Steven van Beek

Lid sinds: 08-10-2018

#rechtbank breda
21Aug2019
,,Die vis was dood, het bewoog omdat het zo hard waaide!"
Steven van Beek

De 65-jarige Stanley uit Waalwijk gaat met enige regelmaat met vrienden vissen. Zo ook op 23 december 2017, vlakbij hun woonplaats. Het is kwart over tien ’s avonds en het is winderig en guur. Een buitengewoon opsporingsambtenaar (boa) ziet het drietal bezig en bekijkt hen van een afstandje. Gebruikt Stanley nou levend aas? De boa ziet het gebeuren, Stanley wordt voor 370 euro beboet. Hij ontkent bij hoog en laag. Het moet er wat klunzig uitgezien hebben, als de boa Stanley op heterdaad betrapt. De visser haalt zojuist zijn hengel op. Stanley verliest de controle en de spartelende vis belandt op zijn rug en siddert daar nog even na. Zich bewust van het toeziende oog van de boa breekt Stanley vliegensvlug zijn vistouw en gooit de vis terug in het water. ,,Die vis was dood, het bewoog omdat het waaide”, verklaart Stanley. Stanley vist al 38 jaar. Zo’n vijf á zes maal per jaar komt er een controle, waar zij doorgaans zonder kleerscheuren vanaf komen. Of nou ja: Stanley is al eens gepakt in 2016. Hij viste toen wél met levend aas. ,,Dus ik heb al eens zo’n hoge boete gehad. Ditmaal heb ik het echt niet gedaan. Door deze boete heb ik nu een enorm huwelijksprobleem”, sombert hij. De drie mannen waren juist bezig weg te gaan als ook zij de boa zien. Ze weten dat ze niks fout doen, dus maken ze zich geen zorgen, zegt Stanley. De auto staat al open, het visgerei wordt bij elkaar geraapt. ,,Wij controleren elkaar altijd. Een levende vis weggooien is zonde, waarom zou ik dat doen?” Hij baalt dat de dienstdoende boa niet ter zitting is gekomen; samen zouden ze ongetwijfeld tot een eenduidig verhaal zijn gekomen, vermoedt hij. De officier van justitie en de rechter horen het verhaal van Stanley aan. De officier noemt het proces verbaal ‘overtuigend en uitgebreid’. ,,Wat ik niet snap: u ziet dat er een boa aankomt. U weet waar ze op controleren. Waarom gooit u dan de vis weg; dat was toch het ultieme bewijs dat u niets verkeerd deed?” De opmerking van de officier zorgt voor paniek bij Stanley. ,,Ik ben arm, ik kan het niet betalen! Echt,  het waaide, die vis was dood! Doe me dit niet aan, dit overleef ik niet!”, roept hij. De rechter is echter duidelijk. ,,Het spijt me dat ik het zo moet verwoorden, maar ik geloof u niet. U breekt uw eigen lijn en gooit een dode vis weg: dat is echt totaal niet logisch.” De rechter handhaaft de boete van 370 euro, Stanley protesteert luidkeels. ,,Meneer, we gaan hier niet over in discussie of onderhandeling verder. Dit is de uitspraak.”(Ook te volgen via Facebook: https://www.facebook.com/rechtbankverhalen/)

#rechtbank breda
19Aug2019
Duwde Omar een vrouw zomaar in de bloempotten?
Steven van Beek

