Joep Heldoorn

Lid sinds: 28-11-2015

#Hiv
13Aug2018
Brief aan F.
Joep Heldoorn

Beste F,We ontmoetten elkaar alweer even geleden in de darkroom van een Amsterdamse kroeg en na wat oogcontact doken we samen een hok in. Wat zich vervolgens voltrok waren prettige, fijne en lekkere handelingen. Op enig moment zei jij dat je 'me ging pakken' en de handelingen die je daarbij verrichtte, lieten aan duidelijkheid niets te wensen over. Maar toen ik wél glijmiddel, maar géén condoom bij je aanbracht, veranderde er iets. Je schrok en vroeg me of ik 'soms van plan was het zonder te doen'. Ik zei dat je dat goed had gezien.De blik in je ogen sprak boekdelen, dus ik wist niet hoe snel ik het uit moest leggen. Dat ik hiv heb, maar het virus niet door kan geven omdat ik succesvol word behandeld. En dat ik eigenlijk twee hiv-statussen heb. Een is positief en de ander is onmeetbaar. En dat onmeetbaar betekent dat het virus in mijn bloed en sperma niet meer is terug te vinden. Waardoor ik dus door seks geen hiv meer kan overdragen. En dat ik je dit alles nooit zou vertellen als het anders was.Je antwoordde dat je eigenlijk niet zo van neuken hield. Ik vond dat vreemd omdat je inmiddels wél een condoom uit je zak tevoorschijn had getoverd. Al snel kwam de aap uit de mouw en verklaarde je jouw abrupte terughoudendheid. 'Ze kunnen wel zoveel zeggen', was het eerste dat je zei. 'En wie zegt dat jongens met hiv de waarheid vertellen en echt hun medicijnen slikken? Voordat je het weet hebben ze het toch weer.' Je moest niet veel meer van me hebben. We kleedden ons aan en hebben ondertussen nog wat gebabbeld over koetjes en kalfjes. Gezellig, alsof er niets aan de hand was. Maar er was wel degelijk iets aan de hand.Ik heb me om mijn hiv maar een enkele keer gestigmatiseerd gevoeld - mijn eigen negatieve oordelen over mijn infectie daargelaten. En misschien is stigmatisering wel een veel te zwaar woord voor hetgeen je tegen me zei. Maar hoe dan ook wil ik niet gezien en veroordeeld worden als infectieus wezen dat - want je weet het maar nooit - liegt over zijn hiv. En ik wil ook niet dat andere mensen met hiv zo worden bejegend.De boodschap die inmiddels ook door de Nederlandse Vereniging van Hiv Behandelaren wordt onderschreven is simpel: niet meetbaar is niet overdraagbaar (N=N). Wat me heeft gegriefd waren je twijfels bij mijn uitleg daarover. Je zette mij - en expliciet alle andere mensen met hiv - neer als potentiële leugenaar. Ik vind dat laakbaar en het maakt me verdrietig. Mensen met hiv die hun medicijnen slikken nemen immers bij uitstek verantwoordelijkheid voor hun eigen gezondheid en die van de ander. En jij, zonder dat je hiv hebt, trouwens ook, want dat condoom kwam niet voor niets op de proppen.Je opmerkingen waren onnodig. Je had het kunnen laten bij de mededeling niet zo maar over je angst voor hiv heen te kunnen stappen. Ik zou dat begrepen hebben. Dingen hebben tijd nodig; dat weten mensen met hiv als geen ander. En zeker, er zijn vast vrouwen en mannen die liegen over hun hiv en de hoeveelheid hivvirus in hun bloed. Maar realiseer je goed dat dit mede komt door het wantrouwen en de stigmatisering waar veel mensen op stuiten die open zijn over hun hiv. Want het zijn de vooroordelen, die maken dat veel mensen met hiv zich wel twee keer bedenken alvorens te vertellen dat ze hiv hebben. En het zijn de vooroordelen die er voor zorgen dat mensen zich niet eens laten testen op hiv, bang als ze zijn voor het stigma dat hiv aankleeft.Je bevindt je trouwens in goed gezelschap; veel mensen geloven de uitleg niet die ik je gaf. Zo blijft de angst regeren. Maar het is niet jullie angst die ons, mensen met hiv, schrik aanjaagt. Het zijn de woorden die jullie geven aan jullie irrationele onbehagen. Dus wil je alsjeblieft, als je weer eens iemand met hiv tegen het lijf loopt, je gedachten voor je houden en en je beperken tot de essentie? En die is dat je is uitgelegd hoe het zit, maar dat die uitleg jouw angst (nog) niet weg kan nemen. Want één ding is zeker: N=N. Echt waar.Groet,Joep

#NHG cannabis
09Jun2018
NHG onderbouwt 'nee' tegen medicinale cannabis slecht
Joep Heldoorn

Het Nederlands Huisartsengenootschap (NHG) ontraadt haar leden nog langer cannabis voor te schrijven als pijnstiller. Het zou ontbreken aanvoldoende wetenschappelijk bewijs voor de pijnstillende werking van marihuana. Daarnaast maakt het NHG zich zorgen over de bijwerkingen van cannabis. Wel mag een proefbehandeling met cannabis overwogen worden als palliatieve pijnbestrijding, maar alleen als andere pijnstillers onvoldoende soelaas bieden. Ik vind het maar een vreemd verhaal. Allereerst is er veel bewijs dat cannabis wel effectief is tegen - onder meer - chronische zenuwpijn. Zie daarvoor bijvoorbeeld dit, maar vooral ook dit onderzoek naar de medicinale werking van cannabis bij zenuwpijn. Ik verwijs met opzet naar het laatste artikel, omdat het NHG voor zover ik weet, daar haar advies op baseert. Echter, wie het onderzoek goed leest, ziet dat er wel degelijk een pijnstillende werking van marihuana lijkt uit te gaan. Toegegeven, het bewijs is nog niet overweldigend, maar daarvoor zijn grote trials noodzakelijk. Middel erger dan de kwaal Ten tweede: de pijnstillende werking wordt in het onderzoek niet eens ontkend; de auteurs zijn alleen van mening dat het middel (bijwerkingen zoals sufheid en hoofdpijn) erger kan zijn dan de kwaal. Nou, ik kan je uit eigen ervaring vertellen dat dit beslist niet het geval is. Ernstige zenuwpijn is vele malen erger dan knetterstoned op de bank hangen - hetgeen bij medicinale cannabis in principe niet eens gebeurt. En gebeurt het wel, dan neem je de volgende keer gewoon wat minder. Sowieso is het een groot voordeel van cannabis dat je niet - zoals bij andere medicijnen- gebonden bent aan een bepaalde dosis. Die kun je namelijk af laten hangen van de ernst van je klachten op dat moment. Reguliere medicijnen geven ook bijwerkingen In het verlengde hiervan wil ik opmerken dat reguliere pijnstillers tegen chronische zenuwpijn ook zo hun bijwerkingen kennen. En die zijn dikwijls niet mals. Bij neuropathische pijn worden meestal antidepressiva; anticonvulsiva en/of opiaten voorgeschreven. Allemaal middelen die net als mediwiet sufheid (kunnen) veroorzaken, maar daarnaast nog veel meer en ernstigere bijwerkingen kennen dan cannabis. En de kans op verslaving? Die is bij de meeste 'reguliere middelen' net zo groot, zo niet groter (in het geval van opiaten). Een uitzondering wil ik maken voor mensen die gevoelig zijn voor psychosen en verslaving. Het is bekend dat cannabis een 'trigger' kan zijn om een psychose te ontwikkelen. Huisartsen moeten bij deze groep derhalve terughoudend zijn in het voorschrijven van cannabis. Anderzijds zal een deel van deze groep zich dan tot de coffeeshop wenden, met alle risico's (vervuilde wiet of hasj) van dien. En zelf heb ik geen last van medicinale cannabis, ondanks mijn gevoeligheid voor psychoses (en verslaving). Het gaat er om dat je de juiste verhouding THC en CBD weet te vinden. En dat is mij uitstekend gelukt. Inconsistent standpunt inzake marihuana Ten derde is het standpunt van het NHG allesbehalve consistent. Want als van cannabis geen pijnstillende werking uitgaat, is er ook geen enkele reden het wel voor te schrijven als palliatieve pijnstiller (pijnstillers die worden ingezet als iemand niet langer te behandelen is en wacht op de dood). Toch is dit wel wat het NHG adviseert -0ok al gaat het dan in eerste instantie om een 'proefbehandeling'. Een vreemde gedachtekronkel; iets werkt wel of niet tegen de pijn en daar doet het feit dat iemand palliatief wordt behandeld, niets aan af. Tot slot werkt marihuana, in ieder geval bij mij, wel degelijk tegen ernstige neuropathische pijn. Ik vind het geen wondermiddel, maar het haalt de scherpste kantjes eraf - net als de andere pijnstillers die ik voorgeschreven krijg dat doen. Mijn pijnmedicijnen tezamen maken het leven met neuropathie draaglijk. Ik begrijp dan ook niet waarom het NHG het besluit om wel of niet medicinale cannabis voor te schrijven, niet veel meer legt in handen van én de huisarts én de patiënt. Zeker omdat alle andere voorgeschreven middelen meer potentieel meer bijwerkingen geven dan cannabis, zou het fair zijn om de ideeën van de patiënt wat betreft medicinale cannabis, tenminste mee te laten wegen in het oordeel van de huisarts.   Nadere toelichting NHG Kennelijk is het NHG geschrokken van alle commotie die is ontstaan naar aanleiding van haar besluit. Enkele dagen na de beslissing, is het NHG dan ook met een toelichting gekomen: Het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG) heeft als wetenschappelijke vereniging gekeken naar de vraag of cannabis aan te bevelen is voor patiënten met chronische pijn. Voor andere klachten en aandoeningen heeft het NHG niet naar de onderzoeken gekeken omdat deze meestal in de tweede lijn door de medisch specialist worden behandeld. De vraag of cannabis werkt bij pijn hebben wij beantwoord door middel van wetenschappelijk literatuuronderzoek. Het weinige onderzoek dat tot nu toe verschenen is, laat geen klinisch relevante effecten zien. Bovendien is de kwaliteit van het bewijs laag en is er vaak sprake van indirect bewijs, omdat meestal andere vormen van cannabinoïden zijn gebruikt dan in Nederland beschikbaar zijn. Onderzoek nodig Er is onderzoek nodig naar de effectiviteit van de in Nederland beschikbare vormen van cannabis op recept. Dat onderzoek ontbreekt vooralsnog. Het advies van het NHG is daarom dat de huisarts vooralsnog alleen cannabis zou kunnen voorschrijven bij pijn in de palliatieve fase. Wanneer er nieuwe onderzoeken met cannabis bij pijn gepubliceerd worden, nemen we die mee in het NHG-Standpunt en de NHG-Standaard Pijn. Afstemming tweede lijn Het NHG heeft niet onderzocht of cannabis effectief is bij aandoeningen die in de tweede lijn behandeld worden zoals multipele sclerose. We adviseren huisartsen in deze gevallen het voorschrijven van cannabis af te stemmen met de behandelend specialist, ook omdat wisselwerking met andere behandelingen mogelijk is

