ElineS

Lid sinds: 22-09-2016

#coalitie
09Dec2016
Het Bijltje van Bijl
ElineS

Een lesje Purmerendse politiek Mooi is dat he? Stemrecht. Het recht van vrijheid van meningsuiting. Het feit dat je overal iets van mag vinden. We maken er allemaal dankbaar gebruik van. Het is niet voor niets grondwet nummer 7 in ons land. We mogen -binnen de grenzen van de wet- zeggen en stemmen wat we willen. Dat mogen we allemaal. Behalve 23 individuen in onze gemeenteraad. Ik geef het toe. Mijn conclusie van deze column is een stevige. En ik nodig een ieder van deze 23 personen van harte uit om mij van iets anders te overtuigen. Zou ik ook graag de mening van de raadsleden van D66 horen. Zij behoorden immers tot 6 maanden terug ook tot dit groepje. Tot het moment dat zij werden ingeruild.  Een klein lesje gemeentelijke politiek: De inwoners van Purmerend mogen een keer in de vier jaar gemeentelijk stemmen. Via deze procedure wordt de gemeenteraad gekozen. De grootste partij gaat met de andere partijen in onderhandeling. Ze vormen samen een groep die de meerderheid heeft qua aantal zetels in onze raad. Dat zijn er 35 in Purmerend. Deze meerderheid vormt de coalitie. De overige partijen heten de oppositie.  De partijen van de coalitie leveren de wethouders. De wethouders en de burgemeester vormen samen het college. Het college maakt het beleid. En over het beleid wordt gestemd in de gemeenteraad. Alle grote plannen die gevolgen hebben voor de gemeente moeten een meerderheid hebben in de raad. Hoe mooi is dat ooit uitgedacht. Het is logisch dat sommige partijen een stukje van hun eigen plannen moeten laten varen. Want wil je een college vormen waarin twee partijen zitten die over vijf dingen hetzelfde denken, maar over twee dingen een tegenovergestelde mening hebben, werkt dat uiteraard niet. De partijen bepraten eerst achter vier muren aan welke plannen ze willen vasthouden en waar ze een compromis over willen sluiten. Het zogenoemde “coalitie akkoord”. Tot zoverre is het duidelijk. Iedere gemeente in Nederland werkt op deze manier. Maar in Purmerend is er iets bijzonders aan de hand. Wij hebben hier te maken met “Het Bijltje van Bijl”. En nee, ik suggereer hier niet dat onze burgervader Don Bijl de boel over-regisseert. Ik zou zelfs niet willen suggereren dat Dhr. Bijl hier een actief aandeel in heeft. Maar ik constateer wel een flink probleem. En onze burgemeester is de baas van het college en daarmee verantwoordelijk. Bovendien allitereert het zo lekker: Het Bijltje van Bijl. De coalitie in Purmerend heeft namelijk een heel erg bijzonder talent. Iedereen, niemand uitgezonderd, is het namelijk altijd met elkaar eens. En dat is heel erg knap. Iedere landelijke politieke partij, iedere Ondernemers Raad, iedere Raad van Bestuur, ja zelfs iedere tafeltennisvereniging zou willen dat er zo een eengestemdheid is als in onze raad.  Zelfs als er door de oppositie een motie wordt ingediend, waarin er gevraagd wordt om een aanvullend onderzoek bij bijvoorbeeld een overschrijding op een bouwbudget van 1.3 miljoen euro, vindt de gehele coalitie dat niet noodzakelijk.  Iedereen binnen de coalitie is het totaal eens met de wethouder. Een summiere belofte is genoeg om net niet helemaal voor aap te staan. Gevoelsmatig dan, want ik - en vele anderen met mij - vind er een heleboel van.  Alsof er een figuurlijke bijl boven hun hoofden hangt, doen niet alleen de fractievoorzitters hun beloofde woordje. Ook alle overige coalitie-raadsleden drukken op het beloofde stemknopje. Bij de oppositie zie je nog wel eens een verschil in de keuzes van de raadsleden. Maar de coalitie is unaniem. Altijd. En als het penibel dreigt te worden? Nou dan wordt er gewoon gevraagd om een hoofdelijke stemming. Dan is het tenminste duidelijk als er coalitielid een andere stem uit zou brengen. D66 kan hier over meepraten. Het mag niet gezegd worden. Het wordt ontkend. Maar het tegendraadse stemgedrag van een van de leden van de partij zal mede de oorzaak zijn dat deze partij op een hele slinkse manier uit de coalitie is gezet.  En als ik dit allemaal mis heb? Als dat echt zo is, dan wil ik de verantwoordelijk wethouder die alle monden in zijn college - maar ook daar buiten - dezelfde kant op weet te krijgen, uitnodigen voor een bestuursfunctie. Bij voorkeur bij een grote Nederlandse International. Bravo. Wat een leiderschap. Wie staat er op? Wie pakt het compliment? Wie heeft het Bijltje van Bijl? Eline Ploch  Kopfoto: Pixabay

#feminisme
18Nov2016
Feminisme, een gebrek aan ballen
ElineS

Anti-emancipatie in vrouwennetwerken en andere damesclubjes Nog niet zo lang geleden zag de wereld er iets anders uit. Onze ouders hadden een encyclopedie in de kast staan, want google bestond nog niet. Had je vage gezondheidsklachten, dan ging je naar een huisarts in plaats van naar een internetforum. Bellen deed je thuis. En solliciteren deed je via advertenties in de krant. De krant bepaalde sowieso onze kijk op de wereld. Iets langer geleden was de maatschappij totaal anders. Het is bijna niet meer voor te stellen dat er 100 jaar geleden geen auto’s waren, althans niet voor de gewone man. Dat het 107 jaar geleden was, dat er voor het eerst een vliegtuig vanuit Frankrijk over het Kanaal naar Engeland vloog. En dat de eerste televisies in 1951 in Nederland op de markt kwamen. De technologie heeft niet stil gestaan in de laatste eeuw. En zo zit dat ook met de ontwikkeling in de maatschappelijke verhoudingen. Althans, in ons deel van de wereld. Vanaf het begin van het ontstaan van de moderne mensheid was er een heel duidelijk verschil tussen de rechten en plichten van een man en van een vrouw. Vrouwen werden niet betaald voor arbeid. Ze mochten geen bestuurlijke functies bekleden. Mochten niet naar school. Hadden geen kiesrecht. Geen zeggenschap op persoonlijk gebied. Alles liep via de mannen. Het ontstaan van het vroege feminisme was een logisch gevolg van een klein stukje emancipatie in de denkwijze van de vrouw. Sinds Aletta Jacobs in 1871 als eerste vrouw in Nederland ging studeren (eerst met een proefperiode van een jaar), is er veel veranderd. Onze moeders, grootmoeders en overgrootmoeders hebben er hard voor moeten knokken. Maar de doelstellingen van het feminisme zijn ruimschoots behaald. Stemrecht, studie, economische zelfstandigheid, werk, gelijke beloning, recht op geboortebeperking, keuzevrijheid, recht op bezit. En in ons Westen beschouwen we dat als de normaalste zaak van de wereld. Onze regering stelt zelf quota in voor het percentage vrouwen bij bedrijven. In essentie zijn man en vrouw gelijk. Zo gelijk dat we culturen waar het feminisme (nog) niet zo zichtbaar is, als minderwaardig bestempelen. “In de Islamitische landen mogen vrouwen geen auto rijden, de barbaren”. Maar hoe zit dat nu toch met het hedendaagse feminisme in Nederland, lieve dames? Onze voorouders hebben de paadjes totaal voor ons schoongeveegd. En toch schieten de vrouwelijke-ondernemers-clubjes, de vrouwen-aan-de-top-clubjes, de vrouwen-vakbonden en de autoverzekeringen-voor-vrouwen als paddestoelen uit de grond. Die laatste was een grapje, maar u begrijpt vast waar ik heen wil. Na eeuwen vechten om gelijkheid, zijn het nu de vrouwen die zich willen afzonderen. Blijkbaar zijn ze toch anders. Of voelen ze zich anders. “Wij vrouwelijke ondernemers hebben steun aan elkaar in deze mannenwereld”. “Het praat makkelijker met vrouwen, het voelt veiliger”. In mijn ogen is het een stukje anti-emancipatie. Begrijpen doe ik het niet. En stiekem moet ik regelmatig denken aan het boek “Kinderen van Moeder Aarde” van kinderboekenschrijfster Thea Beckman. In dit boek beschrijft Beckman, nadat de aarde totaal verwoest was door het egoïsme van de mannen, een samenleving die bestuurd wordt door vrouwen. Uiteindelijk blijkt dat ook mannen hun steentje kunnen bijdragen aan het bestuur van het land. En het emancipatieproces begint weer opnieuw. In omgekeerde richting deze keer. Lieve vrouwen. Hoe denkt u dat nieuw-bakken-ondernemer “Johan” zich voelt tijdens een eerste netwerkbijeenkomst? Voelt hij zich veilig? Op zijn gemak? Ligt dat aan het feit dat hij een man is, of aan het feit dat hij zich de kunst van het netwerken nog eigen moet maken? En als “Johan” na zijn ondernemersuitstapje toch maar weer voor een baas gaat werken. Merkt hij dan ook niet dat hij minder verdient dan zijn mannelijke collega’s? Hij begint weer met een startsalaris in een functie waar hij door zijn uitstapje minder werkervaring in heeft. Lijkt dat niet op het proces van een vrouw die na 8 jaar zorg voor haar kinderen weer de arbeidsmarkt betreedt? Of ligt dat aan ons vrouw-zijn? Zo anders zijn wij vrouwen niet. We hebben de rechten, nu nog het lef. Ook wij moeten knokken, leren, werken, communiceren, onze broek omhoog houden, lachen, leven en gelukkig zijn. En dat is niet altijd even makkelijk. Je moet er wat voor doen. Het Westerse hedendaagse feminisme. Wat mij betreft niet meer dan het gevolg van een gebrek aan ballen. Eline Ploch Kopfoto: Pixabay

#Schrijven
04Nov2016
Als u minder goed kunt schrijven dan ik
ElineS

Ik ben een schrijver. Ik schrijf al mijn hele leven. Ik schrijf als ik blij ben. Ik schrijf als ik boos of verdrietig ben. Ik kijk om me heen en ik schrijf. Zoals een schilder schildert, een musicus componeert, een dichter dicht of een fotograaf fotografeert. Ik ben een schrijver, ik schrijf, het is mijn ding.Kunnen schrijven heeft natuurlijk te maken met de beheersing van de Nederlandse taal. Want hoe breng je een boodschap over of schrijf iets wat mensen raakt, als je de taal niet goed beheerst? Maar verhalen schrijven, columns schrijven, gedichten schrijven, het is natuurlijk meer dan beheersing van grammatica en spelling. Wat dat betreft voel ik me gezegend. Schrijven is mijn uitlaatklep en het gebeurt bij mij vanzelf. Ik ga zitten en mijn vingers doen het werk, alsof mijn hoofd er niets over te zeggen heeft.Maar lieve mensen, ik realiseer me een ding. Een mens hoeft niet te schilderen. Een mens hoeft niet te fotograferen. Een mens hoeft geen muziekstukken te componeren. Maar in de meest banale zin des woords moet iedereen in deze tijd een beetje kunnen schrijven.Hoe schokkend vond ik het om van de week weer eens met mijn neus op de feiten gedrukt te worden. Nederland telt 1,3 