×

Yoors


Inloggen
Registreren
×

Yoors










Gesprek tussen twee heren

Gesprek tussen twee heren


Het is laat op de ochtend. De meeste mensen in het tehuis zitten aan hun tweede kopje koffie en staren ofwel naar buiten, ofwel nietsziend de ruimte in. Er wordt niet veel gezegd, de meeste herhaalde gesprekken zijn verstomd.

Aan een tafeltje achter in de hoek zitten Evert en Jan, twee oude vrienden. Meer oud dan vrienden,  maar het gezelschap en de praat zijn prima te hebben.

‘Heb je gisteren niet gezien’, opent Evert.

‘Dat kan. Ik was er ook niet. Was bij mijn dochter in Schaarsbergen.’

‘Gezellig.’

‘Best wel. Ze heeft een nieuwe inrichting. Allemaal van dat moderne spul.’

‘Mooi?’

‘Nou, ’t Is mijn smaak niet. Van lichtgrijs naar donkergrijs en daartussenin stemmig matgrijs. D’r zit gewoon geen kleur meer in, tegenwoordig.’

Evert knikt. ‘Dat is waar.’

‘En ze hebben een nieuw gasfornuis. Nou ja, d’r komt geen gas en geen lucifer meer aan te pas. Een zwarte plaat, dat is alles. Net toverij, je draait aan een knopje en je pannen worden warm. Weet je, ik snap het gewoon niet allemaal meer.’

Met een beverig handje brengt Jan zijn kopje naar zijn mond. Het kopje drupt, op het schoteltje had zich al een bruin voetbadje gevormd.

‘Drup je daar nou ook al?’

‘Zeikerd. ’t Is alleen dat tafelkleedje maar. En dat is toch spuuglelijk.’

‘Het wordt er allemaal niet beter op’, mompelt Evert.

‘Wat zeg je?’

‘Of je worst lust.’

‘Worst? Nee, van die harde zeker. Dat gaat niet meer met mijn tanden. Yoghurt, dat lukt nog wel. Maar dat is er nou nog niet.’

De mannen zwijgen even. Ze hebben geen haast met hun gesprek. Haast, dat is iets voor de jeugd, als je meer te doen hebt dan er uren zijn. Vreemd dat het op hun leeftijd andersom is. Uren genoeg, maar er staan nog maar weinig dingen op het programma.

‘Nou ja, jij hebt tenminste nog tanden’, zegt Evert. ‘Die van mij kijken me elke avond vanuit een kommetje aan. Neptanden, een bril, gehoorapparaat, een kunstknie en een kunstheup. D’r blijft nog maar weinig van jezelf over. En wát er overblijft doet het niet meer.’

‘D’r is ook een voordeel aan die tanden in een glaasje’, meent Jan, ‘Ik moet voor die paar tanden en kiezen nog wel naar de winkel voor tandpasta. Ook zoiets. Vroeger was die gewoon wit. Nu blauw, blauwwit gestreept of groen. Dat kan toch niet goed zijn, al die kleuren?’

Dan klinkt het belletje voor de lunch. Moeizaam komen de heren overeind en ze sloffen naar de eetzaal.


(c) 2018 Hans van Gemert

Afbeelding: Pixabay

Dit steekwoorden-verhaal past in de schrijfuitdaging van januari 2018:

signup

Word lid en beloon de maker en jezelf!




expand_less

Meest gestemde posts



expand_less

Recente posts



expand_less

Volgers



expand_less

Collecties