#ggz wachtlijsten
09May2018
Lange wachtlijsten ggz gevaarlijk
Joep Heldoorn

Mensen met ernstige psychische problemen moeten veel te lang wachten op hulp. Ondanks de slordige 300 miljoen euro die hiervoor op de plank ligt. Dit is gevaarlijk voor jou en mij - en onnodig bovendien. Zowel minderjarigen als volwassen patiënten in de geestelijke gezondheidszorg (ggz) moeten steeds langer wachten op hulp. Dit blijkt uit een enquête van brancheorganisatie GGZ Nederland. Dat lange wachten kan levens kosten. Onderzoek wijst bijvoorbeeld uit dat mensen met een psychiatrische stoornis zeven keer meer kans hebben om slachtoffer te worden van een misdrijf. En vijf keer meer kans om een geweldsmisdrijf te plegen. Zo staat vast dat meer van de helft van de gedetineerden die een geweldsmisdrijf hebben gepleegd, psychiatrisch patiënt is. Burgers lopen door de wachtlijsten dus verhoogd risico om slachtoffer te worden van een geweldsmisdrijf. En door de lange wachttijden voor deze kwetsbare patiënten, is de kans op suïcide en verharding van de problematiek in deze groep, onnodig toegenomen. Voor alle zekerheid: de meeste verwarde personen zijn niet agressief en vallen geen andere mensen aan. Maar daar gaat het niet om. Het gaat me om die groep die wél potentieel gevaar oplevert. Ruim 30% van de verwarde personen, staat geregistreerd als 'overlastgevend' en/of agressief. Teleurstelling alom De lange wachtlijsten worden onder meer veroorzaakt doordat instellingen tussen 2008 en 2020 het aantal bedden met één derde moesten verminderen. Investeringen in ambulante zorg bleven echter grotendeels uit, terwijl de problematiek van hun cliënten verder is toegenomen. Vorig jaar is onder leiding van toenmalig staatssecretaris Edith Schippers van VWS dan ook met alle betrokken partijen afgesproken dat de wachtlijsten in de geestelijke gezondheidszorg (ggz) per 1 juli 2018 weggewerkt zouden zijn. Wachttijden langer dan veertien weken tussen intake en behandeling zouden op die datum tot het verleden behoren. Om aan deze afspraak te kunnen voldoen, moest er snel meer ambulante zorg komen. Maar helaas, ondanks de in het actieplan van Schippers genoemde 288 miljoen euro, zal de datum van 1 juli 2018 niet gehaald gaan worden. Daarvoor waarschuwen zowel de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) als het Schakelteam Personen met Verward Gedrag. mensen met complexe problemen die gedrag vertonen dat anderen niet direct begrijpen Het 'Schakelteam Personen met Verward Gedrag' verwacht zelfs dat de datum van 1 oktober 2018 niet gehaald wordt. Dit omdat tot nu toe slechts 20% van de zorgaanbieders heeft voldaan aan de voorwaarde om concreet uitgewerkte plannen te bespreken met ziektekostenverzekeraars. Dertienduizend verwarde personen dreigen hierdoor eveneens tussen wal en schip te vallen. Verwarde personen zijn te goed voor de kliniek en te ziek om het zelfstandig te rooien. Of om met voorzitter Onno Hoes van het Schakelteam te spreken: 'mensen met complexe problemen die gedrag vertonen dat anderen niet direct begrijpen'. Wat gaat er niet goed? Met de afspraken die Schippers maakte met alle betrokken partijen, was inhoudelijk niets mis. Bovendien leken ze financieel gedekt doordat er een bedrag van 288 miljoen 'over' was. Om te begrijpen wat er mis gaat, heeft VWS het Trimbos-instituut gevraagd hier onderzoek naar te doen. In het  Trimbos rapport GGZ worden onder meer de volgende struikelblokken benoemd:  Zorgaanbieders denken dat er geen geld beschikbaar is om ambulante zorg uit te bouwen; In 2018 is tot nu toe voor €109 miljoen extra gecontracteerd, aldus de staatssecretaris. Niet duidelijk is waaraan dit geld is besteed; Krapte op de arbeidsmarkt speelt een belangrijke rol. Aanbieders durven niet goed afspraken te maken bij gebrek aan voldoende personeel; Voor sommige aanbieders is het moeilijk om klinische verblijfsdagen af te bouwen, vanwege de daaraan verbonden vastgoedkosten; Verzekeraars delen eenzijdig de lakens uit. De zorgaanbieders moeten de plannen maken, maar de verzekeraars wikken en beschikken; In plaats van goede samenwerking tussen alle partijen, ontbreekt geregeld het vertrouwen; In de plannen is alleen de zorgverzekeringswet betrokken.   Geen geld Het Trimbos-instituut citeert enkele zorgaanbieders. 'De bedragen zijn verrekend in het zo laag mogelijk houden van premies. Dat geld ligt nergens op de plank.' Met andere woorden: die 288 miljoen euro's zijn in een enorme pot met geld terecht gekomen. En zie ze daar maar weer eens uit te halen. Als je erover nadenkt is het te zot voor woorden. Tenzij we de afspraken met Schippers er nog eens bij pakken. Dan zien we twee belangrijke pijnpunten opdoemen. Allereerst zijn aan de maatregelen veel goede bedoelingen, maar weinig meetbare resultaten verbonden. En ten tweede lezen we in een voetnoot bij de paragraaf  'Randvoorwaarden' dat: '...zorgverzekeraars een eigen verantwoordelijkheid hebben ten aanzien van zinnige en zuinige besteding van collectievemiddelen. Het macrokader is beschikbaar, maar het is geen op zichzelf staande doelstelling om de beschikbare middelen volledig te benutten. Zorgverzekeraars gaan uit van zorgplicht en een betaalbare premie. De beschikbare financiële ruimte geeft geen automatisch recht op groei per zorgaanbieder, maar dient te worden voorzien van plannen die door ggz-aanbieders opgeleverd worden en vervolgens goedgekeurd worden door de zorgverzekeraar....' Wat daar staat is dat er wel geld is en dat dit wel gebruikt kán, maar niet benut hóéft te worden (voor meer ambulante hulpverlening c.q. hulp aan huis). Verzekeraars moeten voldoen aan hun zorgplicht én de hoogte binnen de perken houden van de premie die jij en ik betalen. Verzekeraars hebben daarom het laatste woord en de keuze om te kiezen. Ze kunnen pas worden aangepakt als ze niet aan deze twee voorwaarden voldoen. Geen idee wie namens de zorgaanbieders aan tafel heeft gezeten toen de afspraken werden gemaakt over de wachtlijsten. Maar  het niet delen van de verantwoordelijkheid om plannen te ontwikkelen, lijkt me bepaald geen handige zet geweest.Dat kost immers tijd en geld en juist daaraan is een schreeuwend tekort. Gedeelde verantwoordelijkheid leidt verder al snel tot hechtere samenwerking. En hoe beter de samenwerking, hoe beter de plannen. In die zin hebben de andere partijen dus net zo goed een kans laten lopen op meer goede plannen voor meer en betere ambulantisering - zoals zorg aan huis. Geen cijfers De huidige staatssecretaris van VWS, Paul Blokhuis, is zeer teleurgesteld over het uitblijven van voldoende ambulante zorg. Hij schreef eind april in zijn brief  aan de Tweede Kamer dan ook dat hij alle partijen stevig wil aanspreken op hun verantwoordelijkheid. Het zou hem sieren als hij ook zijn eigen rol kritisch onder de loep zou nemen. Het is tamelijk idioot dat de staatssecretaris hiermee zonder slag of stoot genoegen lijkt te nemen. Niet duidelijk is namelijk waar de €109 miljoen zijn gebleven waarvoor in 2018 bij verzekeraars extra is gecontracteerd door zorgaanbieders. Naar nu blijkt, vertikt een aantal aanbieders van ambulante zorg het om rapportages over de wachtlijsten op te leveren. En daar komt bij dat de kwaliteit van deze rapportages nog al eens te wensen overlaat. Het is tamelijk idioot dat de staatssecretaris hiermee zonder slag of stoot genoegen lijkt te nemen. Hij verklaart hierover dat de volgende rapportages pas in juli (de vorig jaar overeengekomen einddatum) zullen worden opgeleverd. En het is nog maar afwachten geblazen of Blokhuis dan wél van de juiste informatie wordt voorzien. Om beter geïnformeerd te zijn, zullen de wachtlijsten voortaan in ieder geval niet meer op basis van verwachting worden vastgesteld. In plaats daarvan zal nu worden gekeken naar de tijd die een patiënt feitelijk op de wachtlijst heeft gestaan. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen de aanmeldwachttijd en behandelwachttijd. Dat zal tijd worden, dunkt me. Zorgverzekeraars geven overigens aan dat het grotendeels volumeverruiming betreft, beschikbaar om wachttijden te kunnen wegwerken, zo schrijft Blokhuis aan de Tweede Kamer. Nou vooruit, dat geeft de burger dan weer enige moed. Ervaringsdeskundigen en monitoring Blokhuis wil met de partijen in gesprek gaan over wat een patiënt van een zorgaanbieder mag verwachten als hij op de wachtlijst staat. Denk daarbij aan bijvoorbeeld aan het actief wijzen op de mogelijkheid tot zorgbemiddeling, overbruggingszorg of contact met ervaringsdeskundigen. De vraag is of dit laatste een goed idee is. Mensen met ernstige problematiek hebben behoefte aan hulp door professionals. Zou het daarom zijn dat het wederom ontbreekt aan meetbare afspraken over de te behalen resultaten? Ook het verwijzen naar alternatieve aanbieders waar een kortere wachttijd is en het monitoren van de toestand van de patiënt als deze op de wachtlijst blijft staat zullen onderwerp van gesprek worden. Het probleem daarbij is dat aanbieders nu al bijna bezwijken onder de administratieve druk en gebrek aan tijd. Een goede vriendin van mij is hoofdbehandelaar bij een dagbehandeling voor adolescenten. En als ik haar vraag hoe het op haar werk gaat, begint zij steevast over gebrek de administratieve druk. Met andere woorden: daar zit de ruimte om eens grondig te gaan monitoren, in ieder geval níet. Wat wel een goed idee lijkt, is het aanscherpen van de controle op de verzekeraars. En dan met name antwoord krijgen op de vraag of ziektekostenverzekeraars wel voldoen aan hun zorgplicht voor, in dit geval, kwetsbare en/of verwarde personen. De NZa zal zich op grond van de uitkomsten beraden op verdere maatregelen zoals bijvoorbeeld een aanwijzing of last onder dwangsom. Oplossingen op regionaal niveau De staatssecretaris stelt extra geld beschikbaar voor de zogenaamde regionale taskforces onder leiding van KPMG.  Via deze aanpak wordt duidelijk wat op regionaal niveau het beste werkt. Anderen kunnen daarmee hun voordeel doen. Onno Hoes vindt dat gemeenten nu de regie moeten nemen. Volgens hem zijn de gemeenten hier bij uitstek geschikt voor, omdat zij met veel partijen contact hebben, zowel met de zorg als met politie en justitie. Hij maakt hier een belangrijk punt. Ketensamenwerking is zeker in de grote steden vaak een feit. En een  noodzaak:  (grote) gemeenten zitten immers opgescheept met dertien duizend verwarde personen. Helaas is niet aan Hoes gevraagd hoe het zit met de financiën. De macht en regie liggen immers bij de partij waar het geld zit. Wie betaalt, bepaalt en dat zijn in dit geval (van de Wlz) allereerst de zorgverzekeraars - die in sommige gevallen dus aangeven dat er geen extra geld beschikbaar is. Op die manier komt er van een gemeentelijke regiefunctie niet veel terecht. Gemeenten moeten wat Hoes betreft in de nieuwe coalitieakkoorden afspraken maken over de aanpak van de problemen van mensen met verward gedrag. Een goed idee, maar zoals het er nu naar uitziet, zal het daarbij vooral gaan over geld uit de WMO. Die wet wordt namelijk wél door gemeenten uitgevoerd. Schakelteam dringt er bij alle gemeenten op aan om te investeren in preventie. Hoes' schakelteam dringt er bij alle gemeenten op aan om te investeren in preventie. "Papier is geduldig, maar mensen mogen niet tussen wal en schip vallen. Vaak is sprake van een combinatie van problemen als eenzaamheid, woningnood, werkloosheid en schulden", aldus Hoes. Komt het goed met de wachtlijsten in de GGZ? Gelukkig wordt er geïnvesteerd in ambulante zorg. Er zijn dikwijls al afspraken gemaakt voor 2018 of voor langere tijd. Deze bieden perspectief op betere zorg. Bovendien kunnen kinderen, net als groepen volwassen verzekerden toegang krijgen tot de Wet langdurige zorg (Wlz). De Wlz  is bedoeld om mensen met een blijvende, zware zorgbehoefte, zorg te bieden. Denk bijvoorbeeld aan volwassenen met een licht verstandelijke handicap  én gedragsproblemen. Psychische klachten geven op dit moment echter geen toegang tot de Wlz. Minderjarigen kunnen soms wel succesvol een beroep (laten) doen op de Wlz. Maar hoogleraar kinder- en jeugdpsychiatrie Curium-LUMC Robert Vermeiren, wijst er terecht op dat Schippers en Van Rijn hebben nagelaten standaarden te stellen waardoor de specialistische zorg nu in zwaar weer verkeert', aldus Vermeiren. Datzelfde lijkt te gelden voor de volwassenenzorg. Ook daar ontbreekt het aan 'smart' opgetekende standaarden. Het zou een zegen zijn als Blokhuis met verdere voorstellen komt waarvan de effecten achteraf  gemeten kunnen worden. Alleen op die manier is het mogelijk om uit te vinden wat werkt en wat niet. Wellicht kan de staatssecretaris de samenwerking zoeken met zijn collega's Wouter Koolmees en Tamara van Ark van SZW. Zij hebben als geen ander begrepen dat integratie de meeste kans van slagen heeft als men aan het werk is. En het verschil tussen nieuwkomers en verwarde personen, is in dezen minder groot dan je denkt. Beide groepen staan immers voor de zware taak (weer) een plek te veroveren in de Nederlandse samenleving. En arbeid kan daarbij een doorslaggevende rol spelen. Werk aan de winkel voor Blokhuis. Hopelijk zet hij zwaar in op een ketenaanpak én het waar mogelijk 'ontschotten' van de diverse financieringsstromen. De hoogst noodzakelijke ketensamenwerking heeft immers alleen kans indien er ook financieel nauw kan worden samengewerkt. En er geëxperimenteerd mag worden. Natuurlijk niet door geld over de balk te smijten, maar wél door het afbreken van financiële schuttingen waardoor vormen van ambulante zorg nu niet opgestart kunnen worden en die de administratieve belasting van hulpverleners alleen maar verhogen. Ketensamenwerking is ook noodzakelijk waar het gaat over het maken en financieren van plannen voor meer ambulante zorg. Door de eenzijdige verantwoordelijkheid die de aanbieders in dezen hebben, worden er maar bar weinig plannen ingediend en goedgekeurd. Dit leidt ertoe dat mensen die dringend hulp nodig hebben, aan hun lot worden overgelaten. En jij en ik onnodig risico lopen om aangevallen te worden - of aan te vallen, als je een agressief verward persoon mocht zijn. Hieronder kunnen je vrienden zich aanmelden. Jullie krijgen beiden gelijk een beloning van 125 Yp. Je kunt het helemaal bewerken en op maat maken.Weghalen is ook heel eenvoudig met het rode kruisje als je er met je muis op gaat staan.