miljoen mensen ouder dan 12 jaar die niet of nauwelijks kunnen schrijven. En dan hebben we het niet over een correct gebruik van D’s en T’s. Van die 1,3 miljoen mensen hebben er 250.000 überhaupt geen begrip van letters. De overige 1.050.000 personen kunnen hun eigen naam en wat simpele woorden schrijven, maar grammaticale zinnen zijn niet te verwachten. En in een niet gepubliceerd Cito-onderzoek uit 2006 bleek dat 10% van de leerlingen groep 8 verlaat met een taalachterstand van tenminste 2 jaar.De oorzaken lopen uiteen. Van neurologische problemen (waaronder zware dyslexie) tot slechte scholing of psychische problemen. Maar het feit is dat van iedere 10 volwassenen die u om u heen ziet lopen, er eentje is die nauwelijks schrijft.En zoals ik al zei: in de meest banale zin des woords moet iedereen in deze tijd een beetje kunnen schrijven. We moeten contact houden met instanties. We moeten schrijven op ons werk - zelfs al sta je achter een lopende band, dan nog moet je dingen kunnen lezen of schrijven-. En nog belangrijker: voor het onderhouden van onze sociale contacten wordt schrijven steeds belangrijker. Facebook. Even een Whatsappje versturen. Steeds meer gebeurt met letters. De tijd dat je de telefoon pakte om 20 mensen persoonlijk uit te nodigen voor je verjaardag is echt voorbij.Het gevolg van deze ontwikkeling is dat steeds meer mensen die laaggeletterd zijn,  zich toch zichtbaar maken in hun sociale netwerk en vaak ook daar buiten. Je kunt je onzichtbaar maken of je kunt participeren. En gelukkig doen steeds meer mensen dat laatste.En ja, ook ik irriteer me aan het taalgebruik als “Me auto is stuk” of “Je vader kwam nog langs gisteren”. En ja, ook ik plaats wel eens een opmerking als iemand een ander wijst op taalfouten, maar er zelf dan ook twee maakt in vier zinnen. Nog sterker, hoe goed mijn eigen taalbeheersing ook is, ook nadat ik mijn eigen column een keer of vijf heb doorgelezen, dan nog zit er altijd wel een spelfout in.Maar om even tot het punt te komen. Als u niet goed bent in het invullen van uw belastingpapieren, hoeft u het dan niet meer te doen? Als u niet goed bent in het consequent zijn in de opvoeding van uw kinderen, stopt u dan überhaupt met opvoeden? En zou u het leuk vinden als mensen u uitlachen omdat u het toch probeert. Dat u stevig gewezen wordt op de fouten die u maakt en u de grond in wordt getrapt inplaats van dat u hulp krijgt? Of krijgt u liever een compliment dat u participeert in plaats van dat u zichzelf wegstopt?Ik heb de stille hoop dat deze column er voor zorgt dat we mensen proberen positief te stimuleren. En als u daar de tijd niet voor wilt nemen, dat u zich dan realiseert dat dit niet de keuze is van die 1.300.000 Nederlanders.Ik kan schrijven. Wellicht beter dan velen van u. Want schrijven is meer dan spelling. Heb respect voor zij die het minder goed dan u kunnen en het toch proberen. Dat is een compliment waard!Kunt u dat niet opbrengen, dan nodig ik u van harte uit om hier een zelf gecomponeerd muziekstukje te posten. Daar vind ik dan iets van. Want ja, ik lees ook noten en speel fluit, piano en een beetje gitaar. Succes!ElineKopfoto: Eline Ploch

#Dromen
29Oct2016
Omhoog dromen
ElineS