De 38-jarige Omar uit Tilburg is geen onbekende van justitie. Zijn strafblad beslaat dertien pagina’s met overwegend diefstallen en ditmaal zit hij terecht voor drie zaken: een diefstal bij de Primark in Tilburg op 7 februari en op 18 februari zou hij drie aanstekers bij de Jumbo gestolen hebben. Daarnaast wordt hij ervan verdacht een klant een flinke duw te hebben gegeven. Zij liep daar verwondingen bij op. In de zoektocht naar de dader werden beelden vertoond bij Bureau Brabant op Omroep Brabant -zie onderaan deze tekst. Beveiligers denken Omar herkend te hebben. Over de Primark: ,,Dat was zo lomp van me, echt niet slim”, erkent hij. Hij stal er een flesje parfum, maar rekende wel de rest van zijn boodschappen gewoon af. Op dat flesje parfum stond ‘tester’, dus dacht hij dat het gratis was en dat ie deze gewoon mee mocht nemen. ,,Ik had gedronken, dacht er niet bij na. Het was ook vrouwenparfum, ik heb daar niets aan, dus dat was gewoon lomp.” Hij steelt wel eens een aansteker bij Jumbo, geeft hij ook toe. Zijn advocaat port Omar in de zij: ,,Het gaat om díe specifieke keer, Omar.” Dat hij een vrouw zo hard geduwd heeft, kan hij zich niet herinneren. Of eigenlijk: hij ontkent het stellig: ,,Sindsdien kom ik regelmatig bij de Jumbo. Ik ben er nog nooit op aangesproken ook. Het zou raar zijn als ik dat was; ik ben er nog gewoon welkom.” Toch: op de beelden van Omroep Brabant zou het Omar zomaar kunnen zijn. De man op beeld heeft dezelfde huidskleur. Hij is duidelijk kaal, maar draagt een petje. Omar is kaal. De man op beeld heeft een karakteristiek loopje. Dat van Omar. ,,Maar zo’n zwarte jas héb ik niet”, verdedigt hij zich. Het is simpelweg niet met zekerheid te zeggen dat dit Omar is. Het heeft er wel alle schijn van. ,,Ik keek naar hoe jij hier binnenkwam, jullie lopen echt hetzelfde”, zegt de officier van justitie. De vrouw viel op een rek met bloempotten. Ze had pijn aan billen en benen. ,,Maar waarom ben ik dan nog nooit aangehouden? U zegt: beveiligingsmedewerkers van Jumbo hebben me herkend. Die zie ik dagelijks!”, houdt Omar vol. Wat opvalt op zijn strafblad: er is altijd alcohol in het spel. En die alcohol zorgt ervoor dat zijn geheugen hem ook vaak in de steek laat. ,,Het gaat een stuk beter nu”, legt Omar uit. Hoe dat komt? ,,Omdat ik nu niet meer zo vaak drink.” De officier van justitie denkt dat Omar oprecht zijn best doet om zijn leven te beteren. Ze wil een voorwaardelijke gevangenisstraf van twee weken en hem 40 uur laten werken. Maar de gebeurtenissen in de Jumbo zijn gewoon niet te bewijzen. De beveiligers herkennen hem, maar dat kan vertroebeld zijn, legt de advocaat uit. ,,Bij de Primark zaten we de beelden te bekijken en waren met stomheid geslagen. Dat sloeg écht nergens op, dat is ook nergens te ontkennen”, zegt hij. Ook de rechter twijfelt teveel als het gaat om de Jumbo. ,,U zou het heel goed kunnen zijn, maar echt zeker? Nee. Het zou kunnen dat de beveiligers dénken dat ze u herkennen.” Hij geeft twee weken voorwaardelijke gevangenisstraf voor het Primark-incident. ,,Ik hoop dat ik u hier niet meer tegenkom”, besluit de rechter. ,,Ik wil hier ook niet meer terugkomen”, belooft Omar. En hij loopt op zijn karakteristieke wijze de rechtbank uit.

#rechtbank breda
16Aug2019
Een meisje, wraak; hoe Mustapha voor de rechter verscheen
Steven van Beek

