×

Yoors


exit_to_app Inloggen

480
camera_alt
Afbeelding toevoegen
60
Nieuwe versie van Roodkapje en de boze wolf

Nieuwe versie van Roodkapje en de boze wolf


Roodkapje was een meisje die graag wat voor anderen deed. Haar naam was niet echt Roodkapje, maar ze werd zo genoemd vanwege haar rode haar. Haar echte naam was Rosalie. Roodkapje kreeg de bijnaam van haar moeder, liefdevol streek ze dan door haar haren. Haar mooie meisje had een rood kapje op haar hoofd. Rosalie vond het niet erg om zo genoemd te worden. 

Op een dag vroeg haar moeder of ze even bij oma langs wilde gaan in het verpleeghuis, want oma was ziek en hoewel haar moeder haar dagelijks bezocht, vandaag had ze het te druk en lukte het haar niet om naar het verpleeghuis te gaan. Rosalie had er eigenlijk niet zo heel veel zin in, want oma was een beetje dement en rook weleens naar urine of naar poep. Ze wist dat haar moeder haar dan hielp om haar te verschonen, want de verpleging had er eigenlijk geen tijd meer voor. 

Ja, de verpleging was wel lief, maar hadden nooit tijd om even te praten of een wandelingetje te maken met oma. Nu zou Roodkapje met oma moeten gaan wandelen en haar in elk geval moeten verschonen. Dat laatste vond ze het ergste. Maar om haar moeder een plezier te doen, beloofde ze te gaan. Ach, zo vaak kwam ze al niet meer bij haar oma, dus ze mocht het nu ook wel eens een keer doen. Straks komt er een tijd dat oma niet meer wist wie ze was en dan zou ze misschien wel helemaal nooit meer gaan.

Rosalie vroeg nog aan haar moeder of ze nog wat voor oma mee moest nemen naar het verpleeghuis. Haar moeder vroeg of ze met haar naar de winkelstraat wilde gaan, want oma was gek op vis, een lekkere zoute haring zou er wel ingaan. "Vraag wel of ze die even in stukjes snijden voor haar", zei haar moeder,"anders wordt het zo'n geklieder". Rosalie beloofde het te doen en pakte haar jas. Het was koud en winderig buiten, dus zou ze er ook rekening mee moeten houden dat oma het niet te koud kreeg als ze gingen wandelen. Ze keerde nog even terug in huis en haalde het plaid van de stoel, die mama ook weleens meenam naar oma, dan bleef ze lekker warm.

Ze pakte haar fiets en stapte op. Onderweg zag ze een vriendin, die haar even aan de praat hield. Ze wilde wel met Rosalie meegaan naar het verpleeghuis. Het was toch gezelliger om samen te gaan? Rosalie twijfelde even, wat zou oma er eigenlijk van vinden als ze zomaar iemand meenam? Maar ach, wat maakte het uit, ze kon haar wel meenemen, oma was toch dement, dus zou ze er wel niet teveel om geven.

Eenmaal bij het verpleeghuis aangekomen, zochten ze beiden een plaatsje voor hun fietsen. Het was druk, de meeste mensen kwamen ook op de fiets, want er was maar weinig parkeergelegenheid. Rosalie was erg zuinig op haar fiets, dus deze moest wel op een plekje staan, waar hij niet zomaar omgegooid zou kunnen worden. Ze vond een plekje, net als haar vriendin Candie en ze zetten de fietsen op slot. Samen stapten ze naar binnen.

