×

Yoors


exit_to_app Inloggen

480
camera_alt
Afbeelding toevoegen
60
Relaties

Relaties


In ons leven hebben we verschillende soorten relaties. Een vriendschapsrelatie, een broer/zus relatie, een relatie met je collega of partner en etc.

En stel je nou eens voor, je bent aan het joggen. Met zijn 2en:

Situatie 1:

De ander loopt steeds iets sneller dan jij. Jij doet je best om de ander in te halen, maar het lukt alsmaar niet. Je zegt tegen de ander om gas terug te nemen, dit gaat even goed, maar dan loopt de ander weer voor je uit, waardoor je weer moeite moet doen om diegene bij te houden. Je voelt van alles aan je lijf. Dat je het niet leuk vind om achter de ander aan te lopen. Dat de ander alleen verder loopt, in plaats van even uit zichzelf gas terug te nemen, om naast je te lopen. Je bent buiten adem. Je voelt je longen haast klappen. Maar toch blijf je achter die ander aan rennen. Ondertussen heb je last van de wind, de regen en alles wat er tijdens het joggen voorbij kan komen. Maar je hebt niemand naast je om dit te delen. Diegene loopt nog steeds voor je uit. Je bent bang om te stoppen, om de ander boos te maken, dus loop je maar door. Want zodra je stopt, kan de ander zo boos worden, dat je diegene qua relatie gaat verliezen.

Situatie 2:

Jij loopt heerlijk vooruit. De ander loopt achter je aan. Je irriteert je dat de ander jou niet bij kan houden. Maar omdat je toch de ander bij je wil houden, vertraag je je pas, zodat de ander je bij kan houden. Maar jij hebt een ander loopje. Jij loopt weer vooruit. De ander blijft weer achter. Je voelt dat die ander het niet leuk vind. Wat voor jouzelf het moeilijker maakt om die pas weer terug te nemen. Je voelt dat die ander het vreselijk vind om niet naast je te lopen, terwijl het jou niet eens uitmaakt dat jij wat sneller loopt dan die ander. Je wilt wel rekening houden met de ander, maar niet constant. Want je wilt je tempo en je loopje behouden. Die ander begint te puffen en te klagen achter jou. Jij begint je nog meer te irriteren.  Je vraagt je af waarom die ander nog steeds achter je loopt. Diegene had ook mogen afhaken, wat jou betreft. Maar diegene is er nog steeds. Klagend, puffend, overal last van. Jij krijgt er last van. Je voelt alsof er iemand aan je plakt. En je niet los wil laten, terwijl jij gewoon je loopje wilt doen.

Situatie 3:

Jij en de ander. Samen ongeveer gelijk in een loopje. Pratend over het nieuws van alledag. Lachend over verschillende onderwerpen. Af en toe verschilt het loopje van jullie beiden. Maar dit is maar even. even later lopen jullie weer zij aan zij. Ieder het eigen loopje, eigen tempo. Wijkt de ander even af, dan maakt dit niet uit, want je weet dat jullie weer samen uit komen onderweg en weer samen verder gaan. Jullie groeien hierdoor samen in jullie tempo en conditie. Jullie dagen elkaar uit, om nog beter te worden. De ene keer ben jij beter en de andere keer is de ander beter. Jullie hebben hier plezier in en gunnen het mekaar. En verbeteren elkaar. Jij in jouw eigen loopje en de ander in zijn/haar eigen loopje. Jij deelt onder het joggen je struikelblok, en de ander luistert en geeft je advies. Jij bent er vrij in met wat je ermee wilt doen. 


Wie ben jij, in welke situatie?





frieke
plaats mij maar in situatie 3
14-09-2017 12:32
14-09-2017 12:32