Schrijverscafe Deventer


Vorige week vrijdag was er weer een schrijverscare in Deventer. Doordat ik druk geweest ben met het schrijven van mijn online boek ben ik vergeten het verhaal dat ik voor het schrijverscare heb geschreven hier ook te plaatsen, bij deze alsnog....

de opdracht deze keer: Rebellen en dwarsdenkers.

Ik heb de opdracht klein en bij mijzelf gehouden.

#schrijverscafe , #schrijven , #verhalen , #dwarsdenken


 

Een stiekeme wens.

Zo braaf, altijd geweest. Op school, vroeger, ik kwam nooit te laat. Kattekwaad uithalen? Nou, misschien een keertje belletje trekken, maar dan hield het wel op.

Wel had ik twee vrienden voor wie die braafheid bepaald niet op ging. Het was op een zaterdag en we zouden met zijn drieën gaan crossen op het crossbaantje bij ons achter in het bos. Als een dolle gingen ze, hun fietsen vlogen door de lucht bij de eerste de beste stijgerbult. Ik fietste er achteraan en kon zowaar mijn voorwiel van de grond krijgen.

Ik denk dat we misschien een uurtje gecrosst hebben en toen waren ze er wel klaar mee, niet uitdagend genoeg. We fietsten terug naar huis en die twee vrienden zagen de volkstuintjes achter ons huis. Zullen we ruitjes in gaan tikken? De volkstuintjes hadden van die houten chaletjes, met ruitjes natuurlijk.

Ik was in shock. Meenden ze dat?

Ja ze meenden het, ik wilde niet mee, dit kon ik echt niet!

Ik heb ze niet meer gezien, tot de politie aan de deur stond en ze mij kwamen ondervragen. Ik was duidelijk met die twee heren samen gezien en ik zou waarschijnlijk wel mee hebben gedaan, tenminste dat dachten ze. Die jongens waren in de tuintjes gezien en ik was daarvoor ook bij hen, dus ik moet eraan geloven.

Natuurlijk bleef ik ontkennen, maar wat veel erger is, nu denk ik soms, ik wilde dat ik nu en dan wat meer de regels aan mijn laars zou hebben gelapt.

Hoe lekker zou het zijn? Een steen te pakken, even om je heen gluren, een knipoog naar je maat… kijk eens wat ik durf en dan: Pats, heel even stil en dan het vallende glas. Het rinkelen. Die geweldige ster die verschijnt in de ruit. Zou het niet heerlijk zijn?

Hoe lekker zou het zijn, om die ene etter in de klas zo’n enorme klap te geven dat hij duizelt. En, als dat echt gebeurt, stop ik dan na die ene klap? Of kom ik in een roes, merk ik dat het lukt, dat ook ik het vermogen heb om iemand in elkaar te slaan? Zouden mijn handen gaan gloeien en zelfs pijn gaan doen? Zou hij au zeggen? Of gaan huilen? Zijn verdiende loon!

Hoe lekker zou het zijn? De spanning op te voelen lopen, je loopt een winkel in, en vandaag, vandaag ga je iets jatten! Geen idee wat, dat maakt in feite ook niets uit, het gaat om de kick, de spanning, te weten dat iedereen er is, iedereen, maar jij kan ongemerkt de winkel uitlopen met dat ene onder je arm, de spanning giert door je lijf, morgen bij je vrienden kun je opscheppen, je bent een echte kerel. Maar nu, nu loop je met klotsende oksels langs de kassa. Je hoofd is mogelijk al zo rood als een rijpe tomaat. Je bent stoer dus je zet door.

Dan sta je buiten, buiten, leuk woord eigenlijk, buit en. Wat heb ik eigenlijk meegenomen?

Shit, tampons.

Zelfs bij het verzinnen van een verhaal lukt het mij niet.