Je ziet het vaak bij kinderen. En misschien herinnert u het nog wel van uzelf. Durven dromen, fantaseren, plannen maken. Onbeschaamd dromen, zonder beperkt te worden door een maatschappelijke context. Sommige kinderen worden later brandweerman of piloot. Die van mij wordt later hoogspanningsmast-bouwer. Ieder zijn eigen ding. Ieder zijn eigen droom. Is het u wel eens opgevallen dat die eerste plannen die kinderen in hun onschuld maken, niets te maken hebben met materiële zaken. Het gaat over persoonlijke ontwikkeling. Over wie ze willen worden als mens. Je hoort een kind zelden zeggen dat hij later als hij groot is, zoveel centjes wilt verdienen dat hij een Wii kan kopen. De dromen van een kind zijn essentiëler dan de opsomming op een sinterklaas-verlanglijstje. Behalve hoogspanningsmast-bouwer gaat mijn kleuter op zijn 19e verhuizen naar Engeland. Dat komt omdat hij vindt dat hij al heel goed Engels kan praten. Bovendien is Engeland een goed land, want Engeland heeft Nederland geholpen in de Tweede Wereldoorlog. En verder wordt hij papa als hij 28 is. Eerst van een meisje met de naam Fie. En als hij 31 is van een jongetje. Die naam weet hij nog niet. Ja, mijn kleuter heeft plannen. Hij weet wat hij wilt. Hij heeft zijn leven op een rijtje. Misschien nog wel meer dan u en ik. En opeens is daar het moment dat je volwassen bent. Dat je op een vrijdagmorgen met een kop koffie je leven overpeinst en jezelf beseft waar je staat. Niet ontevreden kijk ik om mij heen en realiseer mezelf dat ik nog steeds durf te dromen. Dat ik ondanks de onrust die het op korte termijn geeft, me vast wil houden aan de twee bedrijven die ik probeer op te bouwen. Omdat dat is wat ik leuk vind. Omdat dat is hoe ik mijn leven wil leiden. Maar ik realiseer me wel, dat ook ik gevangen zit in de problemen van het dagelijks leven. Dat het gemakkelijker lijkt om de gebaande paden te bewandelen. Mijn droom om chirurg te worden liet ik varen toen ik na het behalen van mijn middelbare school diploma geen zin meer had om 12 jaar verder te leren. En ik ben blij met wat ik allemaal heb gedaan in mijn leven. Een schat aan ervaring. Maar hoe zit dat met de droom van die man die al 18 jaar bij hetzelfde bedrijf werkt. En stiekem er van droomt om iets anders te gaan doen? Meer vrije tijd? Een nieuwe uitdaging? Hoe makkelijk of hoe moeilijk is het om die zekerheid van de baan te doen? En hoe zit het met die vrouw die al jaren probeert weg te komen uit haar relatie. Maar dat ze niet weet hoe ze dat moet organiseren met een kind?  En wat dan voor al die mensen die het gevoel hebben dat ze gevangen zitten in de verplichtingen van het volwassen zijn? Wie was u ooit? Waar droomde u van? En droomt u daar nog steeds van? Het is nooit te laat om dingen te veranderen. Dromen brengen je omhoog. Maken je gelukkiger. Niet zonder slag of stoot, maar het is wel degelijk de investering waard. Durft u ook omhoog te dromen? Eline(Foto's Eline Ploch)

#Vrijheid van meningsuiting
26Oct2016
Ssssst,.... ik zeg al niets meer
ElineS

Purmerend – Spreken is zilver, zwijgen is goud. Dat spreekwoord lijkt het meest van toepassing te zijn op de lokale media deze week. “Wat mogen de media publiceren”, “Wat mag mag een individu met een publieke functie buiten werktijd zeggen”, “Welke oproep mag iemand op facebook plaatsen”, “Welke afbeeldingen mogen bij een nieuwsitem gebruikt worden”, “Hoe ver gaat de vrijheid van meningsuiting”?  Als columnist en nieuwsschrijver bij RegioPurmerend en als beheerder van twee grote Purmerendse facebookgroepen heb ik deze week heel wat gebeld en gecorrespondeerd over het onderwerp “Wat mag wel en wat mag niet?”. Met mijn mede-redactieleden, mijn mede-beheerders en met Purmerenders die de publicaties gelezen hebben. Het mooie -maar tevens het frustrerende- is dat de vraag “Wat mag wel en wat mag niet” een hele simpele is. Neem nou eens een column: Een column is een vaste rubriek, een kort stukje proza in een krant, tijdschrift, een bepaald medium op internet of uitgesproken op televisie en radio waarin de auteur zijn of haar mening puntig en uitdagend uiteenzet. Vaak heeft een column een zekere actualiteitswaarde. De columns die RegioPurmerend afgelopen week gepubliceerd heeft, hebben behoorlijk wat stof doen opwaaien. Te beginnen met die van Tor Narra, een Purmerends raadslid dat anoniem een wekelijkse column via RegioPurmerend plaatst. Dhr. A.W. Boer blies hoog van de toren dat het ongekend is wanneer een raadslid anoniem een column publiceert. Gelukkig lijkt hij daar een beetje van te zijn terug gekomen. Gisteren tijdens de bijeenkomst waar zijn gedrag als raadslid aan de kaak gesteld werd, was Leefbaar Purmerend van mening dat de gemeenteraad niet gaat over hoe een raadslid zich gedraagt “in zijn vrije tijd”. Hoewel burgermeester Don Bijl het daar niet mee eens was en dhr. Boer wees op de in 2014 aangenomen gemeentewet “Gedragscode Raad Purmerend”, hield Leefbaar vol. De raad had zich daar niet mee te bemoeien en de partij gaat door “tot de kroon” om de beslissing van gisteren ongedaan te maken. Een aantal dagen later publiceerden we “Peyton Place Purmerend”, wederom door een Purmerender die liever anoniem wil blijven en bij ons schrijft onder de naam Opinor Aliud. En ook nu kwam er kritiek. Eerst in zijn algemeenheid, later over een bepaalde zin. Na overleg met de schrijver en binnen onze redactie hebben we besloten de zin te verwijderen. En die beslissing was niet unaniem. Journalistieke vrijheid is belangrijk en wettelijk was er geen noodzaak om het te schrappen. Niet alleen de columns waren onderwerp van gesprek. Een foto van een woning in de Weidevenne waar een wietplantage werd opgerold, deed de gemoederen hoog oplopen. Hoewel er geen personen op de foto zichtbaar waren, was het in de ons-kent-ons-wijk Weidevenne direct duidelijk waar het voorval zich had afgespeeld. Publicatie zorgde er voor dat de kinderen van het gezin daar last van zouden kunnen krijgen op school. RegioPurmerend liet het bericht staan. Binnen een facebookgroep, waar er vier verzoeken binnen kwamen om het bericht te verwijderen, besloten ik en mijn medebeheerder in de eerste instantie om het nieuwsitem gewoon toe te staan. Vanmorgen is het bericht toch uit de groep verwijderd na een wanhopige oproep van een direct betrokkene. Ik zal niet in details treden over de oproep van deze persoon, waarin de situatie toch wel heel erg “genuanceerd werd”. Ook zal ik hier geen olie op het vuur gooien door op detailniveau te vertellen hoe tegenstrijdig dat verhaal was met de schriftelijke verklaring die de politie naar RegioPurmerend mailde. We houden het even bij de essentie. De oproep van een Purmerender in een andere Facebookgroep werd vele malen aan ons als beheer gerapporteerd. Het betrof een man die een oproep deed om naar de raadsvergadering van gisteren te komen om Arie-Wim Boer te steunen.  “Stemmingmakerij”, “Project X”, ik heb het allemaal voorbij zien komen. Een raadsvergadering is openbaar. Er waren geen signalen dat er door de oproep tientallen extra mensen zouden komen. En ook het gesprek wat daaronder volgde bleef binnen de “nette lijntjes”. Nee, deze oproep ging ik niet verwijderen. Ik heb de status wel actief gevolgd, maar iedereen heeft binnen de letter van de wet gewoon recht om te schrijven wat hij/zij wil. Binnen de letter van de wet wel te verstaan. Mensen die mij online kennen, weten dat ik als beheerder behoorlijk duidelijk kan optreden. Ik duld alle uiteenlopende meningen. Ook als ik persoonlijk 180 graden aan de andere kant van de cirkel sta. Maar bijvoorbeeld het beledigen van bevolkingsgroepen of individuen, het overtreden van huisregels of het uitlokken van beheerders etc., daar treed ik hard tegen op. Gisterenavond hadden we binnen de redactie van RegioPurmerend overleg over het wel/niet publiceren van de column van Michel Spekkers. Hij had deze gisterenochtend geschreven voor PurPlus Magazine van RTV Purmerend. Een zeer scherpe column met als titel “De kleine dictator”. We besloten te publiceren. Unaniem deze keer. Aan columnisten wordt door de Nederlandse rechter een grote mate van vrijheid toegekend in hun columns. Deze vrijheid kan zich ook uitstrekken tot teksten die, als ze buiten een column geschreven zouden zijn, als kwetsend of beledigend gekenmerkt worden. De reactie van Dhr. Boer was te verwachten. Ook wij kunnen een “aangifte” tegemoet zien. “Ssssst, ik zeg al niets meer”, maar ophouden met schrijven zal ik nooit!   Eline Ploch – Bewust-niet-anoniem-columniste van RegioPurmerend

#Duurzaamheid
04Oct2016
Duurzaamheid te koop
ElineS

Duurzaamheid, het is één feest. Je zou het bijna in een commerciële categorie kunnen plaatsen met hypes als “mindfulness” en “Pokémon Go”. Mindfulness: goed voor de geest. Pokémon Go: goed voor de lichaamsbeweging van luie bevolkingsgroepen als pubers en werklozen. Duurzaamheid: goed voor de aardbol en daarmee voor de mensheid. Pssst, zat u al op het puntje van uw stoel? Speelt u Pokémon Go en heb ik u zojuist bestempeld als lui? Of bent u werkeloos, wilt u dat helemaal niet zijn en voelt u dit als een aantijging? Dit is een column! Dat is een stukje met een scherp randje. En dit verhaal gaat niet over Pokémon Go, maar over duurzaamheid! En het gaat niet over u! Of toch misschien toch wel? Duurzaamheid is door de jaren heen een containerbegrip geworden. Alles wat te maken heeft met maatschappelijk verantwoord leven, milieu, ecologie en toekomstgericht denken wordt tegenwoordig onder duurzaamheid geschaard. Wat houdt de term duurzaamheid precies in? De volgende definitie is geformuleerd door de World Commission on environment and Development van de Verenigde Naties in het rapport “Our Common future”: “Duurzame ontwikkeling is de ontwikkeling die aansluit op de behoeften van het heden zonder het vermogen van de toekomstige generaties om in hun eigen behoeften te voorzien in gevaar te brengen”. Dat klinkt logisch toch? Als de olifanten uitsterven vinden we dat erg. We veroordelen stropers en ivoorhandelaren. We proberen de diersoort te conserveren. Ook met geld is het een ingebakken logica: Je kunt het hebben, maar als je meer uitgeeft dan je hebt, dan is het op. Maar waarom zou je je drukmaken om de schijnbaar onuitputtelijke grondstofvoorraden in de wereld? En waarom is dat flesje dat je op straat gooit, omdat er nergens een prullenbak staat, nou echt van belang? Toen ik vanmorgen begon met het schrijven van deze column, had ik contact met onze Purmerendse Zwerfinator Dirk