#Gezondheidszorg
30Mar2018
Complimenten voor medewerkers in de zorg
Joep Heldoorn

Als er iemand is die flink kan mekkeren over de kwaliteit van de Nederlandse gezondheidszorg, ben ik het wel. Met name het gebrek aan goed casemanagement, zit me soms danig in de weg. En ja, daar doe ik kond van. En dat zal ik ook blijven doen. Want door het ontbreken van de regie, kunnen behandelingen vertraging oplopen of zelfs mislukken. Dit leidt tot ontevreden patiënten; gefrustreerde behandelaren en tot duurdere in plaats van goedkopere gezondheidszorg. Houvast en helderheid Maar....ik bespeur wel degelijk flinke verbeteringen. Daarom allereerst een compliment aan de behandelaren van revalidatiecentrum Reade. Ik heb er een revalidatiearts getroffen (Dr. Janse) die op prettige wijze de touwtjes stevig in handen heeft. Dat geeft mij houvast en helderheid. En wat ik eveneens enorm waardeer is de moeite die bij Reade wordt gedaan om afspraken zoveel mogelijk op dezelfde dag én aansluitend te laten plaatsvinden. Dat scheelt mij niet alleen tijd; veel belangrijker is dat de psychologische belasting die medische behandelingen soms nou eenmaal met zich meebrengen, op die manier tot een minimum wordt beperkt. Echt mééwerken OIM Orthopedie mag in dit verband zeker niet onvermeld blijven. Ik laat daar al sinds jaar en dag mijn orthopedische schoenen maken. En ook voor OIM geldt dat de medewerkers echt met je willen mééwerken. Ik weet bijvoorbeeld dat de agenda's van alle schoenmakers bomvol zitten, maar één telefoontje gisteren, bleek voldoende om ervoor te zorgen dat een van de schoenmakers mij  eerder dan gepland zal helpen. Puur en alleen omdat dit mijn behandeling ten goede komt – met mij als persoon heeft dit niets te maken. Grote impact Ook in het Amsterdamse OLVG denken behandelaren en andere medewerkers actief met je mee.  Van de week kwam ik bijvoorbeeld in de knel door elkaar overlappende afspraken. Dit werd soepel opgelost door wat te schuiven in de agenda's van de chirurg en de gipskamer. En wat me enorm verraste: dezelfde dag nog werd ik gebeld door een verpleegkundige van de gipskamer. Ze wilde weten of 'alles nu echt in orde was' en bood zelfs aan om de afspraak wederom te verzetten.  In de ogen van sommigen wellicht een onbeduidend voorbeeld, maar de impact van deze goede patiëntenzorg op mij en mijn leven is groot. Betrokken personeel Zomaar een paar voorbeelden van zaken die wél goed gaan in de Nederlandse zorg. En het werd de hoogste tijd om daar eens de schijnwerper op te richten. Gewoon, omdat het betrokken personeel dit verdient. Word lid en beloon de maker en jezelf! Aanmelden