Het was nog wel een eindje lopen door de gangen. Het rook er apart, maar veel mensen zaten op hun kamer of lagen in bed, hier en daar stoof een electrische rolstoel door de gang en kreupelde een oudere vrouw achter een looprek. Een enkeling liep samen met een familielid, in een dikke jas gehuld, achter de rollator mee naar buiten. Na nog een paar gangen kwamen ze aan bij gesloten deuren waar een code ingevoerd moest worden. Rosalie moest even nadenken, wat was de code ook alweer? Er stond een verpleegster op de gang, die ze zag twijfelen en ze vroeg meteen aan hen voor wie ze kwamen. Roodkapje legde uit dat ze naar haar oma ging, ze had de palid onder haar arm en vertelde dat ze een harinkje met haar wilde gaan happen. "Ik kwam mijn vriendin tegen, die wilde ook graag mee", vertelde ze. De verpleegster lachte. "Het nummer is 5445, maar onthoudt het goed, want dat toets je ook weer in als je eruit moet. Laat het aan niemand zien, want de oudjes daar zijn zo gek nog niet, ze onthouden meer dan je denkt", zei ze.

De beide dames gingen door de gesloten deuren en zagen oma al zitten in de huiskamer van de afdeling. Rosalie liep op de verpleegkundige van de afdeling af en vertelde van haar plannen. Haar vriendin Candie zag dat de verpleegkundige een beetje bedrukt keek, maar daarna knikte en even glimlachte. Ja, het valt ook niet mee, ze hadden het zo druk hier. 

Rosalie en Candie namen oma mee naar haar kamer. Rosalie verontschuldigde zich bij Candie, want ze moest oma nog wel even wassen en een schone broek aandoen, maar dan konden ze ook met haar weggaan. Candie ging zitten op de enige stoel in de kamer en Rosalie nam haar oma mee naar de badkamer. Een kwartiertje later kwamen ze er weer uit. Candie stond op, want oma moest wel even op die stoel zitten, terwijl Rosalie een rolstoel ging halen. De plaid had ze even op het bed gelegd. 

Het duurde even voor Rosalie een stoel gevonden had en toen ze terug kwam in de kamer zag ze dat oma wat onrustig was. "Oma, wat is er?",  vroeg ze. Oma keek haar met grote ogen aan, maar zei niets, ze keek even angstig naar Candie, die een beetje wijfelend met het plaid stond te spelen. 

"Dat is Candie, oma, ze gaat met ons mee. Het is een hele goede vriendin van me en ze wilde u ook graag zien. We gaan lekker even een haninkje kopen, daar bent u toch zo gek op?". Oma begon nu een beetje te glimlachen en antwoorde met een overtuigend:"Ja!". 

"Nu zullen we u even in de stoel helpen, maar eerst even uw jas aan en de shawl om. Wilt u uw mooie oorbellen ook in? Ze staan zo mooi en we gaan immers uit?". Roodkapje deed het laadje van de kast open, maar er lagen geen oorbellen in het laadje. Zeker ergens anders opgeborgen, ze keek de kast na, maar kon ze niet vinden. 

Ze had weleens gehoord van stelend personeel, maar eigenlijk wilde ze er niet aan denken. Toch belde ze voor de zekerheid haar moeder even met haar mobieltje. Haar moeder, die druk bezig was met het vouwen van de was, wist ook niet waar ze gebleven waren. Zou het personeel het gepakt hebben? Ze wist toch zeker dat ze de oorbellen in het laadje had gelegd. 

"Dan maar zonder oorbellen, ga maar met oma een harinkje halen, stop haar goed in, want het is koud, dan kom ik zo die kant ook even op, dan zijn jullie wel weer terug", zei haar moeder. Rosalie en Candie deden wat haar moeder had gezegd en namen oma mee naar de winkelstraat en naar de visboer. De visboer kende oma allang. Hij maakte elke week een visje voor haar klaar en sneed deze in kleine stukjes voor haar. Hij kwam dan vaak nog even naar haar toe en gaf haar wat extra aandacht. Zo ook nu. 

