dan opa die de koffie ging halen.

Het is alweer lang geleden, mijn grootouders leven al lang niet meer. Het was een treurig moment toen hun huis leeggehaald moest worden. Je sluit een dierbare periode van je leven af, het voelt als een deur die nooit meer open kan. Tijdens het opruimen kwamen we nog wel wat bijzondere dingen tegen. Op zolder vonden we allerlei dozen, gevuld met oude troep. Gordijnen, dekens, vergeten herinneringen.

Dat laatste gold zeker ook voor de laatste doos die we vonden, achter het houten schot. Een vreemde plek, alsof deze doos met opzet gescheiden werd gehouden van de overige herinneringen. Natuurlijk hebben we de doos geopend. Tot onze verrassing vonden we een koffer met een muziekinstrument, een hobo. Er lag een landkaart naast, waarop allerlei aangestreepte plaatsnamen hun eigen verhaal vertelden over een muzikale reis uit een lang vervlogen verleden.


(c)2018 Hans van Gemert

Afbeelding: Pixabay

Dit (fictieve) verhaal past in de schrijfuitdaging van Schrijvelarij (FB), met de opdracht om tien steekwoorden te verwerken (hobo, landkaart, windscherm, keukentrap, droom, bloedwaarde, apport, lavendel, diamant, tranendal). En natuurlijk past het ook in deze: 

Schrijfuitdaging november 2018

Doe ook mee, lees hier hoe je dat doet: