×

Yoors


Inloggen
Registreren
×

Yoors










Alles rood

Alles rood


Er was eens een meisje dat Liesje heette. Zij vond rood de mooiste kleur van allemaal. Liefst van al droeg Liesje rode kleren. In haar kast lagen rode t-shirts, rode truien en natuurlijk ook leuke rode rokjes en broeken. Zelfs de sokken van Liesje waren rood. Mama probeerde af en toe iets anders voor het meisje te kopen. Laatst kwam mama thuis met een prachtige groene jas. Maar Liesje zei: ‘Nee mama, ik wil enkel een rode jas dragen.’ De mama van Liesje werd er soms zelfs een beetje droevig van.

Op een zaterdag zei Liesje dat ze niet langer in haar kamer wou slapen. Daar waren veel te veel verschillende kleuren, daar kon Liesje niet tegen. Dus verfde haar papa alle muren rood en ook de deur van de slaapkamer van Liesje kreeg een nieuw laagje verf.
‘Zo, lieve meid,’ zei papa, ‘nu ben je vast heel erg blij met je rode kamer.’
Maar Liesje was helemaal niet blij. Met boze ogen keek ze naar haar papa. Ze zette koppig haar handen in haar zij en sprak: ‘Mijn bed is niet rood, de kasten zijn nog bruin en de lakens zijn te wit.’ Dus ging papa naar de winkel om nog meer verf te kopen. Mama zocht ondertussen de hele stad af naar rode lakens. Zo konden ze er toch voor zorgen dat Liesje toch in haar bed wou slapen, blij met haar kamer die helemaal omgetoverd werd in een rode kleur.

De volgende maandag stond Liesje klaar om naar school te gaan. Ze trok haar rode jas aan, nam haar rode boekentas in de hand en zette haar nieuwe rode muts op. In haar rode pennenzak zaten enkel rode balpennen en rode stiften. Liesje was de enige in de hele klas die van meester Dirk met een rode balpen mocht schrijven. Alle andere kinderen schreven in het blauw.
‘Een rode pen is voor de meesters en de juffen,’ zeiden de anderen als Liesje één van haar rode pennen uitkoos om mee te schrijven. ‘Waarom mag jij dat wel? Wij schrijven allemaal met een gewone pen. Gewone pennen hebben blauwe inkt.’
Liesje haalde haar schouders op. Meester Dirk glimlachte naar haar, maar zei niets tegen haar klasgenoten. Mama had het geregeld met de meester. Liesje was er niet bij toen mama met hem had afgesproken. Ze wist alleen dat ze vanaf de volgende dag ook op school met haar rode pen mocht schrijven. En voor Liesje was dat voldoende. Zolang ze overal rood kon zien, was Liesje vrolijk en blij.

Vandaag ging er iets gebeuren in de klas. Liesje wist het gewoon, maar ze kon niet zeggen wat. De meester leek wel een beetje zenuwachtig, hij keek af en toe in de richting van de deur. De deur was blauw, dus Liesje vond het niet fijn om vaak naar de deur te kijken. Maar ze wilde wel graag weten waarom meester Dirk verwachtte dat er elk moment iemand kon binnenkomen. Plots hoorde Liesje stemmen in de gang en kwam er een kleine jongen de klas binnen.
‘Ah, daar ben je dan,’ sprak Meester Dirk, ‘kom maar vooraan staan zodat iedereen je goed kan zien.’ Hij nam de jongen bij zijn schouders en zei: ‘Dit is Tommie, hij komt vanaf vandaag bij ons in de klas. Wat zeggen jullie?’
‘Dag Tommie,’ zeiden ze allemaal in koor.
Liesje vond Tommie heel interessant. Ze bleef naar hem kijken tot hij vooraan in de bank naast Lore ging zitten. Hij was helemaal in het groen gekleed, en zijn rugzak was ook groen. Hij haalde voorzichtig een pennendoos boven. Die pennendoos had ook een groene kleur en alle pennen waren ook groen, zo zag Liesje. Ze vond het een beetje grappig.
‘Jij draagt alleen rode kleren,’ zei Tommie.
‘En jij draagt alleen groene kleren,’ antwoordde Liesje.
Het was alsof Liesje nu pas begreep hoe anders dat was dan de andere kinderen in de klas.

‘Vandaag is er een nieuwe jongen bij ons in de klas komen zitten,’ vertelde Liesje ’s avonds aan mama.
‘Vind je hem leuk?’ vroeg mama.
‘Hij is een beetje speciaal.’
‘Hoe bedoel je?’
‘Hij draagt alleen groene kleren,’ zei Liesje.
‘Vind je dat mooi?’
‘Ik begrijp niet waarom hij geen rode kleren draagt. Want rood is toch veel mooier?’
‘Groen is ook heel erg leuk,’ antwoordde mama.
Liesje zei niets, ze keek naar haar mama en dacht heel diep na. Daarna ging ze naar haar rode kamer, nam een schrift met een rode kaft en schreef een rijmpje met haar rode pen. 

Ik voel me heel erg leuk en groot,
zo in mijn lievelingskleur rood.
Maar die nieuwe jongen ziet groen,
misschien wil ik dat ook een keertje doen.


Tevreden klapte Liesje haar schrift dicht, knipte haar rood nachtlampje uit en trok haar rode donsdeken tot over haar oren. Ik vind Tommie leuk, dacht ze, ook al vindt hij groen leuker dan rood.

De volgende ochtend legde mama een boterham met choco op een rood bordje.
‘Alsjeblieft, lieve schat, heb je lekker geslapen?’
‘Ja mama,’ zei Liesje, ‘maar mag ik morgen een boterham op een groen bordje? Of heb je soms die groene jas nog?’ Mama wist niet wat ze hoorde. ‘Ik denk dat papa die jas op zolder heeft bewaard.’
Niet veel later stond Liesje klaar om naar school te vertrekken, in een groene jas. Dat was in maanden niet meer gebeurd. Mama liep snel naar binnen omdat ze hier een foto wou van maken. Ze was zo fier op Liesje omdat ze eindelijk eens een andere kleur wou dragen.
Op school zag Liesje Tommie lopen. Hij droeg vandaag een rode jas in plaats van een groene.
‘Jouw jas is rood,’ zei Liesje.
‘En jouw jas is groen,’ zei Tommie.
‘Ik dacht dat jij dat leuk zou vinden,’ fluisterde Liesje verlegen.
‘En ik wou graag dat jij mij leuk zou vinden,’ antwoordde Tommie.
‘Zal ik aan meester Dirk vragen of jij naast mij mag zitten? Dan kan ik met jouw groene pen schrijven en jij met mijn rode.’
‘Eigenlijk wil ik dat niet,’ zei Tommie.
Liesje keek hem met droevige ogen aan, waarom wou Tommie niet naast haar op de bank zitten?
‘Ik zou zo graag met een blauwe pen schrijven en zijn zoals alle andere kinderen in de klas. Het maakt me nu niet meer zoveel uit, zolang jij maar naast me zit.’
Liesje was zo blij dat ze Tommie spontaan een kusje op zijn wang gaf. Hij kleurde helemaal rood.

Copyright: Katrien Dierick

Beloon de maker en jezelf

Word gratis lid.



expand_less

Meest gestemde posts



expand_less

Recente posts



expand_less

Volgers



expand_less

Collecties