Vijftig tinten groen: watervallen en kokende modder.


Vandaag neem ik je graag mee naar het Noorden van IJsland. Wij bevonden ons nabij Husavik, in een heerlijke studio, en wilden graag een wandeling maken. Het ligt voor de hand, wanneer je in dit gebied verblijft dat je Lake Myvatn bezoekt, maar dit besloten wij op een later moment te doen. Eerst kozen we voor een wandeling in een ander gebied, en een bezoek aan een waterval.


Deze wandeling hadden we gevonden in het in Nederland gekochte boekje: "IJsland, de mooiste kust- en bergwandelingen" van Gabriëlle en Christian Handl. Dit boekje is onder andere verkrijgbaar bij de ANWB.

Dit boekje is zeer behulpzaam gebleken tijdens onze reis. De wandelingen zijn genummerd en de kleurnummers geven aan hoe zwaar een wandeling is. Vaak is het mogelijk delen van wandelingen te doen, zoals wij regelmatig gedaan hebben. Vandaag deden we een stuk van wandeling nummer 33: de sulfatenronde.

Onze studio bevond zich aan weg 87, en deze volgden we naar de ringweg 1, waar we de sulfatenroute konden lopen, en door konden rijden naar de waterval.

Onderweg genoten we van de prachtige wisselende landschappen van IJsland. Groen, groener groenst! In de verte zagen we sneeuw op de toppen van de bergen liggen, en mooie vulkanen. Er is veel water in de omgeving, en overal zie je schapen lopen. De schapen lijken vrij rond te lopen, maar wij hebben later begrepen dat schapen altijd tussen twee riviertjes en/of meertjes blijven, waardoor de boeren ze terug kunnen vinden.

Dat er op IJsland al vele jaren schapen gehouden worden blijkt wel uit de overgebleven schapenkooien. Wij zijn er meerdere tegen gekomen, maar deze was één van de mooiste. Gebouwd in 1880, staan grote delen nog steeds overeind. De omheiningen, de hekken zijn opgebouwd uit stukken lava.

Lavabrokken, die zeer ingenieus gestapeld zijn, ze maken een verbazingwekkend sterke muur. En dat terwijl deze lava-brokken vrijwel niets wegen! Ik heb bewondering voor de mensen die dit ambacht beheersen, want ik zou niet weten hoe ik deze ruwe blokken zo moet stapelen dat ze blijven liggen, laat staan na anderhalve eeuw nog steeds op hun plaats liggen! 

Overigens is dit een manier van stapelen die je veel ziet in IJsland, ook om grenzen aan te geven. Lava genoeg om de hekken van te bouwen!

Na de schapenkooi reden we door naar Hverir geothermal area: een gebied waar je de warmte van IJsland kunt voelen, zoals beschreven wordt in vele artikelen. Hier borrelt de bodem: op verschillende plekken zie je kokende modder, en komt het stoom uit de grond. Er zit veel zwavel in de grond, wat maakt dat de omgeving naar rotte eieren ruikt. Het is echter heel bijzonder om te zien hoe zich bergjes, mini-vulkaantjes vormen door de kokende, borrelende modder: 

Het gebied ligt aan ringweg 1, en heeft een grote parkeerplaats. Van daaruit kun je prima rondlopen tussen de verschillende borrelende modderpoelen. Dat wil zeggen: wanneer het droog is: wanneer de grond nat is plakt alles aan je schoenen. Blijf wel tussen de afzettingen, die zijn er voor je veiligheid. Het kokende modder is tot 100 graden heet! En zoals een bord op de parkeerplaats zegt: "it only takes one set of footprints for thousands to follow". Al die voetstappen buiten de paden vernielen het prachtige landschap, die voetstappen zie je na jaren nog steeds!

Wij keken een poosje rond, en toen we genoeg naar zwavel roken zijn we verder gereden naar de Detifoss waterval. De Detifoss is een 40 meter hoge waterval, die je van twee kanten kunt benaderen. Mijn advies: benader hem vanaf de oostzijde: je hebt dan minder last van de nevel van de waterval, én het is er minder druk. Voor je bij de Detifoss aankomt rij je door een droog, dor gebied. Je ziet stenen, stenen en nog meer stenen. Echter: door dit dorre gebied loopt de Jokulsargljufur kloof, waar het water vanaf de Vatnajokull gletsjer naar beneden stormt. En stormen doet het! 

Hierboven een blik op de Dettifoss. Volgens Wikipedia stort hier 200 ton liter water per seconde (!!) naar beneden, de kloof in. Een kloof die 150 meter breed is. Je kunt bij de Detifoss parkeren, op de parkeerplaats is een toilet aanwezig. Vanaf de parkeerplaats loopt een pad naar beneden, via een natuurstenen trap. Er zijn verschillende uitzichtpunten op de Dettifoss, en er zijn touwen gespannen om te zorgen dat je niet teveel op het randje gaat staan, en de rand afbreekt. 

Er zijn natuurlijk altijd mensen die vinden dat dat touw er staan om er overheen te stappen..... want dan maak je een mooiere foto. Ik hield mijn hart vast toen ik deze dame zag fotograferen. Zij stond met haar linker voet zodanig op het randje dat de rand om boog. Het enige dat ik dacht: als je maar niet naar beneden valt. Dat is gelukkig niet gebeurd, maar een kwartiertje later brak er wel een stukje verderop een enorm rotsblok af. Het geluid dat dat teweeg bracht maakte diepe indruk!

Vanuit dit eerste uitzichtpunt kun je verder lopen, en kom je nog dichter bij de waterval. Pas hier wordt je duidelijk met wat voor een krakend geweld dit water naar beneden stort: 

Op de foto zie je hoe klein je als mens bent naast deze enorme waterval: 

De wandeling naar de waterval is inspannend, doordat je over grote, ongelijke stenen klautert, maar zeker de moeite waard. Het is een machtig gezicht om het water over de rand te zien denderen.

Wanneer je terug loopt heb je een prachtig uitzicht op de kloof: 

Onderweg zijn we nog gestopt bij een tweede waterval, deze ligt lager in de kloof, en is een stuk kleiner. Opnieuw een prachtige waterval! Van hieruit zijn wij terug gereden naar ons verblijf: een heerlijke studio nabij Husavik. Wij logeerden in Skogar Sunset guesthouse, een aanrader! De studio bevindt zich aan weg 87, je hebt een geweldig weids uitzicht op de bergen, en wanneer je wilt ben je binnen 15 minuten in Husavik.

Naar Husavik gingen wij de volgende dag, wat de daar gingen doen lees je in de volgende blog!

Wees ook welkom op Yoors!