,,Als u niet was gekomen, had ik u zonder enige twijfel veroordeeld.” De rechter en de officier van justitie hebben tot dan met stijgende verbazing geluisterd naar de 20-jarige Mustapha uit Tilburg. Hij zou op 20 augustus 2018 betrokken zijn geweest bij de mishandeling van twee jongens. Het proces verbaal is helder, de mishandeling een feit en wordt gestaafd met bewijs van letsel. Mustapha’s deelname wordt alleen vermeld door de twee jongens. Hij ontkent. Ze hebben een historie: eerder sloegen zij Mustapha in elkaar. ,,Weet je: ik heb geen vrienden. Ben altijd thuis. Lijd aan depressies, zat een tijdje in een inrichting”, vertelt hij nerveus zijn verhaal. Zijn eigen mishandeling levert nieuwe angsten op. De vaste route naar zijn werk durft hij niet meer te lopen. Maar wie waren dan bij de mishandeling bij de twee jongens betrokken? Het zou gaan om drie mannen, waaronder Mustapha. Helder is het signalement niet, maar hij zou er aan kunnen voldoen. ,,Staat u eens op”, vraagt de rechter. De jongen meet een kleine 1.70. Van Turkse komaf, heeft een baardje en krullend, zwart haar. ,,Heeft u broers die op u lijken?” Ja, maar echt lijken doen ze niet. Het signalement vermeldt gemillimeterd haar. Maar ja, het is alweer een jaar geleden. Het signalement geeft geen uitsluitsel. Mustapha werd kort na het incident ontslagen. Hij deed zijn werk niet goed, bleef soms thuis en durfde geen confrontaties aan te gaan. Feilloos lepelt hij feiten op uit het verleden. Data, tijden. ,,Ik onthoud dat soort dingen.” Mustapha plukt onrustig aan zijn haar. Een rijbewijs heeft hij niet, uit angst voor paniekaanvallen. Dat verklaart de aanwezige auto bij de mishandeling ook niet. Van wie is die Smart dan? Mustapha heeft geen idee. Bij zijn weten hebben zijn broers geen Smart. ,,Maar waaróm noemen ze u? Heeft u daar een verklaring voor?”, vraagt de officier. Die vraag houdt Mustapha ook bezig. Het gaat om een meisje, waarmee Mustapha bevriend raakte. Zij stelde hem voor aan de twee jongens. Om vrienden te maken. ,,Ik denk dat ze verliefd op haar werden. Ze begonnen me lastig te vallen. Belden en bedreigden me. Wilden haar denk ik overtuigen dat zij beter voor haar waren dan ik.” Het meisje en hij kregen ruzie. ,,28 juli vorig jaar, ik weet het nog goed.” Sindsdien zag hij haar nooit meer. ,,Daarom ben ik toen in elkaar geslagen, om haar.” Hij deed toen geen aangifte, maar vertelde zijn verhaal bij het Fasehuis. ,,Ik denk dat ze me terug wilden pakken.” De rechter en officier kijken naar de jongen. Hoe hij zijn verhaal vertelt, naar zijn lichaamshouding. ,,Eerlijk gezegd wankel ik”, legt de officier uit. De rechter heeft eenzelfde gevoel en spreekt hem vrij. Mustapha toont zich niet verrast en verlaat de zaal. De officier kijkt hem verwonderd na. ,,Dat zie je vaker. Een bijzondere jongen, dit. Komt hier zonder advocaat, omdat hij voor zichzelf wéét dat hij niks gedaan heeft. Ik heb niet het gevoel dat hij loog of een verhaal verzon.”

#mondriaan
22Jul2019
De dochter van Mondriaan
Steven van Beek

De buurt was uitgestorven. De speeltuin werd niet gebruikt, de jeu-de-boulesbaan was leeg. Er stonden enkele auto’s her en der geparkeerd, maar veel meer parkeervakken waren onbezet. Volgens een bewoner was zo’n 80% met vakantie. En mijn opdracht? Kijk eens hoe die buurt leeft. Een jaar geleden werd het centrale park van deze buurt geopend. Op voorspraak van de wijkraad, die er bloedfanatiek mee aan de slag ging. Zij zouden het park onderhouden, zij zorgden voor de éénheid. Hier doen de mensen alles samen, hier letten we op elkaar, dat werk. Toch kwam ik wat buurtbewoners tegen die me een goede indicatie gaven hoe de buurt leefde -maar nu toevallig niet. Ja, er werd zeker nog dagelijks gespeeld in de speeltuin en richting de avond werd ook de jeu-de-boulesbaan fanatiek gebruikt. Maar ja, vakantietijd nu. Mijn timing kon niet veel slechter: de wijkraad was bovendien volledig op vakantie. Nou ja, op één man na die aan het werken was in een nabijgelegen winkel. Hij poeierde me af: geen tijd, ook geen drie minuten, punt. ,,Dat is sowieso een chagrijn, daar mis je niks aan”, grijnsde een buurtbewoner. Een oudere mevrouw schoffelde in haar voortuintje. Ze kwam vitaal over, deze dame die de 80 ongetwijfeld bijna aanraakte. In het kader van een algeheel beeld, vroeg ik haar ook naar de buurt. ,,Van de krant? U bent alsnog gekomen?”, vroeg ze met grote ogen. Ze had de krant blijkbaar al een tijd geleden ergens over ingeseind en was in de veronderstelling dat ik daar over wilde praten. De buurt? ,,Deze buurt is fijn, maar ik mis mijn oude huisje. Dat is alles. Kom binnen!” Ze ging me voor. Haar huisje was ingericht zoals je dat verwacht van een oudere dame. Haar tuintje was klein, maar: ,,’s Morgens staat hier het zonnetje op. ’s Middags schaduw, het is heerlijk.” Ze ging zitten en bood mij ook een zitplek aan. ,,Maar nu mijn verhaal”, ving ze aan. Ze was 78, vertelde ze. Een jaar of veertig geleden was ze erachter gekomen dat ze een andere biologische vader had dan ze tot dan toe had aangenomen. Haar echte vader was niet zomaar iemand, wat waarschijnlijk de reden was dat het zo lang onbekend bleef. Maar de waarheid kwam dus veertig jaar geleden alsnog uit: haar vader was Carel Mondriaan. Juist, de broer van. De vrouw was nerveus, nog altijd verrast om mijn spontane bezoek. Wist niet goed hoe ze het verhaal in een juiste volgorde moest brengen. Raakte geëmotioneerd. ,,Het doet u nog heel veel, beheerst deze wetenschap uw leven zo?”, vroeg ik maar. ,,Dit is nog niet alles”, somberde ze. Volgens de vrouw waren de Mondriaans direct verwant aan de Nassau’s. ,,Dus, u begrijpt…”, keek ze me hoopvol aan. ,,U bent van koninklijken bloede?” Juist. Sindsdien zat ‘de media’ achter haar aan. Werd ze in de gaten gehouden. Opgewacht. Kreeg ze opdrachten die ze uit moest voeren. ,,Dan ging ik naar Breda en moest ik naar een juwelier. Een bepaald sieraad kopen”, schetste ze. Het duurste. Want dat was de opdracht. ,,Ik heb contact opgenomen met het koningshuis. Ze wisten het, ook Beatrix weet van mijn bestaan. Ze drukten mij op het hart dat ik het liet rusten”, legde ze uit. Weer een traan, een siddering. Ik krijg in toenemende mate twijfels over de waarheid van dit verhaal. Ze werd opgejaagd? De twijfel rees of haar geest nog werkt naar waarheid. Zaken als dementie en psychose schieten door mijn hoofd, terwijl ik poog haar toch serieus te blijven zien. Misschien merkt ze mijn twijfels, want ze verandert plots van onderwerp. ,,Kom jij uit Breda? Mijn kleinkinderen voetballen daar”, zegt ze plots. Ik word gebeld. Mijn fotograaf, om even te overleggen. Het voelt als een redding; ik moet zelf ook door met dit onderwerp. Hoe deze specifieke buurt leeft en zorg heeft voor elkaar. Ik vraag mij af of de buurt wel goed op haar let. Maar wellicht laat ik hier een waanzinnig verhaal schieten.

