Carnaval op school


'Nog vragen?' Juf Marja kijkt de klas nog eens rond, ziet wel een heleboel opgewonden gezichten, maar geen opgestoken vingers. 'Mooi, alles is dus duidelijk. Veel plezier met uitzoeken!'

Jorn stapt een paar minuutjes later naast zijn vriendje Jesse naar huis.

'Vet, een echt carnavalsfeest op school! Weet jij al hoe je gaat?'

Jesse haalt zijn schouders op. 'Nog niet helemaal.'

'Ik heb wel een idee.'

'Vertel!'

Ik heb toch zo'n Indianenpak, dat was ik de Indiaan en jij de cowboy.'

'Als cowboy?' Jesse moet even nadenken, 'met een hoed en pistolen?'

'Heb je die? Echte?'

'Nee gek, de juf ziet me aankomen zeg! Nee, waterpistolen natuurlijk, die heb ik wel.'

De ogen van Jorn beginnen te glimmen. 'Dat is ook vet! Daar kunnen we een hoop gein mee hebben!'

Jesse knikt,  'Maar die hoed, die kan niet tegen water.'

'Dan zal ik daar niet op mikken.'

'Nee, waag het eens!' Jesse grijnst, dat weet hij natuurlijk ook wel, het is toch ook veel leuker om stiekem op anderen te mikken. 'Maar, dat bedoel ik eigenlijk niet.'

'Wat dan?'

Jesse wijst met naar boven. 'Dat daar.'

Jorn kijkt nu ook omhoog. 'Het weer bedoel je?'

Jesse knikt. 'Volgens het weerbericht gaat het misschien wel regenen.'

'Jorn haalt zijn schouders op. 'Welnee, vast niet. Toch zeker niet de hele dag.'

Dat is natuurlijk vast zo.

De volgende ochtend wordt Jorn geschminkt als Indiaan, en Jesse wordt door zijn moeder voorzien van een heuse stoppelbaard. De pistolen worden, gevuld met water, in de holsters gestoken. Omdat geweld en wapens natuurlijk niks te maken hebben met carnaval worden er, ter verhoging van de feestvreugde, ook serpentines en zelfs een zakje confetti meegenomen.

Het weer valt toch tegen, de eerste druppels vallen.

'Ach nee,' moppert Jesse, ' nu zit ik er mee, die hoed wordt nat.'

Gelukkig is het niet ver en voor de bui echt losbarst zijn ze binnen

In de school staat de muziek al aan en de feestvierders willen zich enthousiast in het carnavalsgedruis storten.

Helaas krijgen ze de kans niet om hun waterpistolen te gebruiken, al bij de deur worden ze onderschept door juf Marja. 'Dat dacht ik al, geef die maar gauw af, mannen!'

'Krijgen we ze wel terug?' wil Jorn weten.

'Nou,' knipoogt de juf, 'misschien houd ik ze wel. Dat kan wel eens handig zijn als jullie niet opletten in de les.'

Gelukkig zien ze net hun klasgenoten binnen komen, waardoor een antwoord achterwege kan blijven, en samen duiken ze het feest in.


(c)2020 Hans van Gemert

Dit verhaal past in een drietal uitdagingen:

#schrijfuitdaging#100dagen#verhaal

De passage 'en nu zit ik' is ontleend aan: 'De goede zoon ' (Rob van Essen)