Groot. U kent hem wellicht wel. Die man die “gratis en voor niets” Purmerend en omgeving afloopt om zwerfafval op te rapen. Na een gesprek via messenger gaf hij me een klein standje: “Dingen op straat gooien is ook natuurlijk gedrag. Alle dieren en organismen gooien hun resten achteloos weg. De rest van de natuur draagt er wel zorg voor. Daar zijn wij al onderdeel van zo lang als we bestaan. Probleem is dat onze schillen nu van plastic zijn. De meeste mensen hebben het kunstje geleerd het in de afvalbak te gooien. Een aantal van ons weet dat niet of vergeet dat wel eens. Ik heb vroeger ook dingen op straat gegooid. Ik rijd ook wel eens door rood en heb vaak zonder licht gefietst. Mensen zijn niet perfect.” En eigenlijk vernietigde hij met deze woorden de moraal van mijn column. Hoe creëer je bewustwording als het eigenlijk natuurlijk gedrag is? Hoewel, duurzaamheid is toch logisch? Je koopt toch geen nieuwe TV als je 3 maanden daarvoor al een nieuwe hebt gekocht? Waarom koop je dan wel een plastic tas terwijl je thuis boodschappentassen hebt liggen? En als je die vergeet, waarom pak je dan geen kartonnen doos? De gemeenten Purmerend en Beemster zijn vorige maand begonnen met de 100-100-100 actie. Honderd huishoudens, honderd dagen, 100% afvalvrij. (Of eigenlijk restafval-vrij). Een aantal van die deelnemers organiseert wekelijks op vrijdag het “duurzaamheidscafé” in Lunchroom de Oorsprong in de Peperstraat. Bladerend door de berichtgeving van dit kleinschalige evenement, kwam ik een foto tegen van Greta van Halderen die van een hemd een boodschappentas gemaakt had. “Dat is pas up-cyclen”, luidde één van de reacties. En hoewel ik braaf de filter van een sigaret in mijn broekzak stop als er geen afvalbak in de buurt is. Hoewel afval scheiden een koud kunstje is. En hoewel ik liever spullen weggeef dan ze in de grijze bak gooi… Door die foto realiseerde ik me dat deze vorm van duurzaamheid voor mij een stap te ver is. Zo ook met de broodzak gemaakt van de pijp van een zomerbroek. Ik koop linnen tassen in de supermarkt. In mijn schuur hangen er een stuk of 10, want ja ik vergeet ze wel eens. Tassen, gemaakt in fabrieken, beschilderd met verf, vervoerd met een vrachtwagen, opgeslagen in een verwarmde opslag. Maar het is geen plastic. De plastic tasjes die ik toch koop, gebruik ik als afvalzak voor vuilnis. Een plastic vuilniszak of een plastic tas, het vuilnis maakt het niet uit. Kip koop ik het liefst in een biologische variant. Niet alleen fijner voor de kip, maar vooral ook voor de medicatie die anders in ons eco-systeem terecht komt. Ik heb het even cursief voor u gemaakt. Koop. Ik koop duurzaamheid. Ik koop passieve duurzaamheid. Commerciële duurzaamheid. Duurzaamheid binnen de normale kaders. Hoe erg dat is, daar ben ik nog niet over uit. Voorlopig naai ik geen hemdjes tot draagtas, maar kijk ik vol bewondering naar de mensen die dat wel doen. Voorlopig leer ik mijn kind respect te hebben voor de natuur. Voorlopig kijk ik met plezier naar de kinderen van Dirk Groot (1 en 3 jaar oud) die wel weten dat ze geen afval op straat moeten gooien. En voorlopig hoop ik dat er, door mensen als Dirk en Greta, steeds meer mensen gaan nadenken over wat ze kunnen bijdragen aan een duurzame wereld. Binnen hun eigen kaders. Binnen hun eigen vermogen. Dit verhaal gaat over duurzaamheid! En het gaat niet over u! Of toch misschien toch wel? Eline Ploch Kopfoto: Dirk Groot

MEER