#HIV
22May2017
AMC bewijst hiv-preventie slechte dienst
Joep Heldoorn

       Mensen met hiv die succesvol worden behandeld kunnen geen hiv meer overdragen. De medicatie maakt het virus NIET detecteerbaar en NIET overdraagbaar. N=N is een simpele boodschap die effectief kan worden ingezet om hiv te normaliseren. Het stigma dat hiv aankleeft berust immers in hoge mate op de angst voor virusoverdracht. Helaas houden veel hiv-behandelaren liever een slag om de arm. Zo ook het AMC dat weigert brochures te verspreiden waarin N=N wordt toegelicht. “De kans van overdracht bij een ondetecteerbare viral load is erg klein, maar aangeven dat er geen kans is, gaat ons te ver”, aldus het hivteam. Statistisch gezien heeft het AMC gelijk, maar het is het gelijk van ufojagers en cryptozoölogen. Of het nou gaat over hivoverdracht of aliens; honderd procent zekerheid bestaat niet in de wetenschap. Je weet maar nooit of zich bij de servicebalie van het AMC op enig moment niet tóch een mekkerend ruimtewezen met heimwee meldt – 'E.T. phone home'. Het is in ieders belang dat de 'N=N brochure' wordt verspreid en gelezen. Allereerst omdat N=N de (zelf)acceptatie van mensen met hiv enorm ten goede komt. Aanvaarden dat je hiv hebt, is toch nét wat eenvoudiger als je niet bang hoeft te zijn het virus door te geven. Maar zeker zo belangrijk: de boodschap N=N kan nieuwe infecties voorkomen. Mensen zullen zich eerder durven laten testen als ze eenmaal weten dat hiv niet gelijk staat aan levenslange infectiositeit. En meer testen leidt tot meer en eerder behandelen en daardoor uiteindelijk tot minder hiv. De weigering van het AMC om N=N actief uit te dragen is dan ook onacceptabel. Zonder adequate onderbouwing is het plaatsen van kanttekeningen bij N=N, net zo onzinnig als het reserveren van parkeerplekken voor ruimtewezens. En een stuk schadelijker voor de volksgezondheid bovendien. Deze column verscheen eerder in #4 Plus > (het verenigingsblad van de Hiv Vereniging Nederland)

30Jul2016
Hiv uit de kast
Joep Heldoorn

Vorige week kwam ik hem weer eens tegen in het AMC. En dikke kans dat u Ronald ook wel eens tegen het lijf bent gelopen. Hij was te zien op tal van Abri's; in diverse NS-stations en sierde bovendien de cover van het magazine Hello Gorgeous. Ronald is één van de rolmodellen in de campagne 'hiv uit de kast' en zijn boodschap is glashelder: 'Ik heb hiv en word net zo oud als jij.' Dat is fijn voor jou, Ronald. Nu ik nog. 'Hiv uit de kast 'ontkracht hardnekkige mythes en vooroordelen over hiv', aldus Alexander Pastoors, de voorzitter van de Hiv Vereniging Nederland. Dat werd inderdaad de hoogste tijd. Het stigma dat hiv aankleeft is ernstig, ziekmakend en hardnekkig en moet snel een kopje kleiner worden gemaakt - liefst nog vandaag. Niets dan lof dus voor Ronald en de vijf andere rolmodellen van 'hiv uit de kast', want zonder openheid wordt het natuurlijk nooit wat met dat nieuwe gezicht van hiv. Maar toch; ergens wringt er iets. Hiv wordt steeds meer neergezet als 'chronische aandoening waarmee je gezond oud kunt worden'. Gewoon je pillen slikken en stoppen met roken, dat is het eigenlijk wel zo'n beetje. Op termen als 'ziekte' en 'patiënt' heerst in hiv-land een absoluut taboe en hiv-remmers zijn verworden tot het hedendaagse snoepje van de week. Klachten door hiv? Kom kom, iedereen heeft wel eens wat en trouwens, een halfjaarlijkse gezondheidscheck door een goede internist; wie wil dat nou niet? Langzaam maar zeker doemt zo een nieuwe mythe op: die van hiv als onschuldig virus, het mekkeren niet meer waard. Persoonlijk kamp ik wel degelijk met forse gezondheidsproblemen die deels onmiskenbaar hiv-gerelateerd zijn. En daarin sta ik niet alleen. Die hiv mag dan voor velen goed te doen zijn; dikke kans dat Ronald vaker bij de dokter zit dan zijn buurman. Steeds vaker krijg ik het gevoel me te moeten verdedigen als ik iets vertel over de donkere kant van hiv anno 2016. Met het ontkrachten van die oude mythes komt het dus wel goed. Maar oude mythes vervangen door nieuwe? Daar worden Ronald en ik uiteindelijk ook niet beter van. Een andere versie van deze column verscheen eerder in Plus> het verenigingsblad van de Hiv Vereniging Nederland.

29Jun2016
Politiebericht
Joep Heldoorn

Beste Swijs,In een interview in de Leeuwarder Courant van deze week, maak jij je sterk voor cameratoezicht en het scannen van kentekens - omdat ik niet weet of dat gesprek nog vers in je geheugen ligt, heb ik hieronder het fragment nog maar even weergegeven. Jij vraagt je af waarom het erg is gefilmd te worden door de overheid, gesteld dat je niets op je kerfstok hebt. Swijs, de vraag stellen is hem beantwoorden. Graag doe ik jou dan ook een aanbod, zo eentje in de categorie 'an offer you can't refuse' - als je snapt wat ik bedoel......Over een paar weken, laten we zeggen: de tweede zondag van juli, wip ik even bij je aan om een webcam boven je voordeur te plaatsen. Geen idee of ik iets van jou te vrezen heb, maar ik vind het gewoon prettig te weten wanneer jij je op straat begeeft. Een mens wil wel eens rustig van zijn bakje koffie genieten en het zijn nou eenmaal bange tijden, dat weet jij net zo goed als ik. Van half werk houd ik niet, dus gemakshalve laat ik meteen wat camera's ophangen lans de route naar je werk. Omdat ik nog meer te doen heb dan de godganse dag naar een beeldscherm te koekeloeren, heb ik wat vrienden gevraagd zich over die beelden te ontfermen. Ik zweer het je: mijn vrienden zijn jouw vrienden, dus maak je niet druk. Die camera's waken over mijn veiligheid én die van jou, moet je maar denken. En dat is hard nodig want, geloof me, het wordt er in ons land niet veiliger op - zelfs de statistieken kun je tegenwoordig niet meer vertrouwen.Ik ken jouw trek in een vette bek dus voor de zekerheid positioneer ik meteen wat camera's bij die Febo bij je werk. Die camera's vallen nauwelijks op, dus wat kan jou het verder bommen? We hebben het hier wél over mijn veiligheid. En die van jou, maar dat had ik al gezegd. Trouwens, waarom zou je je druk maken. Bij die Febo binnen hangt al jaren een camera, en daar zeur je toch ook niet over? Of heb je soms wat te verbergen!?Oh, wacht, als ik jou was, zou ik wél even uitkijken met die dame die je iedere week bezoekt. Geen haar op mijn hoofd die eraan denkt je vrouw daarover in te lichten, want als iemand te vertrouwen is, ben ik het wel. Maar weet je wat het is? Ik kan onmogelijk instaan voor de integriteit van elke vage kennis die toevallig wat opnames van jou bekijkt, dat snapt een kind. Dus hou het gewoon lekker zelf in de hand en kap met dat mens. Beter voor jou en beter voor haar, je weet toch.....Nu we het toch over seks hebben; kijk een beetje uit met dat internet van je. Ik ben er heus heel zeker van dat je niets illegaals uitspookt, want als jij dat zegt, dan is dat zo. Maar ja, jij weet als geen ander dat wat vandaag is toegestaan, morgen verboden kan worden. Kijk, aan mij zal het niet liggen, maar niemand weet wat de toekomt zal brengen. Jij hebt toch ook geen kristallen bol? Nou dan! Ik zeg maar zo: een gewaarschuwd mens telt voor twee. Verder moet je helemaal zelf weten wat je online uitspookt, maar ga alsjeblieft niet mekkeren als iemand in de toekomst moeilijk doet over die porno van jou. Je hebt het zelf in de hand. Kwestie van logisch nadenken en koppie erbij houden.Tot slot: ik beloof je plechtig dat ik alle gegevens die ik over jou verzamel, na een jaar van mijn harde schijf zal verwijderen. Eigenlijk is dat nergens voor nodig, maar als jou dat nou een fijn gevoel geeft; vooruit dan maar. Er is alleen nog wel één klein dingetje: van beveiliging heb ik geen kaas gegeten. Daarom heb ik een collega van me gevraagd ervoor te zorgen dat niemand gekke dingen doet met jouw gegevens. Die kans is klein, maar toch, een ongeluk zit tegenwoordig in een héél klein hoekje. Die collega van mij weet wat hij doet, daar kun je op vertrouwen. Je merkt het wel: aan mij zal het niet liggen. En ik ben een fatsoenlijk mens, dus maak jij je verder maar niet druk. En mocht de nood ooit aan de man komen, dan klopt je maar bij mij aan. Daar zijn vrienden voor, je weet toch....Met beschermende groet,Jouw vriend Joep.