"Hallo oma, daar bent u weer", zei de visboer. "De vis is al in stukjes gesneden hoor en hier is een vorkje en een servetje. Is dat uw kleindochter, of zijn ze beide uw kleindochters? Uw dochter heeft me weleens over haar dochter verteld, maar ja, u kunt natuurlijk meer kinderen hebben natuurlijk!".  Oma schudde haar hoofd en met volle mond zei ze: "Die ene is Roodkapje!". "Aha", zei de visboer, "dan is de andere zeker de boze wolf!". en hij schaterde het uit van het lachen. Oma knikte, ook al genoot ze van de vis, ze bleef knikken. 

Na het eten van het visje gingen de meisjes weer terug naar het verpleeghuis, maar Candie zag af van het meegaan naar binnen in het verpleeghuis. Ze had nog zoveel te doen vertelde ze. Ze had het leuk gevonden en misschien zou ze nog wel een keer meegaan. Ze zei oma gedag, maar oma keek haar met grote, angstige ogen aan en zei niets, even later bromde ze zachtjes :"boze wolf". 

Eenmaal weer terug op de kamer, zag Roodkapje haar moeder al, ze was de hele kamer al overhoop aan het halen geweest, maar had de oorbellen van haar moeder niet gevonden. Ook het personeel moest op het matje komen, want het was toch van de zotte dat oma zelfs geen oorbellen in het verpleeghuis kon hebben, dat die werden gestolen! 

Niemand wist ergens iets van, maar oma zei steeds maar weer hetzelfde: "boze wolf". Ineens ging er bij Rosalie een lichtje branden. "Oma", zei ze," Heeft Candie de oorbellen gepakt?". Oma knikte. Rosalie vertelde haar moeder wat ze had opgemerkt toen ze een rolstoel was gaan zoeken en ook nog eens wat oma had gezegd bij de visboer. 

Moeder vroeg het adres van Candie en stapte op haar fiets om er naar toe te gaan. Een uurtje later kwam ze terug, met de oorbellen. Candie had geluk, haar moeder was niet zo haatdragend, dat ze de politie erbij haalde, maar ze had Candie wel een goede waarschuwing gegeven. Nee, die oudjes zijn dan misschien wel dement, maar niet gek! Roodkapje was met de boze wolf op stap geweest en oma was haar oorbellen kwijt geweest, want de boze wolf had ze gepakt toen Roodkapje een rolstoel was gaan zoeken. De boze wolf had dreigend tegen oma gezegd dat ze niks mocht vertellen anders dan zou ze maatregelen nemen. Ze zou toch ontkennen, niemand zou oma geloven, maar daarin kreeg ze ongelijk.

Moeder bestelde een doos gebak voor de afdeling, iedereen kreeg taart en excuses voor de valse beschuldigingen. Zo liep dit sprookje toch nog goed af, maar de meeste sprookjes lopen niet zo goed af. Dus doe geen domme dingen, blijf van andermans spullen af en bedreig een ander niet, ook al denk je dat je heel wat bent en boven anderen staat, je hebt het recht gewoon niet.

 




zonnebloem
Prachtig verteld en gelukkig werd de dader gevat ! Helaas idd een "modern" probleem ......... profiteren van ouderen .....
07-05-2017 18:24
07-05-2017 18:24
Karin van der Straaten
Die boze wolf is zo link als n looien deur pf
14-03-2017 13:25
14-03-2017 13:25
Astrid Seip (IJsselstein)
Mooi verhaal! Die 'oudjes' zijn zo gek nog niet, het gebeurd helaas maar al te vaak dat ouderen slachtoffer worden van zulke dingen.
13-03-2017 11:39
13-03-2017 11:39
Bloggerda
Wat een prachtig verhaal heb je geschreven en wat goed van oma dat ze de dader had " verlinkt" , ja je staat echt te kijken wat dementerende mensen nog weten. Zelf ook meegemaakt. Prachtig.
11-03-2017 18:13
11-03-2017 18:13
DvdVelden Blog
Heel erg mooi geschreven prachtig!
11-03-2017 17:04
11-03-2017 17:04
Ben
Met veel aandacht gelezen.
11-03-2017 15:38
11-03-2017 15:38