De perfecte puber


'Wat is er schat? Waarom loop je te ijsberen?'

'Mijn uiterlijk, mam, ik zie er niet uit.'

'Maar lieverd, wat een onzin, iedereen ziet er uit.'

'Jeetje, ik dacht dat ík autistisch was. Goed dan, ik zie er wel uit, maar als een trol.'

'Hoe kom je daar nu weer bij.'

'Voor de zoveelste keer, mam, ik ben een puber! Pubers horen onzeker te zijn. Leer dat nu maar eens te accepteren.'

'Maar om jezelf nou zo af te kraken...'

'Alle meisjes in mijn klas hebben wel iets negatiefs. De één is te dik, de ander heeft een puistenkop, weer een ander heeft haar wat nergens op slaat en ik heb daarover niets te klagen, dus moet ik wel wat verzinnen.'

Mijn glimlach verberg ik, juist deze maand komt het eigenlijk wel goed uit dat zij zichzelf een trol noemt.