25Apr2016
Vergoeding medicinale cannabis: praktische tips
Joep Heldoorn

Google eens op 'medicinale cannabis', en je vindt een groot aantal studies die een positief effect laten zien van wiet op allerlei soorten chronische pijn. Terecht dus, dat een aantal verzekeraars dit middel vergoedt. Hieronder een aantal tips die van pas kunnen komen als jij medicinale cannabis vergoed wilt krijgen. Ik heb verzekerd tegen ziektekosten bij Achmea. De voorwaarden kunnen per verzekeraar verschillen.Om in aanmerking te komen voor vergoeding van medicinale cannabis, moet allereerst een machtiging worden afgegeven door de verzekeraar. In de praktijk betekent dit dat een oncoloog of neuroloog een verzoek om een machtiging moet schrijven aan de verzekeraar. Verzoeken van andere specialisten (internist, revalidatiearts enzovoort) worden, door Achmea in elk geval, niet in behandeling genomen.De machtigingWelke informatie in ieder geval in het verzoek om een machtiging moet staan is: de reden waarom medicinale cannabis volgens jouw neuroloog/oncoloog noodzakelijk is voor jou. In de praktijk houdt dit in dat je al de nodige medicatie uitgeprobeerd moet hebben. Medicinale cannabis is tamelijk duur, dus vergoeding zeker niet vanzelfsprekend; De soort cannabis dat je wilt gaan gebruiken en de dagelijkse  hoeveelheid. Het is belangrijk om jezelf van tevoren te verdiepen in de  verschillende soorten cannabis die worden vergoed. Daarover vind je alle  info op de website van  het Cannabisbureau, een officieel overheidsorgaan.  Momenteel worden vijf soorten vergoed en het is aan jou om uit te zoeken  naar welke soort je voorkeur uitgaat. Ik heb zelf ervaring met twee  soorten: Bediol en Bedrocan. Van Bedrocan wordt je behoorlijk high; van  Bediol veel minder. Bedrocan bevat dan ook 22%  THC; de stof die voornamelijk psychoactief is.  Bediol moet het vooral hebben van het hoge CBD-gehalte. CBD is de stof in cannabis die voornamelijk een lichamelijke ontspanning geeft en de     . Het werkt onder meer goed tegen spierkrampen en zenuwpijn. Dat laatste geldt voor Bedrocan ook en persoonlijk vind ik een mix van beiden ideaal;De wijze van gebruik. Mensen die geen tabak roken, geven doorgaans  de voorkeur aan een verdamper (vaporisator). Er is maar één verdamper medisch erkend  in Nederland en dat is de Volcano.  Dat ding kost overigens om en nabij de €500,- en de verzekeraar wil dat  bij een verzoek tot machtiging wordt aangegeven dat je de Volcano nodig  hebt en wat deze kost. Er moet dus een zogenaamde offerte bij zitten. Bestellen van de Volcano kan hier. Je neuroloog of oncoloog moet in het verzoek om een machtiging, duidelijk aangeven welke soort(en) cannabis het betreft en welke hoeveelheid. Zelf gebruik ik een gram per dag. Minder heeft bij mij geen zin, maar wellicht kunnen anderen met minder toe.De machtiging wordt verstrekt voor 12 maanden. Zorg dus dat je op tijd een nieuwe machtiging regelt via je neuroloog of oncoloog.De apotheekAls je verzekeraar eenmaal een machtiging heeft afgegeven, heb je ook nog een recept nodig. Zonder recept kun je het bij de apotheek wel schudden. Dit recept moet eveneens door je neuroloog/oncoloog zijn afgegeven.Met machtiging en recept ga je naar je apotheek. Deze bestelt, als het goed is, zowel de cannabis als de verdamper voor je. Mijn ervaringen met de apotheek zijn niet bijster goed. Het lijkt erop dat medicinale cannabis maar weinig wordt voorgeschreven waardoor men het al snel ‘gedoe’ lijkt te vinden. Zo was mijn apotheek niet bereid om mij te helpen bij het verkrijgen van een verdamper. Hoewel mijn verzekeraar mij had opgedragen om de aanschaf via de apotheek te regelen, bleek bij mijn apotheek niemand bereid om me daarbij van dienst te zijn. Tamelijk idioot, daar een verdamper in mijn geval gewoon een medisch artikel is. Zorg dus dat je alle paperassen bij de hand hebt, want anders word je wellicht afgepoeierd.Helpt het?In mijn geval is het antwoord: ja, enigszins. Verwacht geen wonderen van het spul, maar ik zit inmiddels in het stadium dat elk effect, hoe klein ook, mooi meegenomen is. Zeker als je geen trek hebt in zenuwblokkades of opiaten, is medicinale cannabis zeker het proberen waard. Het gevolg is wel dat je 24/7  stoned bent; of jij dat prettig vind, is natuurlijk aan jou. Medicinale cannabis is in ieder geval één van de weinige medicijnen, waarbij het gezegde ‘baat het niet, dan schaadt het niet’ daadwerkelijk opgaat – mits gebruikt  zonder tabak.Dit stuk is een bewerkt versie van een eerder door mij geschreven artikel op de website van Poz&Proud

