De speeltuin van oom Frits en tante Coby (2)


Lees hiervoor: 

De deur van de grote hal van het gemeentehuis wordt met enige kracht opengeworpen om een briesende oom Frits en tante Coby binnen te laten. Twee potige beveiligers monsteren het tweetal en besluiten dat dit hoogstwaarschijnlijk een soort van brave burgers zijn, maar zetten voor de zekerheid enige passen voorwaarts om de zaak goed in de gaten te kunnen houden.

Achter de balie zit een ietwat verveelde dame de seconden en minuten af te tellen. Nog slechts een minuut of vijf en dan zit de dienst er weer op. In gedachten is ze al druk doende met bedenken welke feestmaaltijd haar echtgenoot vandaag weer eens op tafel gaat zetten. Sinds hij met een kookcursus is begonnen is het elke dag weer een verrassing, en soms nog een aangename ook.

Het zal haar intuïtie zijn, want plotseling richt ze haar hoofd op en ziet een tweetal ontstemde burgers in hoog tempo op zich afkomen. Ontsnappen is niet meer mogelijk, schrap zetten gelukkig nog wel.

'Waar is de burgemeester?' Oom Frits weet het klaar te spelen deze woorden als een kanonschot te doen klinken. Diverse hoofden in de hal draaien zijn kant op.

'Heeft u een afspraak?' Automatisch zoekt de receptiedame in het register. Zo te zien wordt er op dit moment niemand verwacht, als dat register tenminste is bijgewerkt.

'Een afspraak? Reken maar dat er afgesproken gaat worden. Zeg hem maar dat het over de speeltuin gaat.'

De dame knikt en probeert zich koortsachtig het protocol voor omgaan met ontstemde burgers voor de geest te halen. In zo'n geval kun je eigenlijk maar één ding doen: het proberen af te schuiven op je meerdere. 'Momentje,' zegt ze, en ze grijpt de telefoon.

'Momentje? Niks momentje, ik wil hem spreken en wel: nu!'

De receptiedame knikt hem met een professionele glimlach toe en spreekt even in de hoorn van het telefoontoestel. Dan kijkt ze oom en tante weer aan. 'De burgemeester is helaas vandaag niet bereikbaar. Zal ik voor u een afspraak maken? Over drie dagen heeft hij misschien nog wel een gaatje.'

Een antwoord dat oom Frits in lichterlaaie dreigt te zetten en dat is met een explosief persoon een zorgelijk iets. Gelukkig wordt de situatie gered door niemand minder dan de burgemeester zelf, die juist uit de lift is gekomen en de hal oversteekt. Het is tante Coby die hem het eerste ziet en, oom Frits achter zich aan slepend, op hem af stevent. Er is geen ontsnappen meer mogelijk, de burgemeester staat klem.

'Die speeltuin,' begint tante Coby, 'dat gaat mooi niet door! Van speeltuinen moet je afblijven. Daar moet in gespeeld kunnen worden, er is al genoeg serieuze flauwekul tegenwoordig! Waar moeten de kinderen anders naar toe?'

'Daar gaan wij niet meer over,' antwoordt de burgemeester die voldoende mensenkennis bezit om te begrijpen dat je in sommige gevallen meteen duidelijk een gesprek moet aangaan, 'u zult bij de eigenaar van dat terrein moeten zijn. De gemeente heeft dat terrein verkocht aan de firma Schommelaer.'

'Verkocht? De speeltuin verkocht! Hoe is het mogelijk! Dan gaan we naar die Schommelaer. Kom mee, Coby!'

(c)2019 Hans van Gemert

Afbeelding: Pixabay


Deze episode in het leven van oom Frits en tante Coby sluit mooi aan bij de schrijfuitdaging van september 2019. Wil je daar meer over weten? Klik hieronder:


Lees verder: