Les van de meester


Wat doe je als je de kans krijgt om met de teletijdmachine van professor Barabas naar de tijd van Rembrandt te reizen om dan met de meester te kunnen schilderen? Die pak je met beide handen aan. Zeker als HPJ Goossens aanbiedt om de koffers te dragen! (hij bood dit aan in een opmerking bij mijn verhaal 'de droom van de schilder')


‘Kom Hans, loop eens door!’

‘Ja, ja Hans, die koffers zijn zwaar hoor!’

‘Niet zeuren, je bood het zelf aan!’

Het stemgeluid achter me verandert in een nauwelijks hoorbaar gemopper. Jammer dan. Gelukkig zijn we er bijna. In de straat komen we allerlei mannen en vrouwen bezig, die ons verbaasd na- en aankijken. Misschien hadden we ons toch thuis al moeten verkleden. Nou ja, te laat.

Onderweg hebben we een paar keer naar de Nieuwe Doelenstraat moeten vragen. Straatnaambordjes of huisnummers zijn nergens te vinden. Gelukkig zijn de meeste mensen bereid een stel vreemdelingen de weg te wijzen. ‘O, bij die schilder? Rechtuit, dan linksaf.’

En nu staan we voor de deur. Een elektrische bel is er natuurlijk niet, maar er hangt een klopper op de deur. Als we die een paar keer hebben gebruikt wordt de deur opengedaan. Een jonge vrouw kijkt ons vragend aan.

‘Dag mevrouw’, begin ik beleefd. ‘Nee, nee’, schudt de vrouw verlegen haar hoofd, ‘zo belangrijk zijn we niet. Zeg maar juffrouw.’

‘Neemt u mij niet kwalijk, juffrouw. We hadden een afspraak met de schilder, met Rembrandt van Rijn.’

‘O ja, u komt van de Hanzestad, toch? Komt u maar.’

Tijd om haar vergissing te corrigeren krijgen we niet, ze heeft zich al omgedraaid. Ik volg haar. Het gestommel achter me vertelt me dat Hans wat moeite heeft de zware koffer door de deuropening te krijgen.

‘Voorzichtig Hans!’

‘Ja, ja!’

De grote meester  verwelkomt ons hartelijk. Uiteraard stellen wij ons aan hem voor.

‘Dag, ik ben Hans', zeg ik.

’Hallo, mijn naam is Hans’, stelt ook Hans zich voor.

‘Heet iedereen Hans, waar u vandaan komt?’ informeert de meester glimlachend.

‘Nou, het is wel een van de allerbelangrijkste namen’, begin ik voorzichtig, ‘maar er zijn ook andere namen.’

‘Precies’, valt Hans in, ‘Toos bijvoorbeeld, of  Jaap’.

De meester knikt. Dat zijn namen die hij begrijpt. ‘Mooi. U wilt in mijn atelier komen werken, komt u dan maar verder.’

Het is spannend om het atelier van de grote Rembrandt te betreden. Op enkele ezels staan werken die de voltooiing naderen. Andere zijn nog goeddeels leeg. De lucht geurt naar olie, die gebruikt wordt om met behulp van allerlei kleurstoffen verf te maken. 

De koffer, die Hans zo manmoedig met zich mee heeft gedragen, wordt geopend en ik trek het passende kostuum aan. Ik voel me zo een echte schilder. 

Terwijl ik wat onwennig voor het doek sta zie ik hoe de meester wat schetsen maakt. Het is een hele eer om door Rembrandt zelf te worden vereeuwigd.

De dag gaat helaas te snel voorbij. Die avond moeten we op tijd klaar staan, zodat professor Barabas ons met de teletijdmachine weer naar het heden kan verplaatsen. 


(c) 2017 Hans van Gemert

Afbeelding: Rembrand 'De schilder in zijn werkplaats'

Dit verhaal past in de schrijfuitdaging van de maand mei van de Facebookgroep Schrijvelarij

Promote: support and profit

Support Hans van Gemert with a promotion and this post reaches a lot more people. You profit from it by earning 50% of everything this post earns!
More