09Apr2016
Dubbele moraal geeft hiv alle ruimte
Joep Heldoorn

Tot 2011 zat de pil als geboortebeperkend middel gewoon in het basispakket. Condooms waren weliswaar een stuk goedkoper, maar neuken met een rubbertje doet bijna niemand voor zijn lol. Toch is dat precies wat momenteel wél wordt gevraagd van Mannen die Seks hebben met Mannen (MSM). Voor hen is het condoom kennelijk goed genoeg. Het aantal nieuwe hivinfecties blijft daardoor onverminderd hoog.Op advies van het College voor Zorgverzekeringen (het huidige Zorginstituut Nederland) is de pil in 2011 uit het basispakket gehaald. De pil is zo goedkoop geworden dat volwassenen de kosten ervan zelf kunnen dragen, aldus het College. Geen overweging is geweest dat hetero's die zo nodig moeten neuken, maar gewoon een condoom kunnen gebruiken. Het woord 'condoom' wordt in de meer dan twintig pagina's die het adviesrapport beslaat, welgeteld drie keer genoemd. Onthouding als preventiestrategie bleef in het rapport eveneens volkomen onbesproken. Als het over heteroseks gaat, is neuken de norm en zijn condooms geenszins vanzelfsprekend. Dubbele moraalCondooms gaan snel kapot; glijden makkelijk af en doen menig erectie als sneeuw voor de zon verdwijnen. Een groep homo- en heteroseksuelen laat daarom, als puntje bij paaltje komt, het condoom links laat liggen. Het zijn in de eerste plaats MSM die hiervan de de gevolgen ondervinden. Van de 1100 nieuwe hiv-geïnfecteerden die jaarlijks in Nederland worden geregistreerd, betreft 65% MSM.Wat een geluk dat er eindelijk een pil is die overdracht van hiv onmogelijk maakt! Die pil heet PrEP en voorkomt hiv. Tijd voor een feestje, zou je denken, maar helaas; PrEP is bepaald niet met gejuich onthaald. Integendeel: de naam PrEP was nog maar nauwelijks bekend of de aloude, stigmatiserende vooroordelen over MSM en mensen met hiv, werden weer van stal gehaald. Belachelijk, zo'n dure pil tegen hiv! MSM moeten gewoon condooms gebruiken; MSM moeten stoppen met losse seksuele contacten of liever nog: MSM moeten maar eens helemaal kappen met die ranzige anale seks. En nee, nou niet gaan denken dat daar best wat in zit, in dat soort ideeën. Want zouden anticonceptiemiddelen zoals de pil, morgen in prijs vertienvoudigen, dan zaten ze binnen de kortste keren geheid weer in het basispakket. Geen mens die het in zijn hoofd zou halen om eerst maar eens aan heteromannen te vragen hun gedrag aan te passen. Dat gebeurt pas als het echt niet anders kan, want ach, (hetero)mannen zijn nou eenmaal (hetero)mannen. Maar gaat het over MSM, dan is plotsklaps het condoom de norm en neuken geenszins nog vanzelfsprekend.Deze dubbele moraal heeft méér hiv; méér persoonlijk leed, méér gezondheidsschade en méér kosten tot gevolg. En dat mogen de moraalridders die het condoom steeds weer op het schild heffen, zich aanrekenen. Temeer daar inmiddels duidelijk is dat medische risico's van PrEP uiterst gering zijn en het middel onder voorwaarden kosteneffectief is.Medische risico'sCritici van PrEP hameren telkens op de risico's van PrEP voor de volksgezondheid. Door onzorgvuldig gebruik van PrEP zou resistent hivvirus kunnen ontstaan. Eerlijk is eerlijk; heel zelden lopen gebruikers van PrEP inderdaad hiv op. Maar vrijwel altijd is dit het gevolg van onvoldoende therapietrouw en ook dan is de kans op de ontwikkeling van resistent virus klein. Bovendien wijst recente onderzoek laat zien dat deze resistentie van tijdelijke aard is en geen gevolgen lijkt te hebben voor de behandeling.Een verhoogd risico op andere soa's is ook zo'n argument dat steeds weer van stal wordt gehaald. De waarheid is dat we nog steeds niet weten of PrEP-gebruik daadwerkelijk leidt tot een toename van andere soa's. Onderzoekers spreken elkaar op dit punt tegen. Desondanks wordt PrEP voor MSM ondubbelzinnig aanbevolen door de Wereld Gezondheidsraad (WHO). De WHO geeft zonder voorbehoud voorrang aan de bestrijding van hiv en neemt het risico op meer andere soa's terecht op de koop toe. Bedenk bij dit alles dat PrEP door het overgrote deel van de gebruikers goed wordt verdragen en het beeld is helder: MSM met verhoogd risico op hiv een middel ontzeggen waarmee ze een hiv-infectie kunnen voorkomen, lijkt vanuit gezondheidskundig perspectief volkomen achterhaald. Niet voor niets is de Amsterdamse GGD dan ook gestart met een pilot. MSM hebben alleen niet de tijd om de uitkomsten van dat jarenlange onderzoek af te wachten.Voor meer informatie over het gebruik van PrEP en de medische risico's: zie de website van PrEPnu.KosteneffectiefHet moet gezegd: PrEP is met dank aan de farmaceutische industrie, zeker niet goedkoop. De kosten kunnen oplopen tot maximaal € 7000 per jaar. Wel zijn de kosten in de praktijk veel lager. Veel mensen gebruiken PrEP immers maar een bepaalde periode in hun leven en vaak alleen maar in de dagen rondom een onveilig sekscontact. Daarbij kunnen de kosten van hiv-remmers makkelijk oplopen tot zo'n 12.000,- per jaar. En dat is pas het begin. Hiv geeft namelijk een verhoogd risico op andere aandoeningen. En ook die andere aandoeningen zullen moeten worden behandeld met alle extra kosten van dien.PrEP voor MSM is zonder meer kosteneffectief, mits gebruikt volgens periodiek schema (alleen slikken indien nodig) en alleen voorgeschreven aan MSM die daadwerkelijk risico lopen op hiv. Hiv is vele malen duurder dan PrEP.PretpilDertig jaar hiv-preventie en promotie van het condoom, hebben niet kunnen voorkomen dat er mannen zijn die onveilige seks hebben. Die realiteit ontkennen leidt tot weinig goeds en zeker niet tot minder hiv. Toch trekken veel mensen nog steeds de noodzaak van PrEP in twijfel. Ze doen dit door PrEP weg te zetten als pretpil voor een stelletje losgeslagen homo's met gebrek aan verantwoordelijkheidsgevoel. Op die manier ontkennen ze allereerst dat PrEP-gebruikers nu juist bij uitstek wél verantwoordelijkheid tonen voor hun eigen gezondheid en die van hun sekspartners. Veel giftiger nog is de relatie die wordt gelegd tussen homoseksualiteit en onveilige seks. Die bevestigt het negatieve beeld over MSM en mensen met hiv, terwijl van een dergelijke relatie in feite helemaal geen sprake is. De werkelijkheid is dat een aanzienlijke groep mannen in het algemeen niets moet hebben van condooms. Van deze groep is 95% heteroseksueel, zo mag statistisch gezien worden verondersteld. MSM hebben dus geen grotere hekel aan condooms dan heteromannen. MSM zijn dus niet meer dan hetero's geneigd tot onveilige seks. En MSM zijn zeker niet behept met een bovengemiddeld gebrek aan verantwoordelijkheidsgevoel. MSM hebben slechts de pech dat onveilige seks bij hen veel sneller dan bij hetero's leidt tot overdracht van hiv. Dat is bijzonder treurig en niets meer dan dat. MSM zijn dus in het geheel niet gebaat bij moraliserende prietpraat. Waar MSM op zitten te wachten is op gelijke behandeling inzake hiv-preventie en seksuele gezondheid. En op gratis PrEP als het niet anders kan.

