Klokkenspel (1)

Klokkenspel (1)

Eigenlijk is het de vraag of je het Hilton nog een hotel zou moeten noemen. Het is gevestigd in het gebouw van het voormalige warenhuis Grand Bazar aan de Groenplaats nabij de Onze-Lieve-Vrouwkathedraal. Het ligt bij populaire bezienwaardigheden van Antwerpen zoals de Vlaeykensgang en de Sint Anna tunnel. Het bevat 210 kamers.

In dit hotel, gelegen in een bekende, bruisende stad, heeft er al lange tijd geen enkele gast meer verbleven. Het kleine groepje personeel is er enkel nog om het gebouw te onderhouden. Anna heeft de verandering meegemaakt.

Als ze me ziet, gritst ze een zakdoek uit haar schort om haar tranen te bedwingen terwijl ze me begroet. ‘Het is allemaal begonnen, toen het geheim bekend werd,’ fluistert ze me toe. Ze heeft dit duidelijk lang stil moeten houden.

We lopen samen naar een van de vele lege kamers op de vierde verdieping. Ze kijkt rond of niemand ons kan horen. De meeste van haar collega’s zijn bezig in de hal of dweilen de gangen op andere verdiepingen.

‘Wat bedoel je met geheim,’ vraag ik zacht, als we samen in de lift staan. ‘Wat is er gebeurd?’

‘Kijk, ik mag eigenlijk niets zeggen’, fluistert Anna, ‘maar het is allemaal begonnen met de koekoeksklok die je bij de ingang hebt zien hangen. Die hangt er enkel voor de versiering. Je weet hoe belangrijk erfgoed in een stad als Antwerpen is…’ Ze neemt diep adem voor ze verder gaat. De liftdeur gaat dicht en als we op de kamer zijn, gaat ze verder.

‘Op een nacht, meer bepaald om middernacht begon ze te slaan en daarna kwam de koekoek te voorschijn... Het ging er allemaal schor aan toe, duidelijk door het verzamelde stof, maar het dééd het. We dachten dat ze al eeuwen de geest gegeven had, maar de klok kwam terug in beweging. Wij stonden er als versteend naar te kijken .’

Ik neem een slokje van mijn thee, die Anna zo vriendelijk was geweest mee te brengen, waardoor ze even kan pauzeren. ‘Wat heeft dat nu te maken met de afwezigheid van de gasten?’ vraag ik, terwijl ik een stukje van mijn koekje bijt.

‘O…er zijn gasten,’ zegt Anna. ‘Ze leven alleen niet meer.’

Ik verslik me bijna en bedwing me mijn mond open te laten vallen.

‘Toen we wat dichter bij de klok gingen staan, merkte mijn collega Robert op dat hij stemmen hoorde vanuit de salon, wat verder van de receptie. Bij ons weten was iedere gast al uren geleden gaan slapen, dus wij gingen er op blote voeten heen. En toen zagen we ze zitten…’

Anna kijkt in de verte, alsof het een droom is. ‘Ik herkende Anthony Van Dyck, die een babbel sloeg met Frans Hals. Je kan wel raden waar dat over ging… de pas uitgevoerde schilderwerken. Hendrick Conscience en Jan De Laet bekeken de bibliotheek… Ik had ze niet herkend, maar Robert had dat in mijn oor gefluisterd. Moet ik nog verder gaan? Allemaal dode mensen hadden zich verzameld in ons hotel. We wisten niet wat we zagen en we wisten nog minder wat we moesten doen.’

Mijn koekje smaakt ondertussen bitter maar ik laat haar verder gaan. ‘We weten niet hoe het komt, maar we vermoeden dat het iets met de klok te maken te maken heeft. Als ze ’s nachts slaat komen ze terug en als de klok zwijgt is iedereen weg, alsof ze weer in rook opgaan. Niemand van ons heeft al dichtbij durven komen, laat staan iets tegen ze zeggen. Zijn ze echt, zijn het geesten? We weten het niet. De meeste van mijn collega’s zijn weggerend en nooit meer terug gekomen. We zijn nu nog maar met een klein groepje: Robert, Sander, ikzelf en Wendy. Die andere collega’s hebben natuurlijk hun mond voorbij gepraat en sindsdien…’

‘..doet het verhaal de ronde dat het hier spookt,’ maak ik de zin voor haar af. ‘Geen wonder dat hier niemand meer wilt verblijven.’

‘We hebben alles tot hiertoe uit de krant kunnen houden,’ zegt Anna, ‘maar je weet hoe het gaat. Volksverhalen leiden hun eigen leven in een stad. Sommige gidsen vertellen het er zelfs bij als ze langs het Rubenshuis wandelen, want ja, ook Pieter Paul zat zijn cognacje hier te drinken.’

Ze neemt nu ook een slokje van haar thee, alsof ze net een marathon gelopen heeft. Ze kijkt me opgelucht, maar een beetje angstig aan.

‘Weet je zeker, Sophie, dat je hier wilt komen verblijven?’


#antwerpen

#klokkenspel

#schrijfuitdaging

#fantasy

Gratis afbeelding van pexels.com

Door het te hoge woordenaantal past het niet in de #140w of #140woorden maar ik vond het gekozen woord wel inspirerend.

Promote: support and profit

Support Marie with a promotion and this post reaches a lot more people. You profit from it by earning 50% of everything this post earns!


- The revenue of this ad will be returned to the Yoors members -
More



10 comments