#deurwaarder
08Jul2019
Ad de Deurwaarder
Steven van Beek

,,U bent hier als journalist begrijp ik. Razend interessante zaak hè?” De man kijkt me onderzoekend aan en meent het. Dit is ‘de verdachte’ en hoewel dit een vrij simpele kantonzitting betreft, is er een korte schorsing. Ik heb hem dan al een ruim kwartier horen praten, met stijgende verbazing. Verbijstering, haast. Een hees, hoog stemmetje vulde de ruimte en hij maakte gebruik van fraaie juridische volzinnen, consequent verbonden met vele langgerekte eh’s. De rechter verifieerde dan ook al vrij snel: ,,U bent werkzaam in de justitiële periferie, nietwaar?” ‘Ad’, noem ik hem. Een 55-jarige deurwaarder uit Rotterdam. Op 8 juni 2017 werd hij op heterdaad betrapt op wildplassen. Dat wil zeggen: de agent zag hem tegen een boom in de bosjes staan, zag dat hij zijn broek dichtdeed en zag, eenmaal weg, dat er een natte plek op de boom zat. Bovendien was er een urinelucht te ruiken. Goed te weten: de politie is strafbaar als zij dingen in het proces verbaal zetten die verzonnen zijn. Ofwel: er staat niet letterlijk dat de man geplast heeft, dat moet de rechter beslissen op basis van deze feiten. Maar Ad betwist deze dus. ,,Ik mag in die bosjes staan, die vrijheid heb ik”, zegt hij ter zitting. Hij heeft een flink pakket aan verzetschrift geschreven. Allemaal over deze zaak. De officier van justitie heeft deze niet gelezen, wat de man nogal kwalijk vindt. ,,Ik heb mijn verweer ingediend. Dat u uw spullen niet op orde heeft, is aan u te wijten”, sart hij. Vandaar de schorsing: de rechter geeft de officier de kans om dit alsnog te doen. ,,Ik wil ook de twee agenten spreken. Ik zou hen wat vragen willen stellen, ik schat dat ik zo’n drie kwartier per man bezig zal zijn”, legt Ad de rechter voor. Eén van de agenten is zelfs al in het gebouw; de man heeft de Gemeente Etten-Leur opgedragen de agent naar de rechtbank te sturen.   De rechter vindt dat veel te ver gaan. Hij wil deze agent wel binnen laten, maar er hooguit vijf minuten aan spenderen. De zaak is verder zo klaar als een klontje, de agenten hebben een kraakhelder proces verbaal opgesteld en de tegenargumenten van Ad zijn ronduit vaag. Wat de man dan eigenlijk in die bosjes deed? ,,Dat is mijn persoonlijke levenssfeer, ik mag daar gewoon zijn. Misschien wilde ik wel de benen strekken, of een frisse neus halen. Dat is niet strafbaar.” Ik kijk naar de man. Strak in een duur en chique pak, kennelijk in de stellige overtuiging dat hier iets te halen valt. Overtuigd van zijn kennis van het juridische apparaat, overtuigd dat hij hier onderuit kan komen. Hij roert in zijn koffie, die hij snel heeft gehaald tijdens deze schorsing. Hij staat er zelfverzekerd bij, is er heilig van overtuigd dat dit inderdaad een interessante zaak is. Ook het publiek bij deze kantonrechterzittingen moet naar buiten. Een vrouw rolt achter zijn rug om met de ogen als ze naar ‘m kijkt. ,,Ja, absoluut, ik ben zeer benieuwd wat er gaat gebeuren”, antwoord ik, naar waarheid. De man wordt veroordeeld, uiteindelijk. Toch met een aanmerkelijk lager bedrag dan de originele boete, maar dat komt omdat deze zaak veel eerder behandeld had moeten worden. Zijn tegenargumenten worden stuk voor stuk van tafel geveegd. Ad moet liefst 40 euro betalen. ,,Dan ga ik in hoger beroep”, belooft Ad de rechter op koele toon. Dat kan echter niet; daar is de boete te laag voor, legt de rechter uit. Dat lijkt me een pientere diss van de rechter naar de deurwaarder, die zich deze ochtend eigenlijk gewoon ronduit belachelijk maakte.

