Oom Frits en tante Coby op de valreep


Wat een rijkdom, om heerlijk rustig in je luie stoel een boekje te kunnen lezen. Glaasje water (of zoiets) naast me, knabbeltje ernaast, en een heerlijk ontspannen, feestelijk gevoel. Het was echt een rustige avond, tot het moment dat de buitenbel werd ingedrukt. Geen kort en beschaafd belletje, maar langdurig, aanhoudend en tamelijk doordringend. Het was duidelijk dat de beller mij echt eventjes wenste te spreken, en al even duidelijk dat ik daar zelf enorm het land aan had. Voor zover ik wist had ik geen pizza besteld, dus als dit een pizzabezorger zou zijn kon hij rekenen op een in zijn gezicht gedeponeerde pizzadoos, geopend, wel te verstaan. Met een zucht legde ik mijn leesboek neer, haalde mijn leesbril van mijn neus en stopte het ding terug in het etuitje (de brillenkoker is al tijden van het toneel verdwenen).

Voor ik goed en wel was opgestaan werd er nogmaals stevig aangebeld en al snel verscheen er een gezicht voor het venster. Oom Frits. Een tweede gedaante doemde achter hem op. Tante Coby. En eerlijk gezegd, heel feestelijk keken ze niet.

Natuurlijk ben ik altijd blij als ik hen zie, maar waarom nu juist vandaag? Bovendien had ik het zand in mijn persoonlijk stukje natuur vlak voor het venster netjes aangeharkt en gezien het persoonlijk gewicht dat nu voor het venster stond was het wel duidelijk dat ik met dat harken wel opnieuw zou kunnen beginnen. Sommige dingen laat je merken, sommige dingen houd je lekker voor jezelf. Breed glimlachend opende ik de deur.

'Oom, tante, dat is een leuke verrassing! Kom er in! Een lekker glaasje water?'

Die uitnodiging was enkel voor de vorm, want ze stonden al binnen.

'Water? Doe maar een flinke borrel en neem er zelf ook maar eentje! We komen eens een hartig woordje met je spreken!'

Dat beloofde wat!

In een poging de stemming net iets feestelijker te krijgen zette ik snel de nodige flessen en glazen op tafel en trok enkele zakken chips open. Gewone, maar ook van die lange op gekleurde rupsjes lijkende dingen.

Toen keek ik oom en tante verwachtingsvol aan.

'Het zit zo,' barste oom Frits los, 'weet jij dat we nu al twee maanden wachten? Twee maanden!'

'Hoezo?' Soms ben ik heel snel van begrip, maar er zijn ook dagen zoals vandaag.

'Al twee maanden schrijf je geen woord over ons! Helemaal niks! Hoe zit dat?'

Ik voelde hoe ik rood werd en stamelde enkele zwakke excuses. Natuurlijk beloofde ik beterschap, want ik kan oom en tante niet missen!


(c)2019 Hans van Gemert

Afbeelding: Pixabay


Deze episode uit het leven van oom Frits en tante Coby (en van mij) past precies drie keer in de 140-woorden-uitdaging van FrutselenindeMarge (aug. 2019), maar ook in de steekwoorden-schrijfuitdaging van aug. 2019