Solliciteer eens op wat anders...


Na een gouden tip van Marijke ben ik afgestapt op het grote pretpark in Kaatsheuvel, waar men, met het oog op hedendaags gevoeligheden, op zoek is naar gevarieerd georiënteerd personeel, dat niet in verband kan worden gebracht met welke vorm van etnisch profileren dan ook. Dat betekent: geen botjes door de neus of rieten rokjes, nee, in mijn nieuwe baan als kannibaal bij de gelijknamige attractie moet ik vooral goed en westers gekleed komen opdraven. Dat betekent: overhemd, compleet met boordenknoopje en stropdas, mijn gezicht in de plooi en met behulp van poederdoos en andere attributen zo toonbaar mogelijk gemaakt. Bij de ingang van het park kreeg ik, samen met de andere sollicitanten, een koptelefoon uitgereikt, zodat ieder van ons de presentator van de dag in zijn eigen taal hoorde toespreken. Ik ben vandaag heel duidelijk niet de enige kandidaat.

Nog niet, tenminste. Ik vraag me wel af hoever we zullen moeten gaan om uiteindelijk tot hoofdkannibaal te worden aangesteld, voor de zekerheid heb ik daarom bij het ontbijt slechts één sneetje brood gegeten.

De geschiedenis van de attractie wordt ons via de koptelefoon haarfijn uit de doeken gedaan en in een soort etalagekasten liggen de attributen die in het verleden werden gebruikt. Kookpot, het spit, mes en vork, dat soort dingen. Tegenwoordig spelen, naar het schijnt, magnetron en barbecue een grotere rol, maar daarover horen we later nog meer. Na de inleidende praatjes, met een hoop overbodige herhalingen voor de minder intelligente sollicitanten, brengt het stoomtreintje, getrokken door een krachtige mini-locomotief, ons naar de juiste locatie, tegenover het carnavalspektakel.

Een struikelende mede-sollicitante wordt door enkele hulpvaardige medewerkers op een brancard afgevoerd. We zien hem zo terug, verzekeren ze ons.

De koptelefoonstem vertelt ons dat we een aantal tests en vragen moeten doorstaan, en uiteraard komen er uiteindelijk een of meerdere proeven (letterlijk) van bekwaamheid als een konijn uit de hoge hoed van de commissie. Dat alles in verband met het keurmerk, want ook als kannibaal dien je te beschikken over de juiste mix van papieren en bekwaamheden. Zo simpel is het dus allemaal niet, het zal nog een hele uitdaging zijn om tot de laatste ronde door te dringen. De vragenlijsten zijn niet zo ingewikkeld. Vegetariërs en veganisten worden op grond van de antwoorden uiteraard vakkundig afgevoerd. We zien ze vast nog terug, zeggen de medewerkers.

In de volgende test krijgen we een kwartier lang het herkenningsmelodietje van de attractie te horen. Inderdaad wordt een tweetal sollicitanten hiervan al vlug min of meer krankzinnig en ze worden snel afgevoerd.

Men verzekert ons dat we ook hen weer snel zullen tegenkomen.

Wie bekend is met de attractie waarin de kannibaal de hoofdrol speelt, weet dat je ook tegen snel ronddraaiende kookpotten (en magnetrons of barbecues) moet kunnen, en de drie kandidaten die nu afvallen zullen we vast ook weer snel zien.

Na de vragen volgt de eerste vleeskeuring. Met een taartschep worden van verschillende schalen kleine lapjes vers, rauw vlees op bordjes geschoven, overgoten met een rood sausje, dat me vagelijk ergens aan doet denken. Best wel lekker, zo’n onverwachte traktatie.

Op het eind van de dag zijn er nog maar drie kandidaten over voor de functie van kannibaal. Volgende week mogen we terugkomen voor de volgende ronde. Vreemd genoeg hebben we, ondanks alle beloften en toezeggingen, de overige sollicitanten nergens meer gezien. Die zijn zeker al eerder weer vertrokken.


(c)2020 Hans van Gemert

Dit verhaal past vier keer in de #140w#schrijfuitdaging van sept 2020 met als kernwoord '#kannibaal ' en ook in de maandelijkse schrijfuitdaging, deze keer met een tiental #steekwoorden