#parachutist
28Jun2019
Parachute om Heerma van Voss te eren
Steven van Beek

Ja, er was wat tegenzin. Vlak voordat ik naar Rijsbergen vertrok kreeg ik een appje van de redactie dat ik 1655 leestekens mocht gebruiken voor dit verhaal. Dat is weinig. Het betekent dat deze opdracht me slechts 42 euro zou opleveren. Het zou om half 8 ‘s avonds beginnen. Dus: om 7 uur vertrekken vanuit huis, evenement, terug naar huis en dan nog schrijven. Mijn tekst zou dan ongeveer om half 10 wel klaar kunnen zijn. Een flinke hap uit mijn avond en daar stond dus weinig tegenover. Vandaar de tegenzin. Inhoudelijk klonk het wel leuk. Op 27 juni 1909 had de Etten-Leurse industrieel Sybrand Heerma van Voss een primeur. Hij liet, voor het eerst in Nederland, een vliegtuigje vliegen, om de technische vooruitgang te laten zien aan het volk. ,,Het was een beetje de Leurse Bill Gates”, legde de voorzitter van de Stichting Eerste Gemotoriseerde Vlucht in Nederland (SEGVIN) Giel Venema me ter plekke uit. Zij organiseren sinds 2009 ieder jaar een vlucht over precies de plek waar ook Heerma van Voss zijn vliegtuig liet vliegen. Ze laten er vervolgens parachutisten uit springen, wat de climax van het evenement betekent. Ach, veel stelt het niet voor, maar het is goed om oude helden te herdenken. Eén van de springers deze keer is Rob, fervent wandelaar van wandelvereniging De Losse Feeter. Die vereniging is medeorganisator en Rob maakte, als enige, gebruik van een kortingsactie. ,,Wie is nou Rob?”, gilt een vrouw vanaf de grond, als de parachutisten langzaam naar beneden dwarrelen. Mensen wijzen: dat zou ‘m toch moeten zijn? ,,Roob, Róób! Zwaai es!”, gilt ze. Zij zal een zeventiger zijn, met een onmiskenbaar Amsterdamse tongval. Ze maakt foto’s met haar telefoon, terwijl de parachutisten dichter en dichter bij de aarde komen. Ze grijnst: ,,Dees is wel goed gelukt, maar is het nou Rob?”, vraagt ze aan me. Geen idee, ik ken Rob immers niet. ,,Ik woon al 43 jaar in Etten-Leur, dat Amsterdams is al flink versleten geloof ik”, legt ze me verwonderd uit, als ik ernaar vraag. Ze maakt nog een foto, precies op het moment dat Rob landt. Maar dit blijkt ‘m niet te zijn. Een seconde later landt de échte Rob, en is het momentum voor de perfecte foto vervlogen. ,,Wat maak je me nou! Ga es heel gauw terug naar boven, ik heb de verkeerde gefotografeerd!”, roept ze vrolijk en sarcastisch. Rob zelf is nog wat flabbergasted om hetgeen hij net gedaan heeft, de vrouw grijnst. ,,Sjongejonge, heb ik gewoon foto’s lopen maken van een of andere onbekende”, sombert ze. ,,Rob, zwáái dan als ik je roep!” en ze schiet onbedaarlijk in de lach. Zo eindigt het evenement al gauw. De wandelaars lopen verder. De parachutisten ruimen hun spullen op en ook de overige toeschouwers vertrekken weer. Op de terugweg ben ik de vrolijkheid zelve en realiseer me plots dat ik hier nog 42 euro mee verdiend heb ook.  

#appel
27Jun2019
De appel
Steven van Beek

Even rommelde mijn buurvrouw in de stilteruimte in haar tas, totdat ze vond wat ze zocht: een appel. Ze poetste ‘m op tot het glansde en ik zag de lucht buiten direct betrekken. Zwart worden. Zij leek dat niet te zien, of het leek haar niet te deren. Haar mond ging wagenwijd open. Ze bracht de vrucht op de juiste hoogte om er een hap van te nemen en drukte haar scherpe tanden in het velletje, dat zich al gauw gewonnen gaf. Haar tanden spietsten zich eenvoudig door de vrucht. Ze zette kracht, opdat haar tanden elkaar weer raakten en ze een grote hap van de appel richting haar kiezen en keel kon dirigeren. Dan begint het kauwen, waarop na een aantal kaakbewegingen alleen het vruchtwater over is. Dat slikt ze met moeite door, waarna bovenstaande handeling zich herhaalt totdat alleen een klokhuis resteert. Erbij nadenken doet ze niet; ze werkt gewoon door met haar computer, de appel verorberend. Het geluid dat deze handelingen teweeg brengt, gaat door merg en been. Ik hoorde het buiten donderen. Bliksemen. Losgaan, maar het geluid van de appeleetster overtreft het. Iedere hap die ze neemt is een explosie, een vermaling van ogenschijnlijk moeizaam doordringbare materie. Dit geluid krast zich scherp in mijn ziel. Logischerwijs zou iedere hap minder geluid moeten opleveren, maar mijn brein registreert iedere hap en houdt deze steeds iets langer vast, waardoor de geluidsopeenstapeling alleen maar harder wordt. Dit tart al mijn irritatiegrenzen. Het eten van appelen op de openbare weg, maar zéker in stilteruimtes zou beboet moeten worden. Ik overweeg op zo’n moment zelfs lijfstraffen. Ik weet dat dat een lugubere fantasie is die vooral leeft in mijn primaire, thans geïrriteerde brein. Daarom laat ik die gedachte binnenin gewoon gaan, zonder daar in de openbaarheid een grote kwestie van te maken. Ik heb liever dat iemand muziek opzet van Guus Meeuwis, dan dit geluid. Ik heb liever dat iemand naast me een frietje oorlog eet, of een boterham met salami. Eet voor mijn part krakerige chips bij een film in de bioscoop. Sterker, ik prefereer supporters van de Oranje Leeuwinnen die in een polonaise lopen, met onder hen een man met twee ballonnen onder zijn shirt omdat dat supergrappig is. Echt, alles. Alles is beter dan het geluid van een krakende appel. Het is het meest walgelijke, wanstaltige geluid dat bestaat. Ze deponeert de appel in haar lege koffiekartonnetje, wat op zichzelf al een misselijkmakende gedachte is. De wolken breken gelijk weer open, tot de strakblauwe hemel van weleer weer terug is. Het geluid van de smakkende appeleetster echoot nog even na in mijn brein, totdat het helemaal verstomt.

