Betonblokken verkleed als Sinterklaas-cadeaus


Gisteren ben ik vergeten m’n brood op te halen bij het Zaanse Bakkertje. Dom. Ik wist dat ze vandaag moeilijk bereikbaar zouden worden. Tja, en als je je billen brand, moet je op de blaren zitten.

Als kind vond ik de landelijke intocht van Sinterklaas toch wel de heerlijkste gebeurtenis van het jaar. Nog fijner dan m’n eigen verjaardag, want weken lang die spanning, de voorpret, het snoepgoed, de kleine cadeautjes en vol verwachting klopt mijn hart… pakjesavond…!

Toen onze kinderen nog klein waren en we gingen kijken hoe Sinterklaas met z’n stoomboot aankwam, kreeg ik het altijd te kwaad. Een brok in m’n keel en tranen in m’n ogen. Ik kon me het gevoel wat mijn kinderen hadden helemaal inbeelden.

Vandaag had ik ook een brok in m’n keel en tranen in m’n ogen. Nog vóór 8.00 uur zelfs, toen ik de auto een kilometer verderop moest parkeren, achter het spoor in Zaandijk en te voet langs een kleine 200 politieagenten, beveiligers en parkeerwachten liep. ME busjes stonden al klaar, betonnen kubussen, verkleed als cadeautjes, blokkeerde de weg. Geen papieren hoezen, maar genaaide hoezen waren het. Bestand tegen weer en wind en meerdere jaren te gebruiken.

Dit keert was het niet die heerlijke spanning waar ik een brok van in m’n keel kreeg en tranen in mijn ogen. Dit keer voelde ik verdriet.

Ik heb m’n broden gehaald en wandel weer terug naar Zaandijk. Het is 8.15 uur en het eerste gezinnetje, de kindertjes uitgedost met pieten-petten, is al onderweg naar het oorlogsgebied.

Ik hoop maar dat de dag feestelijk verloopt en de kinderen geen erg zullen hebben in die kleinzielige grote mensen.