Kom maar in mijn web …


Het oude winkelpand

Een verhaal dat hiermee samenhangt...

De sleutel brandt in mijn zak. Niemand heeft gemerkt dat ik hem heb weggenomen. Het is ideaal, het betekent een plekje voor mezelf, een plekje waar ik ongestoord mezelf kan zijn, met wie ik ook maar wil. En kan doen wat ik wil. En ook dát is een voordeel.

Voor vandaag heb ik voor mezelf een bijzondere verrassing op het programma gezet. Niet alleen voor mezelf, trouwens. Eindelijk, eindelijk!

Achter de tralies is het matglas van het kleine raampje in de achterdeur heel gebleven, op enkele barsten na. De achterdeur piept en kraakt als ik hem open. Ik kijk snel om me heen, wurm mezelf naar binnen en trek de deur zorgvuldig dicht. Die achterdeur is mijn geheim, dat wil ik graag zo houden.

Als ik om me heen kijk zie ik overal stof. Elke beweging doet iets ervan opdwarrelen, brengt iets ervan in de atmosfeer. Alles doet denken aan oude tijden. In mijn fantasie zie ik langs de wanden brandende fakkels. Onwillekeurig voel ik in mijn broekzak of ik een doosje lucifers bij me heb. Niet dus. Het is niet belangrijk, fakkels heb ik toch ook niet.  

Zorgvuldig leg ik enkele attributen in de kale winkelruimte om het allemaal wat overtuigender te laten lijken. Met plastic handschoentjes vis ik het tafelkleedje dat ik op de stort had gevonden uit de tas en drapeer het voorzichtig over de restanten van de tafel. Er komt een zurige lucht van het ding af, een soort van verlopen yoghurt-damp. Smerig, maar het zorgt dat het allemaal wel echter is. Sfeer is belangrijk, het maakt mensen alert – of juist niet.

Tevreden kijk ik om me heen. Het is ideaal. Ik voel de grijns op mijn gezicht als ik naar het schermpje van mijn telefoon kijk om de tijd te raadplegen. Een kwartier nog, waarschijnlijk minder. Hij komt altijd te vroeg opdagen. Terwijl ik voorzichtig loop om het stof op de vloer niet teveel in beweging te brengen ga ik naar het achterste vertrek. Door een kiertje kan ik zien wat er gebeurt. Het duurt inderdaad niet lang, hij is keurig op tijd. Ik zie hem schattend om zich heen kijken. Een enkel lichtstraaltje valt toevallig op dat gezicht met die eeuwige tandpastagrijns. 

Langzaam komt hij dichterbij. Heel langzaam. Maar het is geen probleem. Ik kan wachten, ik ben er klaar voor. Met de schaar in de aanslag wacht ik tot hij hier binnen komt. En dat moment is bijna daar. Even later leg ik mijn hand zwaar op zijn schouder. ‘Sta stil, niet verder lopen!’


(c) 2018 Hans van Gemert

Afbeelding: pixabay

Een #verhaal dat geschreven is in deze uitdaging:

Voorbereidend gegriezel

het volgende deel....

Mijn andere invullingen van deze schrijfuitdaging:

Word lid en beloon de maker en jezelf!