Interview met een lieveheersbeestje


Er kruipen, lopen, vliegen en zwemmen veel kevers rond op onze planeet. Zeg maar gerust, héél veel soorten kevers. Elke derde diersoort is een kever en van de insecten (de grootste diergroep) bestaat bijna de helft uit kevers. Verder komen kevers (behalve de poolstreken) ook nog eens overal ter wereld voor. Het lieveheersbeestje is, naast het symbool tegen zinloos geweld, een symbool voor liefde en geluk. Ook houden zij mij soms de hele winter gezelschap. Daarover later meer.

Vandaag heb ik een interview met zo’n lief beestje.
‘Hoi, wil je je even voorstellen aan onze lezers?’

‘Met plezier! Ik ben Liesje, het lieveheersbeestje.’

interview

‘Prachtig. Laten we maar beginnen met de eerste vraag: is het aantal stippen van een lieveheersbeestje ook zijn leeftijd?’
Ik zie Liesje nu over de grond rollen van de lach.

‘Hahaha, nee hoor, was het maar waar. Lieveheersbeestjes worden niet ouder dan een jaar.’

‘Hè, wat jammer nou.’

‘Maar je kan ons wel herkennen aan onze kleuren en vlekken. En die zijn ook meteen een waarschuwing voor vogels!’

‘Oja? Hoe dan?’

‘Eet ons niet op, want wij zijn giftig en smaken heel vies!’

‘Oooh.’

‘Als je me niet gelooft, moet je maar eens op mijn schild drukken. Maar, niet te hard alsjeblieft.’

Ik druk zachtjes en ik word direct getrakteerd op een gelig vies en onwelriekend goedje.
‘Getver!’ Ik was snel mijn handen en ga door met de volgende vraag.
'Klopt het dat jullie dol zijn op bladluizen?’

‘Echt wel. Die zijn echt vet lekker! O, wacht, ik zie er één lopen. Vind je het erg als ik even…’

Twee minuten later en tien bladluizen minder komt ze weer bij me zitten.

‘Sorry,’ zegt ze nog nasmakkend, ‘maar als ik een bladluis zie lopen dan volgt de rest meestal vanzelf. En ik knaag er toch al snel een stuk of honderd per dag weg. Ik noem het maar een heerlijke verslaving.’

‘Ik lust ook wel eens een snoepje,’ glimlach ik.
Ik wacht tot haar mond leeg is en vraag verder. ‘Klopt het dat jullie ook wel eens halsbrekende toeren uithalen?’

‘Hoe bedoel je?’

‘Het gerucht gaat dat jullie ook ondersteboven kunnen lopen.’

‘O, bedoel je dat! Haha, dat kunnen wij inderdaad. Zal ik je ons geheim verklappen?’

Het lieveheersbeestje laat me de onderkant van haar voetjes zien. Die zijn bedekt met kleine borsteltjes. De uiteinden hiervan zijn zo klein dat ze heel goed in staat zijn om contact te maken met allerlei oppervlakken. Door dit goede contact kunnen ze blijven hangen.

Ze laat me haar trucje zien en ik maak snel een foto.
interview

‘Goh, ik krijg alweer honger,’ hoor ik haar zeggen.

‘Mag ik nog een vraag stellen?’

Goed dan,’ zegt ze vriendelijk.

‘Ga jullie ook wel eens op vakantie?’

‘Nou, we maken wel eens lange zwerftochten. Daarbij laten we ons meevoeren op de wind. Op die manier zoeken we nieuwe voedselbronnen op of trekken naar overwinteringsgebieden. Soms zijn er zelfs enorme zwermen van miljoenen lieveheersbeestjes!’

‘Wauw!’ roep ik. ‘Dat zou ik wel eens willen zien.’

Dan zou ik eerst maar eens leren vliegen,’ zegt ze.

‘Ik zal erover nadenken…’

‘Mag ik nu gaan?’

‘Nog één ding. Jij en nog enkele lieve soortgenoten hebben bij mij in huis de winter doorgebracht. En jullie waren van harte welkom, natuurlijk. Maar zijn er ook andere schuilplaatsen en hoe doorstaan jullie dan de kou?’

‘Nou, het zevenstippelig lieveheersbeestje bijvoorbeeld doorstaat de winter soms onder boombast. Hun lichaam past zich aan de kou aan met behulp van ‘antivriesmiddelen’ zoals druivensuiker, glycerine of speciale eiwitten die tegen de vorst beschermen.’

‘Geweldig! Mag ik je hartelijk danken voor het interview?’

‘Graag gedaan. Ik zie je deze lente vast nog wel eens voorbij komen met je camera. Jullie lijken soms onafscheidelijk. Dag allemaal!’
interview