Vijftig tinten groen: Vatnsnes, de Arctic coast way.


In eerdere blogs schreef ik al over de Gullfoss waterval, en Kerlingafjoll, die we aandeden op onze rondreis door IJsland. Wij reden van zuid naar noord, met de bedoeling een ronde over het hele eiland te maken, met de klok mee. Al snel viel het ons op dat de meeste mensen die een rondreis door IJsland maken tegen de klok in rijden, dus eerst de zuidkust aandoen, en dan via het noorden terugrijden. Geen idee waarom, maar ach, we doen de dingen wel vaker anders dan de gemiddelde reiziger, zeggen wij dan tegen elkaar.

Deze keer reden we een stuk van de Arctic coast way, die je in het noorden van IJsland kunt vinden. Mijn vriendin was deze dag niet lekker, de airco in het vliegtuig de heenweg stond op standje "diepvries", en dat terwijl het in Nederland 40 graden was toen wij vertrokken. Daarom besloten we er een rustige dag van te maken. De Arctic coast way rijden is dan een goed idee.

Deze weg leidt je langs de hoogtepunten van de fjorden in Noord IJsland, op vele plekken staan borden, om aan te geven dat er iets moois te zien is. Uitzichtpunten, of een mooie rotsformatie. Alle plekken zijn zeer goed en makkelijk begaanbaar. Onze eerste stop was Hvitserkur. De grote bezienswaardigheid hier is een rotsformatie die je in zee vindt. Je loopt over een goed begaanbaar pad naar het (donker gekleurde) strand. Onderweg kwamen wij kolonies Sterntjes tegen. Sternen zijn zeevogels, en oh, wat zijn ze leuk!

De kleine sterntjes kregen vliegles, wat inhield dat een ouder over kwam vliegen met een visje in de snavel, heel dicht bij het jong kwam, maar het jong nét niet dicht genoeg bij liet om het visje te kunnen pakken. Het jong leek daardoor gemotiveerd te raken te gaan vliegen. We zagen meerdere jongen die een klein stukje vlogen, en dan hun visje kregen als beloning.

Bij de broedkolonie was het een herrie van jewelste, de vogels lieten duidelijk merken niet gediend te zijn van de fotografen, er werd meerdere keren vlak over mijn hoofd gescheerd, en flink naar me geschreeuwd. Uiteraard heb ik afstand genomen, en ben doorgelopen richting de beroemde rotsformatie. 






Onderweg kon ik het niet laten wat schelpen te zoeken, die in IJsland groter en veel dikker zijn dan wij in Nederland gewend zijn.

Ik heb een aantal schelpen verzameld en in mijn rugzak mee naar huis genomen, samen met wat brokjes lava die ik her en der verzameld heb, en een aantal stukjes obsidiaan, maar daar kom ik later op terug.




En dan zie je de rotsformatie die uit zee oprijst: een enorme lava-rots, waar vele IJslanders een drinkende draak in zien. Ik zag vooral een mooie rots, bezet door heel veel vogels, die hier een rustige, veilige nestplaats vonden. De rots is een populaire plek bij fotografen, het duurde dan ook even voor ik de kans kreeg een foto te maken zonder mensen die de rots wilden beklimmen. Ik was er tijdens eb, wanneer het vloed is staat de voet van de rots ongeveer een halve meter tot een meter in het water: 

Vanuit deze plek zijn we via het pad teruggelopen naar de auto (circa 15 minuten), we zagen vele mensen die vanuit de parkeerplaats de meest directe route namen naar de rots, wat inhield dat ze een zeer steile rots naar beneden klommen, en meerdere mensen uitgleden. Deze mensen misten de zeehonden die ons vanuit het water en de zandbank gade sloegen: 

Verder rijdend over de Arctic coast way werden we overvallen door zeemist. Over IJsland wordt vaak gezegd dat je alle seizoenen in één dag mee kunt maken, of dat, als het weer je niet bevalt je even een half uur moet wachten: dat klopt. We hebben het meermalen meegemaakt. Zeemist is een bijzonder fenomeen: je ziet een band van mist aankomen vanaf de zee, de temperatuur daalt zodra je in de mist zit enorm, en je ziet uiteraard een stuk minder.

Onze volgende stop aan de route was dan ook mistig. We stopten bij Illugastadir, waar je een enorme groep zeerobben kunt vinden die hier op de rotsen liggen te rusten. Het is een wandeling van een kleine twintig minuten, over een zeer goed begaanbaar breed pad, naar het uitzichtpunt waar je de robben ziet liggen en zwemmen. Het uitzicht tijdens de wandeling is prachtig! Er is een huisje gebouwd ter beschutting, waar verrekijkers beschikbaar zijn.

Vanuit Illugastadir vervolgden wij de Arctic coast way en genoten van de uitzichten over zee, en speurden naar walvissen, die er misschien wel waren, maar wij hebben ze niet kunnen zien, het was te mistig. We zagen vele Sternen, en uiteraard IJslandse paardjes en schapen die op de meest onmogelijke plekken liepen te grazen.

Ons onderkomen voor deze nacht bevond zich in Vatnsdalur, een prachtig dal, waar je kunt wandelen en paardrijden. Ik vind dit onderkomen niet om aan te raden en zal het ook niet verder benoemen of beschrijven.

De volgende dag reden we door richting Húsavik, over de weg 1. Daarover meer in een volgende blog!

Reageren op deze blog maar geen Yoors lid?

Meld je aan, en reageer en lees of schrijf naar hartelust!