15Dec2015
Begrip voor homohaat smoort politieke ambities in de kiem
Joep Heldoorn

Mensen die afgelopen zaterdag het Parool opensloegen, moeten welhaast van hun stoel zijn gevallen van verbazing. In een ingezonden brief  neemt politicologe Ellen Hoogakker het op voor homofobe vluchtelingen. Zij vindt het onrechtvaardig om van vluchtelingen te verwachten dat zij binnen een week onze waarden en normen hebben geïnternaliseerd. Een specifieke passage uit de brief wil ik u niet onthouden: "....Blijft het feit dat er een groep vluchtelingen is die, eenmaal in Nederland, tot de verbijsterende ontdekking komt dat homoseksualiteit hier niet tot hoon, fysiek geweld en gerechtelijke vervolging leidt. Zij hebben rust, tijd en begrip nodig om dit te beseffen en te leren hiermee om te gaan. Dit geldt voor hen die homoseksueel zijn en voor hen die dat niet accepteren. Ook deze laatste groep heeft recht op een welkom in Nederland en moet de tijd krijgen zich een beeld te vormen van onze samenleving en van wat wij 'normaal' vinden...."Onder meer Erwin Olaf heeft gelukkig geageerd tegen deze dame en wees er terecht op dat onze wet geldt voor een ieder die zich op Nederlands grondgebied bevindt.  Aan wetten moet je niet wennen; je moet je eraan houden. Dat is nou een mooi voorbeeld van 'gelijke behandeling'.  Trouwens, ik betwijfel of vluchtelingen met verbijstering kennisnemen van een seculiere visie op seksualiteit. Zij woonden ook in het land van herkomst doorgaans niet onder een steen.Om het meteen maar even persoonlijk te maken: als het aan Hoogakker ligt, kan ik voorlopig niet meer hand in hand meer hand in hand met mijn man over straat. Geen idee namelijk, hoe lang het duurt alvorens homofobe vluchtelingen begrijpen dat ze ons niet mogen beschimpen, bespuwen, vernederen, mishandelen of van één of ander hoog gebouwen mogen gooien – met ons hoofd omlaag, ook dat nog.  Homohaters zijn wat Hoogakker betreft welkom en mogen rekenen op geduld en begrip. Mijn man en ik hebben kennelijk pech gehad: onze veiligheid wordt voorlopig  - zo niet voor de rest van ons leven - door haar in de ijskast gezet.Het eerste wat door me heen ging na het lezen van Hoogakkers brief was:  dat zal wel weer een christen zijn. Als het erop aankomt ligt een gelovig hart nou eenmaal dichter bij God of Allah dan bij onze aardse rechtsstaat. Even googelen leerde me dat ik het vermoedelijk bij het rechte eind heb. Maar ik zag nog iets anders: Hoogakker heeft zich actief ingezet voor asielzoekers - sommige asielzoekers zit werkelijk alles tegen -  en blijkt bovendien politiek actief. En dat uitgerekend in het stadsdeel waar manlief en ik al meer dan vijftien jaar wonen.  Allah en de herenliefde gaan nou eenmaal niet goed samen en een paar idioten zijn genoeg  om ons het leven zuur te maken. Dat maakt me bang, maar ik ben bereid die angst op de koop toe te nemen. Erkende vluchtelingen hebben in mijn optiek nou eenmaal recht op opvang, huisvesting en indien opportuun:  op termijn een Nederlands paspoort. Dat geldt ook voor gelovige moslims. Zolang ze zich maar aan de Nederlandse wet houden. Waar ik niet toe bereid ben is me op te sluiten in mijn huis of me anders te gedragen dan tot nu toe. Ook wens ik niet lijdzaam toe te zien hoe mijn man in elkaar wordt geslagen door vluchtelingen die nog een tijdje moeten wennen aan homorechten. Bovenal wil ik mij beschermd weten door onze politici. Gelukkig kan Hoogland het verder wel vergeten in de politiek:  één brief met zoveel domheid zou normaliter moeten volstaan. Trouwens, net als Erwin Olaf word ik onpasselijk van begrip voor homohaat. Dus, Ellen, als wij straks daadwerkelijk moeten kotsen, wil jij dan ons teiltje zijn?

05Dec2015
Body Stress Release: je gelooft je ogen niet
Joep Heldoorn

Terecht werd mij deze week door een vriend  verweten dat ik mijn oordeel al klaar had, zonder me in het onderwerp te hebben verdiept. Het ging over Body Stress Release (BSR);  een methode die mijn vriend naar zijn zeggen heeft verlost van ernstige vermoeidheid. Ik besloot mijn kennis op te vijzelen en het moet gezegd: ik viel van de ene verbazing in de andere.De officiële website van BSR Nederland leert dat iedereen  er baat bij kan hebben: zowel baby's als hoogbejaarden.  Naast klachten waar gans alternatief genezend Nederland een oplossing voor lijkt te hebben ( hoofdpijn, vermoeidheid, slaapproblemen en spierpijn) , worden op de site ziektes genoemd als migraine, depressie, darmklachten en vaginisme. BSR blijkt geschikt voor 'mensen in iedere gezondheidstoestand'.  Uiteraard draait het allemaal om spanning: Het opslaan van spanning (body stress) is goed georganiseerd; het lichaam zorgt ervoor dat dit in bepaalde patronen gebeurt. De Body Stress Release-practitioner is opgeleid om deze patronen te herkennen en op te sporen waar en in welke richting deze zich bevinden. De practitioner test het lichaam op body stress, hij maakt hierbij gebruik van het zogenoemde bio-feedback mechanisme van het lichaam.U en ik slaan dus spanning op in goed georganiseerde patronen. Dat hadden mijn artsen me wel eens eerder mogen vertellen, dacht ik en las verder over de gevolgen van deze zogenaamde bodystress. 'Die spanning kan zich overal opslaan, eigenlijk in ieder weefsel: spieren, bindweefsel, pezen etc.  Het weefsel wordt samengedrukt, waardoor de zenuwen in dat gebied geïrriteerd of onderdrukt worden. Deze 'verstoring van de zenuwprikkel' leidt er vervolgens toe dat de  'communicatie in het lichaam is verstoord, met als gevolg allerlei mogelijke klachten.'Goddank kan deze spanning worden opgespoord en verholpen. 'Wanneer er sprake is van vastgezette spanning zal het lichaam tijdens het testen reageren door middel van reflexen. Op die manier kan heel zorgvuldig worden vastgesteld welke releases de cliënt nodig heeft en in welke richting deze moeten worden uitgevoerd. De 'release' bestaat uit het geven van kleine, lichte impulsen met de vingers, duimen of handen op de juiste plaats en in de juiste richting. Het lichaam kan door deze impulsen de spanning laag voor laag loslaten. Hierdoor krijgt het zenuwstelsel weer ruimte en de communicatie tussen de hersenen en het lichaam zal herstellen. Deze methode is effectief omdat er geen eigen interpretatie nodig is, niet van de cliënt en niet van de practitioner. Het is ook niet nodig om erin te 'geloven'. Het staat er echt.  Omdat niemand er iets van hoeft te vinden, staat de effectiviteit van deze 'methode' kennelijk als vanzelf vast. Laten we maar blij zijn dat deze types het niet nodig vinden in hun onzin te geloven. Samengeperst weefsel ontstaat doorgaans slechts door een ongeluk en zenuwstelsels die meer ruimte nodig hebben? Ik heb er geen enkele wetenschappelijke publicatie over kunnen vinden.Het probleem met dit soort kwakzalvers is dat ze valse verwachtingen wekken bij mensen die door hun klachten vaak de wanhoop nabij zijn.  Ze dekken zich overigens goed in. Nergens wordt daadwerkelijk geclaimd dat BSR bijdraagt aan een oplossing van medische problemen. Wel wordt voortdurend die suggestie gewekt, onder meer door het vermelden van allerlei aandoeningen onder het kopje mogelijke klachten. Kwalijk is verder dat  medische kletskoek wordt gepresenteerd met een air en vanzelfsprekendheid alsof deze 'professionals' weten waarover ze spreken. Mocht u na lezing van dit artikel denken 'ik heb toch niets te doen, dus laat ik mezelf eens omscholen tot ruggenprikker'. Dat kan. Een vooropleiding - laat staan enige medische kennis- is niet nodig. Wel dient u over HBO niveau te beschikken (wie toetst dat eigenlijk?) en is het belangrijk dat u zelf 'intensief BSR hebt ondergaan' (lees:  flink in de kreukels hebt gelegen of gebukt gaat onder enige loszittende schroeven).  Tot slot wordt van u verlangd een praktijk op te kunnen zetten.  Ik wens u daarbij geen succes.

MEER