25Jun2019
Billie Eilish
Steven van Beek

,,Dit klinkt toch nergens naar? Wat een troep”, foeterde mijn vader. Ik gniffelde. De autoradio stond dermate zacht dat echt goed luisteren niet eens lukte. Deze reactie had ik echter wel verwacht. Vader en zoon Het had iets spannends. Mijn vader en ik zijn immers nog altijd écht vader en zoon. Als we in één auto gaan, rijdt hij. Als we uit eten gaan, betaalt hij. Als we muziek luisteren, bepaalt hij. Ik heb het al vaak geprobeerd hoor, hem nieuwe muziek aandragen. Hem uit de comfort zone van Pink Floyd en andere generatiegenoten te halen. Het lukte soms. Portishead vindt hij mooi. Gotan Project bij vlagen. Goldfrapp soms. Maar ditmaal reed ik en dat is een zeldzame rolverdeling. Mijn vader sprak het niet uit, maar was gespannen. Ik rijd harder en iets offensiever. Hij wil maximaal 100 rijden. Maar vooral: hij wil niet afhankelijk zijn. Vlak voordat we in de auto stapten, zette ik Spotify op. Ik besloot -38 jaar, 20 jaar zelfstandig en uitwonend- op te zetten wat ik zélf wilde. Dat klinkt logisch, maar het was een drempeltje. Billie Eilish Het werd Billie Eilish en da’s zeer actueel. Ik hoorde hit ‘Bad Guy’ voorbij komen op Studio Brussel en was verkocht. Wat bleek: het hele album van de Amerikaanse tiener intrigeert me. En ja, er was op zich nog wel een minieme kans dat mijn 71-jarige vader het zou appreciëren. Zo sociaal ben ik nog wel. Geen obscuur genre, maar iets nieuws met de ijdele hoop hem iets aan te bieden dat hij leuk zou kunnen vinden. En voordat we Hilversum verlaten hadden, na hooguit twee nummers, was zijn oordeel helder: troep. Vermijden Het is een eigenschap die ikzelf graag wil vermijden. Natuurlijk: er is geen betere muziek dan de muziek uit je jeugd. De nostalgische waarde ervan is nooit te overtreffen. Je hoort alles voor het eerst en alles maakt indruk. Maar ik wil open blijven staan voor nieuwe dingen. Nieuwe klanken. Dat is niet eenvoudig, want onbewust sluiten die zintuigen zich. Maar ik wil niet vastroesten in een soort eigen gelijk. In een soort vroeger-was-alles-beter. Probeer bewust te blijven zoeken naar nieuwe muziek, want ook nu worden mooie dingen gemaakt, dat kan niet anders. Het album van Billie Eilish was bij Oosterhout afgelopen, we waren bijna thuis. ,,Zal ik de radio anders aanzetten? Of wil je iets anders horen?”, stelde ik voor. Nee, mijn vader prefereerde stilte. ,,Thuis pakken we nog een wijntje”, beloofde hij mijn moeder, die achterin zat. Ongetwijfeld met Pink Floyd door de speakers.

MEER