Alice Huiberts

Lid sinds: 21-03-2017

#mobiele telefoon
07Feb2019
Over mijn theewater
Alice Huiberts

Mobiele telefoons. Ik vind het een mooie uitvinding, gebruik de mijne met regelmaat, maar heb een hekel aan ze wanneer ze voor hun beurt trillen, piepen of praten. De handzame apparaten zijn onze samenleving binnengedrongen. Bij overmatig gebruik woekeren zij in relaties en wakkeren ergernissen aan. Bij huis-, tuin- en keukengesprekken met bijvoorbeeld een goede vriendin kan dat een beetje vervelend zijn. Je hebt koffie gezet, de koektrommel open op tafel staan en tijd om bij te praten. Als dan een van beide telefoons op tafel begint te bibberen en blijkt dat schoolgaande zoon of dochter contact zoekt, dan neem je toch op. In zakelijke gesprekken wordt het vervelender. De tijd die is ingeruimd voor overleg zijn kostbare uren en zullen ook als zodanig moeten worden gebruikt. Wanneer vier personen zich stil moeten houden omdat de vijfde een oproep krijgt, die losstaat van hetgeen besproken wordt, kost dat vijf maal vijf minuten à € .... exclusief bijkomende irritaties. Dan praat je -of jouw werkgever- wel anders. De overtreffende trap van deze twee voorbeelden beleefde ik vorige week. Ik had een afspraak met en bij de huisarts. Halverwege het gesprek ging de mobiele telefoon van de dokter over. Hij nam op. Vond ik vreemd. Vreemder werd het, toen ik een vrouwenstem aan de andere kant van de draadloze lijn vragen hoorde stellen over het gebruik van huishoudelijke apparatuur. Met ontzetting volgde ik het verloop van het gesprek. Ik schat dat het gesprek hooguit anderhalve minuut duurde, en in die tijd heb ik drie keer overwogen mijn tas te pakken om de spreekkamer te verlaten. Drie keer ook gedacht dat ik maar beter kon blijven zitten. Onderweg naar huis had ik al spijt dat ik niet was opgestapt. Ik zag vanmorgen deze spreuk van Loesje en weet nu, dat ik die ochtend een voortreffelijke kop thee had kunnen zetten. Had ik het maar geweten. Deze foto is gemaakt in het kader van de #PHOT Photo On Tuesday, een blogexperiment van Karin Ramaker. Een vrije foto: een zelfgemaakte foto, thema met of zonder begeleidende tekst, maar wel mét een titel.

#schrijver
09Jan2019
De schrijver schildert
Alice Huiberts

De voormalige kerk van het Noord Hollandse dorpje is nagenoeg vol. Dames en heren van mijn leeftijd en (iets) ouder zijn in afwachting van de sprekende schrijver. Gemoedelijk geroezemoes vult de ruimte. Ik bevind mij op onbekend terrein maar voel me op mijn gemak.De toehoorders die boven in het gebouw een zitplaats hebben gevonden, kijken letterlijk op mij neer. In figuurlijke zin zeker niet, daarvoor zijn de blikken te vriendelijk (kan dat: té vriendelijk?). Bewust van de ogen boven mij, probeer ik, met een bibberend porseleinen koffiekopje op een bijpassende schotel, zo elegant mogelijk de vrije stoel aan het einde van de voorlaatste rij te bereiken. Het beschikbare vloeroppervlak is economisch ingericht: knieën schuiven goedschiks naar links om mij enige ruimte te geven mijn doel te bereiken. Met m’n ogen op de deinende koffie, werp ik mijn tas af en neem plaats op de rieten zitting van de houten stoel. Het doet me denken aan de pizzeria met zijn wit- met rood-geblokte tafelkleden, gegranolde witte wanden en plastic druiventrossen aan het plafond.Klokslag acht uur maakt de schrijver zijn entree. Zijn comfortabele bruine jas heeft de kleur van de kameel op het pakje van de Camel-sigaretten. Ik haalde vroeger graag sigaretten voor mijn moeder. Op zondag fietste ik naar de drogisterij tegenover de kerk van ons dorp. Aan de buitenmuur van het winkeltje hing een sigarettenautomaat. Wanneer ik genoeg muntgeld in de kast had geworpen, trok ik met een ruk het zwarte handvat van het laatje met Pall Mall filtersigaretten open. Het wisselgeld van een dubbeltje was met plakband op het wit, blauw en roodgekleurde pakje vastgezet. Nergens op de verpakking waren waarschuwingen in dik-gedrukte zwarte letters te lezen. Tevreden rokers waren geen onruststokers.Terwijl de schrijver zich installeert, halen vrijwilligers de lege thee- en koffiekopjes op uit het publiek. Net als stewardessen dat op grote hoogte doen, wringen ook deze dames zich in allerlei bochten om hun klus in de krappe ruimten tussen de stoelen te klaren.Als de kopjes achter de coulissen zijn verdwenen, richten wij onze blikken op het podium. De schrijver vertelt, spreekt in mooie volzinnen en leest ons voor uit zijn werk. Ik sluit mijn ogen en waan me in Twente (ik ben afgelopen jaar wel twee hele dagen in Enschede geweest dus ik weet er iets van, heus). Humor, gedetailleerde beschrijvingen die bijna achteloos op papier lijken gezet, de herkenning en het ongemak in de verschillende scènes zweven door het kerkje.Meerdere zinnen raken me. De mooiste van de avond komt uit een scène waarin de zoon in Nederland, door zijn moeder vanuit Caïro wordt gebeld. De jongen constateert:"Er zitten vogels op de lijn."Schilderen met woorden. In een oud wit kerkje. Wat een droom.

MEER